Meer dan 20.000 pagina’s van de lustrumwebsite bekeken!

Vlak voor Kerst 2013, ruim negen maanden na de start van de lustrumwebsite stond de teller van het aantal pageviews (bekeken pagina’s) boven de 20.000! Dat geeft wel aan, dat er geregeld op de site wordt rondgeneusd, ondanks dat er de laatste paar maanden geen nieuwe verhalen, foto’s en filmpjes verschenen zijn. En daar komen ook de kijkers op de Facebookpagina over 80 jaar RC ’t Gooi nog bij. Facebook maakt daar uitgebreide statistieken over: 17 kolommen maar liefst. Twee daarvan zijn duidelijk: de datum en het aantal mensen dat de Facebookpagina heeft geliked. Dat zijn er 140.

Verder hebben 17.031 personen een bericht, filmpje of foto ‘geliked’ of een persoon op een foto ‘getagged’, 87.172 personen hebben geklikt op berichten en 542.733 mensen hebben berichten die zijn geplaatst gezien. Tenminste: als we het goed hebben begrepen… De overige kolommen dienen vooral om te imponeren en de eenvoudige lezer het statistische bos in te sturen. De aantallen zijn indrukwekkend: ze lopen op tot maar liefst 3.245.659! Maar wat ze nu precies voorstellen…?

’t Geeft in elk geval wel aan, dat ons lustrum niet ongemerkt voorbij is gegaan. De Top-10 pagina’s op de lustrumwebsite zijn:

1. Over… 3.295 16,4 %
2. Home page / Archives 2.192 10,9 %
3. Fotogalerie 1.571 7,8 %
4. Interviews 1.066 5,3 %
5. Jaren 80 762 3,8 %
6. Jaren 70 731 3,6 %
7. Jaren 60 en eerder 615 3,1 %
8. Jaren 90 557 2,8 %
9. Terug naar de toekomst in 1997 434 2,2 %
10. Specials 417 2,1 %
Totaal 11.640 58,1 %

De eerste twee betreffen de homepage; samen goed voor 5.487 pageviews (27,4%). De volgende categorie betreft foto-galeries en bestaat uit de nummers 3, 5, 6, 7 en 8: samen goed voor 4.236 pageviews (21,2%). Dan volgen de filmpjes: de nummers 4 en 10, samen goed voor 1.483 pageviews (7,4%). We kijken dus vooral naar foto’s en filmpjes. En dan blijft nummer 9 over: het eerste en enige verhaal in deze Top-10, met 434 pageviews (2,2%). Waarom nu juist dit verhaal zo goed scoort? Omdat de term ‘SWOT-analyse’ (analyse van sterkten en zwakten, kansen en bedreigingen) daarin voorkomt en er nogal wat studenten zijn, die Googlen op die zoekterm…

Na ’Terug naar de toekomst’ ziet de verhalen top-10 er als volgt uit:

1. Terug naar de toekomst

2. De Nijenrode connectie

3. Rugbypromotie in de jaren ‘70

4. Kampioen der kampioenen

5. Ben Hosman in gesprek met Herman Nijhuis

6. “Een leuk stel mannen”, door Tom Visser

7. September 1980: 148 – 13 voor RC ‘t Gooi

8. Felicitaties en herinneringen, door Tibor Snelders

9. De oertijd van RC ‘t Gooi: het échte verhaal

10. Café-restaurant Prinses Margriet

Nog niet allemaal gelezen? Grijp dan nu je kans en klik even door… O ja: we zijn van plan in januari en februari 2014 weer wat nieuwe verhalen en filmpjes op de site te zetten, want het lustrum-seizoen is nog niet afgelopen. Hou ‘t dus in de gaten!

Dr. Herman Dirk van Broekhuizen en z’n beker, door Tom Visser

1368377514_0398_jpgIk begrijp niet waarom bekers zo vaak de bekroning van een kampioenschap vormen: ‘t zijn volkomen nutteloze voorwerpen en meestal nog lelijk ook. Je zou ze voor geen goud in je huiskamer willen zetten, maar toch moeten we als sporters zo nodig die “cup met de grote oren”- of wat de bijnaam van zo’n ding ook maar mag zijn – veroveren. Waarom niet een vat bier als trofee? Daar heb je tenminste nog plezier van!

Hoe het ook zij: Rugby Club ‘t Gooi was gek van blijdschap bij het veroveren van de kampioenschapsbeker op 11 mei 2013, nadat we in 2009 ook al eens landskampioen mochten worden. En dat is natuurlijk waar het écht om gaat, zo’n beker is alleen maar een symbool. Maar waarom heet het ding eigenlijk de Van Broekhuizen beker?

1368377525_8600_jpg

Daar zit een spannend verhaal achter, dat helemaal in 1872 begon, toen er in Rijssen een domineeszoon werd geboren: Herman Dirk van Broekhuizen. Zijn vader was geruime tijd in Zuid-Afrika als predikant werkzaam geweest en de andere kinderen uit het Nederlandse gezin waren daar geboren. Na enige jaren vertrokken ze voorgoed naar Zuid-Afrika. Herman Dirk kreeg eerst thuis onderwijs en ging toen naar de middelbare school om vervolgens theologie te gaan studeren aan het Victoria-College te Stellenbosch. Hij zou net als zijn vader dominee worden.

cap“Broekie” van Broekhuizen met z’n cap van het Zuid-Afrikaanse team

Maar hij zat niet alleen met zijn neus in de boeken. Hij was populair onder z’n studiegenoten, joviaal en kameraadschappelijk. Hij had een voorliefde voor sport. In 1896 speelde hij met het Zuid-Afrikaanse rugbyteam tegen een bezoekend Engels touringteam. Vandaag de dag zouden we ze de Springboks en de British Lions noemen. Het Britse team speelde 21 wedstrijden, waarvan er slechts één gelijk eindigde en slechts één werd verloren. En in die ene verloren wedstrijd speelde Van Broekhuizen mee. Winnen van Engeland, dat was nog nooit vertoond! Het Zuid-Afrikaanse team uit 1896 moet in eigen land wel haast onsterfelijk zijn en Van Broekhuizen dus ook.

South Africa rugby team 1896Het Zuid-Afrikaanse team, dat in 1896 voor het eerst in de geschiedenis een Engels touringteam versloeg. Van Broekhuizen staat 2e van links op de achterste rij.

In 1897 ging Van Broekhuizen voor een studiereis naar Europa en het Midden-Oosten. Hij bezocht vele landen, waaronder Nederland. Na terugkeer in 1898 in Zuid-Afrika werd hij hulpprediker in Pretoria. Hij pleitte voor nauwe aansluiting van Transvaal, Oranje Vrijstaat en de Kaap. President Paul Kruger waardeerde hem en raadpleegde hem bij moeilijke kwesties. Toen in 1899 de oorlog met Engeland uitbrak nam hij deel aan de verdediging van het land. Hij werd gevangen genomen en naar Engeland verbannen. Hij wist het vasteland van Europa te bereiken, ging naar de VS en zamelde daar met succes geld in voor de vrouwen en kinderen die zich in Engelse concentratiekampen bevonden.

State President Paul Kruger at his inauguration in 1898De Zuid-Afrikaanse president “Oom Paul” Kruger

Terug in Nederland bepleitte hij in 1902 de invoering van het Afrikaans als de taal van Zuid-Afrika. Hij was de predikant en de toeverlaat van president Kruger tijdens diens verblijf in Nederland. In 1904 was hij weer in Zuid-Afrika en werd hij predikant in Kuilsrivier, bij Stellenbosch. Hij streed voor onderwijs in het Afrikaans, was een van de stichters van de Suid Afrikaanse Akademie vir Taal, Lettere en Kuns en initiatiefnemer van de jaarlijkse “Krugerdagviering”.  In 1912 kreeg hij een jaar studieverlof, dat hij aan de Utrechtse Universiteit doorbracht, echter zonder dat hij erin slaagde zijn proefschrift af te ronden.

Terug in Pretoria werd hij direct weer politiek actief. Hij was tegen de militaire operaties tegen Zuid-West-Afrika in het begin van de eerste wereldoorlog, kreeg als rebel een prijs op zijn hoofd en werd tot 18 maanden gevangenis veroordeeld. Zo maakte hij naam en bewees hij, dat hij hem woord en daad één waren. Hij raakte bevriend met vooraanstaande personen en werd predikant bij de Hervormde Kerk te Pretoria. In 1922 ging hij weer naar Nederland, rondde zijn proefschrift af en behaalde de graad van doctor in de Godgeleerdheid. In 1925 werd hij tot lid van de Volksraad voor de Nationalistische Partij gekozen, wat het einde van zijn loopbaan als predikant betekende.

broekhuyzen bezoekt Rijssen 27-11-1935Zuid-Afrikaans gezant Dr. H.D. van Broekhuizen bezocht zijn geboorteplaats Rijssen op 27 november 1935. Hij staat op de voorste rij, 8e van links.

Hij werd benoemd tot gezant van Zuid-Afrika in Nederland en later ook in België. Hij heeft zich zeer ingespannen voor een betere verhouding tussen Nederland en Zuid-Afrika. Na de Duitse inval in Nederland en België woonde hij in Londen. In 1941 ging hij wegens de gezondheid van zijn vrouw terug naar Zuid-Afrika, na ontslag als gezant te hebben gekregen. Zijn vrouw overleed in 1945 en hijzelf in 1953.

Bij het bezoek aan Nederland van het Zuid-Afrikaans cricketteam op 14 en 15 september 1935 kwamen Van Broekhuizen en NRB-voorzitter Henri van Booven elkaar tegen. Beiden hadden ze belangstelling voor o.a. literatuur, cricket en rugby. De NRB kreeg van Van Broekhuizen een kostbare, puur zilveren beker cadeau. In de NRB-bestuursvergadering van 23 september 1935 werd deze in dank aanvaard en bestemd als wisselbeker voor de rugby-landskampioen. En dat is de Van Broekhuizen beker tot op de dag van vandaag.

1368377530_1665_jpgDaarmee blijft zo’n beker een nutteloos en – naar mijn smaak – lelijk ding, maar wel een voorwerp waar een mooi verhaal aan vast zit. En dat maakt het er een stuk interessanter op. Inmiddels is de beker niet meer helemaal puntgaaf en is ook de glans er een beetje af: teveel rugbyhanden, enthousiasme en bier, denk ik en misschien iets te weinig zilverpoets… Maar wel een mooi stukje Nederlandse rugbyhistorie!

1369893931_7830_jpg

Bronnen:

DBNL Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren

Rugby-pioneers

Leo van Herwijnen Rugby Foundation (met een filmpje, waarin Van Broekhuizen voorkomt)

Rijssen in beeld

De paden op (2013)

IMG_6669

“Of-ie gek geworden was?” en of ‘t echt geen grap was? Dat waren reacties die Jack Heer te horen kreeg op zijn idee om met een aantal oud-rugbyers met enige regelmaat een uurtje of zo te gaan wandelen. Nou had hij het er wel een beetje naar gemaakt, hij schreef namelijk: met ingang van 1 april ga ik mijn leven omgooien (of zoiets), en dat is natuurlijk wél een verdachte datum.

IMG_6667

“Het schijnt goed voor je conditie te zijn“ was z’n argument “en nog gezellig ook”. Dat gaf de doorslag. Bij de eerste expeditie, begin april, vertrokken er zeven helden vanaf het clubhuis voor een rondje om de vesting. In vroeger jaren een rondje, dat als de toestand van het veld trainen niet toeliet, hollend in het donker als trainingsrondje werd afgelegd. Nu bij daglicht en in een iets bedaagder tempo dan voorheen.

IMG_6673

‘t Ging langs voormalig clubhuis de Utrechtse Poort, de Promerskazerne en de kinderboerderij en vervolgens om de vesting heen weer terug naar het clubhuis. Daar werd nagepraat met koffie en gebak. Dat ’t naar meer smaakte blijkt, want inmiddels is de wandelclub er al weer enkele malen op uit geweest in de omgeving van Naarden. Binnenkort staat de eerste wandeling in “vreemde” omgeving op het programma: in Hilversum.

IMG_6696

Wat dit met ’t lustrum van RC ’t Gooi te maken heeft? Ga maar na: de zeven wandelaars dragen met elkaar zo’n 250 á 300 jaar betrokkenheid bij de club met zich mee….

Zie ook de foto’s en het filmpje over dit zelfde onderwerp!

 

Stropdassen enzo

“Stropdassenbriefje” van ons erelid J.A.J. (Bob) de Jonge uit 1954

Voorwerpen dragen geschiedenis met zich mee. Geef iemand een foto van vroeger en de verhalen komen vanzelf. Dat geldt ook voor een van de traditionele uiterlijkheden binnen het Gooise rugby-wereldje: de stropdas. Geliefd door de een, gehaat door de ander, maar onvermijdelijk aanwezig in de combinatie “jasje – dasje” bij de min of meer officiële gelegenheden van RC ’t Gooi. Soms gekoesterd als een dierbare herinnering, soms verguisd als een ruilobject dat niemand wilde ruilen.

De nieuwe lustrum-stropdas 2013 

De lustrum-stropdas uit 1978

Natuurlijk is er de stropdas van de eigen club. De laatste loot aan de RC ’t Gooi stropdassen-stam is de 80 jaar stropdas uit 2013. Nog helemaal fris en fruitig, zonder brandgaatjes, slijtage en rare vlekken. Moet zich nog bewijzen in de “harde” rugbypraktijk.

Een eenvoudig “touwtje”: de das van Parkhouse

Dat geldt zeker niet voor de RC ’t Gooi lustrum-stropdas uit 1978. Een typisch tijdsbeeld: breed als een schort en met dezelfde leeuw-met-de-dikke-nek, die nog steeds in de Poort naast de open haard aan de muur hangt. Je moet ervan houden, zullen we maar zeggen.

Een “luxe”, gevoerde stropdas

En dan zijn er de stropdassen van andere clubs uit binnen- en vooral buitenland. Daar zitten vaak de verhalen over trips aan vast, die naarmate ze langer geleden zijn steeds mooier worden… Soms als cadeau ontvangen, soms door ruiling verkregen, soms gewoon gekocht, soms op slinkse wijze “geregeld”.

De smalle, eenvoudige “touwtjes” uit de jaren ’60 contrasteren met de luxere exemplaren – met een heuse voering – van tegenwoordig. Maar dat zegt niets over de emotionele waarde: die kan voor een simpel “touwtje” zelfs groter zijn! Neem bijvoorbeeld de Parkhouse-stropdas, waaraan voor sommigen dierbare herinneringen verbonden zijn. Of  die foeilelijke, uit Polen geïmporteerde smalle roze stropdas van het fameuze 4e team uit de jaren ’80: wie zou ‘m niet willen hebben! By the way: wie heeft er nog één? Die mag hier natuurlijk niet ontbreken!

Badge van de North Petherton Rugby Football Club

Kampioens-vlinderstrik van het 2e team uit 1999, onder een bekende adamsappel

Naast de stropdassen zijn er de “exoten”: de badges, chokers, vlinderstrikjes en dergelijke, die ook de functie hebben om te laten zien wie je bent, of beter tot welk clubje je behoort of wilt behoren. Dat klinkt allemaal vrij serieus, maar we gaan er met een glimlach en een knipoog mee om. En zo hoort ’t ook!

Zie ook de fotogallerij “Stropdassen enzo”.