Hommage aan Frits Frankfort (1977)

1368377528_2510_jpgRC ’t Gooi landskampioen 2013

11 Mei 2013 moet wel een topdag zijn geweest voor de 85-jarige Frits Frankfort: hij mocht de kampioenschapsbeker uitreiken aan de nieuwe landskampioen. En dat zou óf RC Hilversum óf RC ‘t Gooi worden, allebei clubs waaraan Frits vele jaren met hart en ziel zijn niet geringe rugbykennis beschikbaar stelde. Met het ene puntje verschil in de laatste minuut in het voordeel van RC ‘t Gooi was hij vast net zo blij als hij met de omgekeerde uitslag geweest zou zijn… Eind 1977 schreef een anonieme redacteur van De Scrum het nu volgende waarderende verhaal over Frits onder de titel “Hommage aan een 50 jarige oud-Gooi rugbyer”; de redactie is hier en daar enigszins aangepast.

Frits Frankfort-01Deze keer willen wij Frits Frankfort eens in de schijnwerpers zetten, omdat hij onlangs 50 jaar is geworden en omdat hij een enorme hoeveelheid werk voor de rugbysport heeft verzet. Frits werd op 9 november A. ("Pa") Büchner, trainer en coach 1944-19621927 te Deurne in België uit Nederlandse ouders geboren. Hij is beslist geen Belg, moesten we van hem speciaal vermelden. Frits is zijn rugby-loopbaan in de zomer van 1945 bij RC ’t Gooi begonnen. Door Piet van Lingen (ook een oud-Gooier) werd hij meegenomen naar een demonstratie-rugbywedstrijd, Noord-Holland tegen Zuid-Holland, op het sportpark te Hilversum, tegenwoordig het Nationale Rugby Centrum. Samen met Cor de Rie kwam hij toen in handen van Pa Büchner.

Voormalig Gooi-trainer Adolf “Pa” Büchner

Door hem werd Frits wat hij noemt “aangepakt”, dat wil zeggen 2x per week een uur lang een bal tegen een paaltje gooien en weer opvangen. Frits noemde dit “paaltje pissen”. Pa Büchner had het echter juist gezien: Frits kon na verloop van tijd blindelings passen en goed ook.

foto014RC ’t Gooi-team van ca. 1953. Achter: Bert de Boer, Leo Toff, ?, Ferry de By, ?, ?, Piet Dijkman, Dolf Plat, Cor de Rie. Voor: ?, ?, ?, Frits Frankfort, ?, ?.

De toenmalige driekwartlijn met Frits als scrum half, Werner Büchner fly half, Ad Nordeman 1e center, Cor de Rie 2e center en Peter Maas en Frans Buys als wings liep dan ook als een trein. Toentertijd speelden meer 2004 Zes pioniers RC HilversumHilversummers bij ‘t Gooi, zoals Joop Gorel, Wim Ouwerkerk, Pim Ooms, Dave van de Giessen, Henk Giel en Cor de Rie. Samen met deze vrienden heeft Frits op 23 september 1954 Rugby Club Hilversum opgericht. Belangrijke factor was hierbij de kleur van het shirt. De keus is toen gevallen op blauw/wit, want die waren per 1.000 stuks goedkoper.

De Gooiers die in 1954 RC Hilversum oprichtten

Zijn laatste interland speelde hij op 37-jarige leeftijd, hij had toen zo’n 39 maal voor het nationale team gespeeld. Met de Impala’s mee komt hij tot ongeveer 80 wedstrijden voor Nederland: voorwaar een prestatie. Wedstrijden met ontzettende pakken slaag, maar ook met enorm veel plezierige herinneringen. Zoals de wedstrijd tegen de Belgen. Verzamelen westzijde Centraal Station in Amsterdam. Eén van de spelers mocht niet van zijn vrouw. Goede raad was duur. Nog een Gooi-speler, namelijk Leo Toff,werd om 7 uur van zijn bed gelicht, maar was er pas om 6 uur ingegaan, na een feest. Zulke dingen gebeurden toen.

1974-02-05 Hilversum-Gooi-22Frits Frankfort in actie als oude meester in een wedstrijd RC Hilversum – RC ’t Gooi op 5 februari 1974

Frits was zo’n 40, 41 jaar, toen hij trainer werd van de A-selectie van de NRB. Dat heeft hij 2 jaar gedaan en toen werd het overgenomen door Gert van Rheenen. De 16-18 selectie werd toen de zorg van Frits. Na veel trainen werd de eerste buitenlandse trip naar Heidelberg (zeer sterk) winnend afgesloten. In 1970 werd hij weer trainer van het A-team en begon tevens de samenwerking met Denis Power. Om zich verder te bekwamen in de rugbysport volgde Frits diverse training/coaching cursussen in Engeland, Schotland en Wales, wat hem nu in de praktijk van zeer veel nut is. Momenteel is Frits Senior Coach (deze wordt door de NRB benoemd), docent trainerscursussen, examinator en lid van de selectiecommissie, samen met Denis Power en Theo Snijders. Tevens is hij nog commissielid opleidingen. Via Pim Ooms heeft hij 1 maal zwangere huismussen beziggehouden, maar dat nooit meer.

Frits Frankfort SingersLogo van de Frits Frankfort Singers

De trip met de Hilversumse Rugbyclub naar Hull weet Frits zich nog maar al te goed te herinneren. Vandaar dat de laatste trip georganiseerd moest worden onder de naam “Frits Frankfort Singers”, een geniale vondst van Aart Baartwijk, zodat men Engeland kon binnenkomen. Zelfs de ontbijttickets waren gesteld op naam van de “Frits Frankfort Singers” en het hotel was dan ook in de stellige overtuiging dat men met een zangkoor, maar dan wel een raar zangkoor, te maken had.

foto186De aanstormende jeugd in 1977, 16-18 sevens-team. Staand: Marcel Jacobs, Henk Rohaan, Jeroen Snijders Blok, Jan Rohaan. Geknield: Michiel Veldkamp, Mark Dekker, Ted Anema.

Op de vraag hoe Frits nu ‘t Gooi ziet moet hij eerlijk bekennen, dat wij momenteel een groep hebben waar in de toekomst veel mee te bereiken valt. Duidelijk is dat de jeugd een veel grotere inbreng heeft dan voorheen het geval was. Hij heeft ook vernomen, dat wij een zeer goed sociaal verzorgd jeugdwerkbeleid voeren. Het rendement komt echter pas over enige jaren goed tot zijn recht met spelers als Vincent Snijders Blok en Ton Jacobs. Ook selectiespelers als de gebroeders Rohaan, Jeroen Snijders Blok en Louk Slabbers zullen hun stempel op ’t Gooi gaan drukken.

Maar Rugby-Nederland is in feite nog te klein. Wij zullen moeten groeien naar 150 tot 200 clubs. Speltechnisch/tactisch en conditioneel liggen wij al een stuk hoger dan vroeger. Er is een duidelijke groei qua spelsterkte waarneembaar en dat is een gezonde zaak. Kijk maar naar de ereklasse met zijn verrassende uitslagen. Het zijn echt niet meer de drie clubs die de toon aangeven. Ook de promotieklasse komt steeds dichter bij de ereklasse te liggen. Er zal echter een reserveklasse aan toegevoegd moeten worden, waarin de tweede teams van de ereklasse zullen moeten gaan spelen. Je voorkomt hiermee, dat een tweede team de promotie kan tegengaan van een vereniging welke in deze promotieklasse speelt naar de ereklasse.

Rozenboom BussumVoormalig hotel café-restaurant De Rozenboom, Bussum

Frits heeft de beste herinneringen aan zijn Gooi-jaren, vooral de feesten in de Rozenboom en de Promers liggen bij hem nog vers in het geheugen. “Ach“, zegt hij, “er is in feite geen enkele club in Nederland die zulke grandioze feesten kon organiseren als ’t Gooi“. Frits is nu trainer van de jeugdteams 14-16 en 16-18 van Hilversum en begint een leuke ploeg op te bouwen. Over een jaar kan hij een zeer sterk team op de been brengen. En daar zal het van moeten komen. Erg belangrijk. Hij heeft ons eerste team aan het begin van het seizoen zien spelen en is tot de conclusie gekomen, dat er nu een team staat met spirit en veel goed, jong materiaal. Je moet ze echter wel hard maken.

1948-04 Geselecteerd schoolteamApril 1948, geselecteerd schoolteam; Frits Frankfort (20 jaar oud) 4e van links op de eerste rij.

“Rugby“, zegt Frits, “is een sport die mij van nature aantrok. Ik was vroeger dan ook een enorme gifkikker en had 12 bazen in een jaar, soms meer. Maar door het rugby ben ik enorm veranderd. Ik heb mij leren beheersen, wat me duidelijk van pas komt“. De spelverruwing neemt toe in de rugbysport. “Maar“, zegt Frits, “rugby is een harde sport, een lichamelijke contactsport, die op een faire manier kan worden gespeeld“. Aan schoppen en slaan heeft Frits een vreselijke hekel. Toch is hij ervan overtuigd, dat de Internationale Rugby Bond de zaken beter aanpakt dan de Internationale Voetbal Bond, door alleen al de spelregels te veranderen.

Om tot betere sportprestaties in het algemeen te komen zou Frits graag zien dat de gymleraren onderling elkaar attenderen op jonge talenten, in welke tak van sport dan ook, om dan deze verder te kunnen begeleiden op de manier zoals de Oostbloklanden dat doen, maar dan wel met alle vrijheden zoals wij ze hebben. De talenten signaleren en stimuleren zou een zeer goede zaak voor geheel sportbeoefenend Nederland zijn.

Bondscoach Frits Frankfort met zijn jongensBondscoach Frits Frankfort met “zijn jongens”, begin jaren ’80

Voor Frits ligt er echter nog een zeer grote taak te wachten bij de jeugd van Rugby Club Hilversum. Wij kunnen en willen niets anders zeggen dan: “Frits zeer veel succes en wij hopen nog vele malen tegen jouw jeugdteams te kunnen spelen. Hartelijk dank voor je komst naar de Poort“.

Zie ook:

Frits Frankfort als NRB-wedstrijdsecretaris (1956 e.v.)

De afsplitsing van RC Hilversum (1954)

 

“Een leuk stel mannen”, door Tom Visser

 

1937 teamfoto met oa Bep van Kooten

 Gooi-team uit 1937-38, demonstratiewedstrijd in Dieren. Geknield: Kees Meeuwis, Johan de Kooter, Bob Lamberton, Fred Huyer, Elbert Kortenoever, Walt Jongman. Staand: Bob de Jonge, Dolf Plat (met scrum-cap), Jan van Schaik, Bob Swart (met alpinopet), Ko Munnikhuizen, Bep van Kooten, Witte van Heijningen, Rein Koopmans, Zöllner, Jaap van Schaik, onbekende heer in regenjas.

Walter Koopmans en Marie Sophie Wesel reageerden op het verhaal “Ben Hosman in gesprek met Herman Nijhuis (1977)” op deze lustrumwebsite. Zij bleken de zoon en de kleindochter te zijn van ons oer-lid Rein Koopmans, die in de jaren ‘30 en ‘40 rugby speelde bij het toen nog piepjonge RC ‘t Gooi. Rein speelde onder meer mee in de heroïsche sneeuwwedstrijd tegen Anderlecht in 1946. Aat & Walter KoopmansHij overleed in 1992 op 76-jarige leeftijd. Via Walter Koopmans – vernoemd naar een ander oer-lid van RC ’t Gooi, Walt Jongman – kwam ik in contact met zijn 92-jarige moeder, mevrouw Aat Koopmans-de Vries.  

Aat Koopmans-de Vries met zoon Walter Koopmans

Het plan werd bedacht om een verhaal voor de lustrumwebsite te maken over Rein Koopmans en de beginjaren van RC ‘t Gooi en vragen, zoals “wat voor club was het toen?” en “hoe gingen ze met elkaar om?” te beantwoorden. Er vond een gesprek plaats, waarbij vergeelde documenten en oude foto’s op tafel kwamen. En natuurlijk de verhalen van lang geleden.

Feest 12 1/2 jr RC 't Gooi in 1945Vergeeld krantenartikel over het 12,5 jarig jubileumfeest in 1945

Reinold Koopmans werd geboren in 1915 in Blaricum. Hij ging naar de tekenschool (ambachtschool) in Hilversum, net als zijn vriend Henk de Vries, de broer van zijn latere vrouw Aat. Rein dook vanwege de razzia’s door de Duitsers in 1943 of 1944 onder bij de familie De Vries om aan tewerkstelling in Duitsland te ontkomen. Daar leerden Aat de Vries en Rein Koopmans elkaar kennen. Zo raakte Aat betrokken bij RC ’t Gooi.

“’t Was een leuk stel mannen” zegt ze over die tijd, “je voelde je er thuis, ook met de vrouwen van de spelers. Er werd nooit gescholden of lelijke dingen gezegd. De meeste spelers waren ook geen grote, stoere jongens. Ze speelden niet op kracht, maar volgens de spelregels. Dieter Büchner en Walt Jongman – de neef van Rein – waren wel grote kerels. Rein Koopmans was niet groot, zo’n 1.75 m lang, hij was rustig, trad niet op de voorgrond, maar was als speler gedreven, soms fanatiek. Ook buiten het rugbyveld gingen ze met elkaar om, het was een echte vriendenclub. Zo werd er bijvoorbeeld gezamenlijk gekampeerd op het strand van Egmond aan Zee, dat mocht toen nog“.

ReinK-35Kamperen op het strand van Egmond aan Zee in 1934/35: RC ’t Gooi-oprichter Henk Kruissink, Johan de Kooter, Bob Lamberton, Witte van Heijningen, Walt Jongman

Toen Rein en Aat in 1946 trouwden vond haar schoonvader, dat het nu tijd was om maar eens op te houden met dat rugby-spelen en alle energie in werk en carrière te steken. Maar dat was niet naar de zin van Aat en dat gebeurde dus ook niet. Rein is nadat hij met spelen stopte nog vele jaren lid van de rugbyclub gebleven. De vriendenkring uit die tijd is heel lang blijven bestaan, vaak tot het overlijden toe. Rein en Aat Koopmans waren in het bijzonder bevriend met neef Walt Jongman, Ben Hosman, Frans Buys, Dick Bouwman, Gé Meerman, Bob Zwart, Kees Meeuwis, Bob Lamberton en Witte van Heijningen en hun partners. Dat bleef niet beperkt tot wederzijdse bezoeken en verjaardagskaartjes, maar omvatte ook gemeenschappelijke hobbies. Zo waren Rein Koopmans, Dick Bouwman en Ben Hosman alle drie enthousiaste amateur-kunstschilders.

ReinK-15Tekening van Dick Bouwman voor de 75ste verjaardag van Rein Koopmans

Zoon Walter Koopmans ging wel met z’n vader mee naar de feestjes in de Utrechtse Poort. Hij heeft zich zelfs laten verleiden om bij ’t Gooi te gaan rugbyen, maar dat bleek toch niet z’n roeping te zijn. Rein Koopmans bleef altijd belangstellend naar het wel en wee van RC ’t Gooi. Zo nam hij deel aan de reünies van oud-spelers in 1978 en 1983, in het toen hagelnieuwe clubhuis.

1978 Lustrum-06Rein en Aat Koopmans bij de lustrum-reünie in 1978, rechts vooraan op de tribune van het sportpark in Hilversum, tussen de andere RC ‘t Gooi-reünisten

1983-04-23 Lustrum reunie-02Oud-spelers bij de lustrum-reünie in 1983. Achter: Cor de Rie, Dieter Büchner, Dick Bouwman. Midden: Witte van Heijningen, Kees Meeuwis, Dolf Plat, Henk van Zalinge, Wim Klink, Paul Engelblik. Vooraan: Rein Koopmans, Henk Ulrici, Jaap Klasema, Ben Hosman, Louis Hosman, Bob Lenderink.

Zie ook:

Ben Hosman in gesprek met Herman Nijhuis (1977)

De heroïsche sneeuwwedstrijd tegen Anderlecht (1946) 

Vlak na de oorlog: 12 1/2 jaar RC ’t Gooi (1945)

Pa Büchner, een “vergeten” erelid? (jaren ’40/’50)

A. ("Pa") Büchner, trainer en coach 1944-1962Aquarel van Pa Büchner

In 1988 ondernam oud-Gooispeler Jaap van den Berge een actie voor erkenning van de verdiensten van de heer Adolf Büchner, de vader van de oud-Gooiers Werner en Dieter Büchner. BApril 1998, Ge Meerman, Jaap vd Berge, Louis Kehrer, Rien Termeulenij zijn bezoeken aan de lustrum-reünies in het nieuwe clubhuis in 1983 en 1988 was het Jaap opgevallen, dat er geen aandacht aan deze opmerkelijke figuur uit de Gooi-historie besteed werd. Zijn actie leidde er onder meer toe, dat Adolf Büchner in 1989 postuum tot erelid van RC ’t Gooi benoemd werd. Wie was eigenlijk deze heer Büchner, die niet alleen door zijn zoons “pa” werd genoemd?

Jaap van den Berge (rechts) met Gé Meerman bij de lustrumviering 1998

Zo’n 25 jaar eerder stond er in de De Scrum van 28 augustus 1963 een in memoriam voor Adolf Büchner met als titel “Terugblik”, dat een aardig inzicht biedt in de persoon Pa Büchner. De datum van zijn overlijden wordt niet genoemd. Schrijver: die zelfde Jaap van den Berge.

IM Pa Buchner-01

00 teamfoto-01

RC ’t Gooi-teamfoto uit ca. 1952 met o.a. Dieter Büchner (staand, 3e van links) en Werner Büchner (vooraan, met bal)

IM Pa Buchner-02

1943 kaartje leggen bij fam BuchnerKaartje leggen bij de fam. Büchner, ca. 1943, Theo Terlingen, Joop Dooyer (beiden geen rugbyer), Bob Lenderink, Dieter Büchner, Tonny de Lange (geen rugbyer)

IM Pa Buchner-03

1948-04 Geselecteerd schoolteamTeam van Bussumse middelbare scholieren, dat in april 1948 tegen een schoolteam uit Liverpool speelde. Geknield: ?, Werner Buchner, Bob Lenderink, Frits Frankfort, ?, ?

IM Pa Buchner-04

1945-12-23 Ned-Belgie teamsDe eerste naoorlogse Nederland – België op 23 december 1945 op Sportpark Zuid in Bussum. Links met bloemen bondsbestuurder (en Gooier) Kees Meeuwis, rechts met alpinopet scheidsrechter Paul Béchet. De Belgen dragen vesten.

IM Pa Buchner-05

1948-02-07 bal masque midden pa BuchnerBal masqué, 7 februari 1948, ?, hr. Von Stein (schilder), Dieter Büchner, pa Büchner, mw. Büchner, Werner Büchner, ?

IM Pa Buchner-06

1962-12-16 Hannover Victoria-01Bezoek van Victoria Hannover met Gooi-bestuur aan stadhuis Naarden eind 1962

IM Pa Buchner-07

Bob Lenderink met Pien-03 en pa BuchnerPa Büchner met pijp bij het bal masqué 7 februari 1948 

Ook buiten RC ’t Gooi bleef Pa Büchner niet onopgemerkt; zo zei Toon Bogers, oud-speler van AAC en erelid van de NRB, in de lustrum-Scrum van 2003 over de jaren kort na de oorlog: “In die tijd was pa Büchner, de vader van Werner en Dieter, coach en wel een zeer bijzondere. Vooral ten aanzien van zijn terminologie, hij was van Duitse komaf en hij hanteerde langs de lijn de Duitse termen, zo brulde hij “unter die Billen”, wanneer hij vond dat de scrum niet laag genoeg inkwam, de line-out was “die Gasse” en de scrum “Gedrängel”, opmerkelijk was, dat niemand daar aanstoot aan nam en dat vlak na de oorlog”.

Een markante man dus, die het verdiende om erelid te zijn. Wel opmerkelijk, dat hij in 1989 postuum tot erelid werd benoemd, terwijl hij dat blijkens het in memoriam van Jaap van den Berge uit 1963 al was. Blijkbaar dus een “vergeten” erelid, niet alleen door de club, maar ook door Jaap van den Berge.

Zie ook ‘De eerste interland na de oorlog’.

Café-restaurant Prinses Margriet (jaren ’50)

 

1963 advertentie Prinses Margriet in ScrumAdvertentie van café-restaurant Prinses Margriet in De Scrum in de jaren ’60

In Bussums Nieuws van 2 maart 2011 stond een berichtje over lezer Jan Schippers, die  45 jaar geleden rijexamen deed vanuit café-restaurant Prinses Margriet op de hoek Brediusweg / Vossiuslaan: “Het CBR nam destijds in een rokerig bovenzaaltje van Prinses Margriet de theorie-examens af. En bij dit ietwat morsige café-restaurant vertrokken ook de examenkandidaten met hun lesauto’s, om er blij of in-verdrietig weer terug te keren“.

R-28Het voormalige Bussumse café-restaurant Prinses Margriet op de hoek van de Brediusweg en de Vossiuslaan

Maar Prinses Margriet was ook jarenlang de plaats van samenkomst van RC ‘t Gooi vóór de uitwedstrijden en na de thuiswedstrijden. We hebben het dan vooral over de periode tot eind 1961, toen de Utrechtse Poort in de Naardense vesting ons clubhuis werd. Maar ook daarna werd wel bij Prinses Margriet verzameld. We vroegen enkele oud-spelers naar hun herinneren aan het voormalige café-restaurant. Joop Meijer weet nog, dat de familie Plat een eindje verder aan de Brediusweg woonde en met vier rugbyende zonen wilde het nog wel eens druk worden in huize Plat. Prinses Margriet diende dan als het verlengstuk van de huiskamer van de familie Plat. Hans van den Bovenkamp mocht in het begin nog niet met z’n vader Joop mee naar Prinses Margriet vanwege z’n jeugdige leeftijd, het bier en de rugbysongs. Maar dat is later allemaal goed gekomen… Sicco Scheltema herinnert zich, dat het prima ging, als je er met een klein groepje kwam, maar als we met de tegenstanders kwamen konden ze het eigenlijk niet aan en al helemaal niet als het om een groep dorstige Engelsen ging. We gingen dan naar het bovenkamertje en als je dan met je zes biertjes boven kwam waren ze onderweg “verdampt”.

CA-31AHet interieur van het bovenzaaltje van Prinses Margriet

In het bovenzaaltje hadden de rijexaminatoren elk een eigen tafeltje. Op de bordjes zijn de namen te onderscheiden van Lette en Krayenbrink. Het winterlandschap op de achterwand werd in 1945 geschilderd door de bekende Bussumse kunstenaar Jan Verhoeven. Café-restaurant Prinses Margriet stond op de plaats waar nu de ABN Amro Bank staat. Het was niet alleen de oproepplaats voor rijexamens, maar ook een bekend biljartcafé, met drie Wilhelmina-biljarts, waarvan één officieel wedstrijdbiljart. Na een lange tijd van leegstand brandde het op 4 juli 1979 geheel af, vermoedelijk door spelende kinderen.

CA-33AOok voor biljarters

 1963-12-02 Scrum Feest in Prinses MargrietAankondiging van rugbyfeest in Prinses Margriet in De Scrum van 2 december 1963

 CA-34AHet interieur van Prinses Margriet

De foto’s bij dit artikel zijn afkomstig uit de Collectie M.J.M. Heyne Bussum (www.beeldvanbussum.nl), waarvoor hartelijk dank!

 

Nederland-Tsjechoslowakije (1946)

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-02

Anderhalf jaar na de oorlog, op zondag 10 november 1946, speelde het Nederlands vijftiental tegen Tsjechoslowakije op het Bussumse Sportpark Zuid. De selectie voor deze wedstrijd bestond uit 19 spelers, waarvan maar liefst 11 van AAC. Er zaten ook 2 Gooiers bij: Van Heijningen was fullback en Hosman reserve.

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-01

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-031946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-05De onbekende Tsjechoslowaken verrasten Nederland door “enigszins in Franse stijl” te spelen. Het waren “goed getrainde en stevige spelers, die het de Hollanders niet gemakkelijk hebben gemaakt”, wat resulteerde in een 0-11 ruststand. In de tweede helft kwam Nederland dankzij opvallende acties van ARVC-speler Hans van Swol terug, wat twee tries opleverde. Maar ook de Tsjechoslowaken scoorden nog en dat leverde de eindstand van 8-14 en daarmee een onverwachte nederlaag op.

De interland werd georganiseerd door RC ’t Gooi en trok 870 betalende bezoekers, waarvan er 543 een kaartje van 60 cent kochten en de overige 327 voor het gereduceerde tarief van 25 cent naar binnen mochten. Daarmee kwam de totale recette op 407,55 gulden. Na aftrek van de kosten bleef er een positief resultaat van 95,63 gulden over, waarvan ’t Gooi 10%, ofwel 9,56 gulden mocht behouden. Tel uit je winst!

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-04

Pieter Tolsma van AAC stuurde ons de nodige documenten en foto’s van momenten uit de wedstrijd van Nederland tegen Tsjechoslowakije (waarvoor hartelijk dank!).

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-061946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-07

Weg van Bussum (1956/1957)

In 1943 of 1944 – er zijn geen archiefstukken van, dus precies weten we het niet – moest RC ’t Gooi het terrein bij de Bussumse watertoren verlaten in opdracht van de Duitse bezetter. Volgens ons jubileumboek uit 1983 ging er in maart 1944 een schrijven de deur uit naar alle leden, oud-leden en belangstellenden, waarin o.a. werd aangekondigd, dat RC ’t Gooi voortaan op het Bussumse Sportpark Zuid zou gaan spelen. In een besluit van de Bussumsche Algemeene Sportstichting werd het goede nieuws bevestigd. De verhuur zou op 1 mei 1944 ingaan.

1944-05-01 besluit verhuur Sportpark Zuid

Toon Bogers, oud-speler van AAC en erelid van de NRB, zegt in de lustrum-Scrum van 2003 over Sportpark Zuid: “Het Gooi had een zeer bijzonder veld, het was voordien gebruikt voor de hippische sport; maar het veld was verschrikkelijk slecht, met grote kale plekken en kuilen en hinderlijke graspollen. Maar niemand die dat deerde, want behalve de prachtige tribune die ze hadden waren er ook warme douches en dat was een niet te verwaarlozen punt”. De rugbyers hadden het best naar hun zin, ondanks het slechte veld.

2 april (2e Paasdag) 1956. RC 't Gooi vs Old Lutonians op Sportpark Zuid Bussum

Op 2 april 1956 (2e Paasdag) speelde RC ’t Gooi tegen Old Lutonians op Sportpark Zuid in Bussum

Twaalf jaar later zag het er minder florissant uit. Je zou de situatie kunnen typeren als goal displacement: het verschijnsel, dat het middel belangrijker wordt dan het doel. Zoiets was er aan de hand, toen op 20 juli 1956 de gemeente Bussum in een brief aan RC ’t Gooi schreef: “dat wij tot ons leedwezen geen speelgelegenheid ter beschikking van uw vereniging kunnen stellen”. Als reden werd aangevoerd: “de overweging, dat de pas gelegde nieuwe grasmat in sterke mate behoort te worden ontzien en dus met grote voorzichtigheid behoort te worden bespeeld”. Dus: liever een prachtig sportveld, dan sporters die er gebruik van maken. Een merkwaardige afweging.

Maar RC ’t Gooi zat er maar mee. De club moest weg van Sportpark Zuid en de gemeente Bussum kon – of wilde – geen enkel ander veld beschikbaar stellen. Het jubileumboek uit 1983 meldt hier het volgende over.

78 bovenaan

In november 1956 worden de afspraken tussen RC ’t Gooi en Chefana schriftelijk bevestigd, waarna er gerugbyd kan worden.

79 bovenaan

In maart 1957 probeert het RC ’t Gooi-bestuur nog eens een veld toegewezen te krijgen bij de wethouder van Sportzaken van de gemeente Bussum, maar weer zonder resultaat. Er wordt vervolgens aan de gemeente Naarden gevraagd of ze bereid is onderdak te verlenen aan de dakloze club en dat is ze.

1957-04-25 brf gem Naarden over sportveld

Blij met deze kans neemt de club zich voor de proeftijd goed door te komen, z’n beste beentje voor te zetten en een goede eerste indruk op de gemeente Naarden te maken. De contributie wordt verhoogd in verband met de te verwachten hogere kosten. Op 10 september 1957 stuurt de gemeente een officiële definitieve toezegging. Voor de opening van het nieuwe sportcomplex aan de Amersfoortsestraatweg op 14 september 1957 worden we ook uitgenodigd. De Naardense periode van RC ’t Gooi breekt aan.

1957-09-10 brf gem Naarden betr huur sportveld

85 bovenaan

In de ledenvergadering besluit RC ’t Gooi ook officieel haar zetel van Bussum naar Naarden te verplaatsen, waarvan onderstaand krantenbericht kond doet.

1957 krantenbericht verplaatsing zetel naar Naarden

Daarmee wordt een streep gezet onder de Bussumse jaren van de club en beginnen de Naardense jaren, die tot op de dag van vandaag voortduren. Zesenvijftig jaar is RC ’t Gooi inmiddels geworteld in Naardense bodem en dat is een goed gevoel.

Opnieuw: Naar Parijs (april 1950)

Dit is de aangepaste, tweede versie van dit verhaal. De oorspronkelijke, eerste versie is te vinden onder de titel “Naar Parijs (april 1950)”. Ontdek de verschillen!

1950-04-23 Parijs-01

V.l.n.r. Piet Dijkman (AAC, later´t Gooi), Werner Büchner (‘t Gooi), Pieter Davis, Bert de Boer (AAC, later ‘t Gooi), Sini van Vught (de vrouw van Joop), Anton v.d. Beek (AAC), Cor de Rie (‘t Gooi, later RCH), Ab Roodlieb (‘t Gooi), Toon Bogers (AAC), Siep Reijnders (AAC), Ben Ziepzeerder (AAC), Jan Onderwater (‘t Gooi), Ron Rishworth (Te Werve), Joop van Vught (AAC), rug/onherkenbaar, ?, Frits Frankfort (‘t Gooi, later RCH), ?, onbekende dame, kalende heer met twee kinderen.

Op 28 november 2012 plaatsten we het verhaal “Naar Parijs (april 1950)” op deze website. Een verhaal met nogal wat veronderstellingen en onbeantwoorde vragen. Het is nu twee en een halve maand later – 14 februari 2013 – en we weten er nu wat meer over en kunnen dus het verhaal herschrijven. Dankzij oud-AAC- en Nederlands team-speler Pieter Tolsma en Google. Het oorspronkelijke verhaal zouden we weg kunnen gooien, maar het lijkt ons juist wel leuk om eens te laten zien  hoe je in de loop van de tijd nieuwe informatie bij elkaar scharrelt en hoe dat het verhaal beïnvloedt. Wordt het daardoor ook interessanter en leuker? Dat mag u zelf beoordelen. Kijk en vergelijk!

Op zondag 23 april 1950 speelde het Nederlands rugbyteam een uitwedstrijd in en tegen Parijs. De “knoestige” Piet Dijkman (typering van Loek van Keller), toen nog AAC’er en later lid van RC ’t Gooi, had een vaardige pen en schreef er een verslag over in Try, het clubblad van AAC Rugby:

1950-04-28 Try over trip NL team naar Parijs-01

1950-04-28 Try over trip NL team naar Parijs-02

In het verhaal van Piet Dijkman gaat het over van alles, maar nauwelijks over het uitstapje op zondagochtend 23 april 1950 naar het bos van Compiègne en de wedstrijd van die zondagmiddag. En laten we daar nu juist foto’s van hebben. De grote foto waarmee dit verhaal begint is genomen bij een gedenksteen voor de wapenstilstandsovereenkomst aan het einde van de Eerste Wereldoorlog. Er staat een Franse tekst op, die vrij vertaald als volgt luidt:

compiegne inscriptie van de gedenksteenHIER IS

OP 11 NOVEMBER 1918

GESTORVEN

DE MISDADIGE TROTS

VAN HET DUITSE RIJK

VERSLAGEN DOOR

DE VRIJE VOLKEREN

DIE HET TRACHTTE

TOT SLAAF TE MAKEN

Standbeeld maarschalk Foch Compiegne1950-04-23 Parijs-03De foto hiernaast is gemaakt naast de sokkel van het standbeeld van maarschalk Foch, eveneens in het bos van Compiègne. Zijn naam is duidelijk te lezen, maar het standbeeld zelf ontbreekt. Vandaar de andere foto, met naam èn standbeeld. In de groep vallen een man met een kaal hoofd en twee kinderen op, een jongen met een witte sjaal en een kleiner meisje. Ze staan rechts op de foto. Ook op de andere foto’s van de rugbyers-groep zijn ze te zien. Vermoedelijk gaat het hier om een Fransman, die als gids voor de Nederlanders optrad en die de gelegenheid gebruikte om er een uitje met z’n kinderen van te maken. De kleding van de tripgangers valt op. Allemaal in jasje dasje, het lijkt wel een groepsreis van keurig uitgedoste zakenmensen. Maar ´t was natuurlijk ook zondag.

1950-04-23 Parijs-04De kalende man met de beide kinderen is ook te zien op de groepsfoto voor de kasteel-achtige poort. Zoeken via Google leverde op, dat dit de poort van het kasteel van Pierrefonds is, uit de 14e eeuw, aan de zuid-westrand van het bos van Compiègne. Meer van het kasteel is te zien op de volgende foto.

chateau-de-pierrefonds

1950-04-23 Parijs-06Zonder beide kinderen is de kalende man te zien naast de autobus van C.J. van Nood uit Amsterdam. Tenminste: dat lijkt zo, maar wie staat er in de deuropening van de bus? Het jongetje met de sjaal! Met die bus zijn ze vast naar het stadion vertrokken voor de wedstrijd tegen het vertegenwoordigende Parijse team, die ze met 32-3 verloren. Van die wedstrijd hebben we de volgende twee foto’tjes:

 

1950-04-25 Parijs-NL 32-3 foto-011950-04-25 Parijs-NL 32-3 foto-02

Jongleren met foto’s en sinaasappels, door Tom Visser

De bus-met-Gooivlag voor het hotel in BrusselDe bus-met-Gooivlag voor het hotel in Brussel

Een lustrumwebsite: aardig idee, maar je moet natuurlijk wel veel beeldmateriaal hebben, dan gebruik je de mogelijkheden van zo’n medium pas goed. En dan natuurlijk wel foto’s of filmpjes waarvan je weet wat het voorstelt. Met antwoorden op de vragen: wie staan erop, wat zijn ze aan het doen, waar was het, wanneer gebeurde het? Zo had ik in het archief een serietje oude foto’s gevonden, dat genomen zou moeten zijn in Brussel, maar wanneer precies (1947, 1948?) en bij welke gelegenheid? Bladerend in De Scrum van mei 2003, het lustrumnummer van 10 jaar geleden, kwam ik een verhaal van Frits Ronday tegen, getiteld Beulen tegen Belgen. Dat hielp.

Aan de andere kant van de bus: Wil Roegiest vermaakt het volkAchter de bus: volksvermaak met Wil Roegiest

Frits schreef  over de tweede naoorlogse trip naar Brussel. Dat verhaal vertellen we hier graag nog eens, inclusief de stilistische steken die Frits af en toe laat vallen. Hij schrijft: “Zo’n verhaal heb ik over de 2de reis waar ik als mager spelertje (Dick Bouwman zei eens: hoe kunnen die scharminkels rugbyers worden?) als volgt. Ja, vlak na de oorlog werden ons door de NL-bank geen buitenlandse deviezen gegeven en moesten we dus “zwart” ruilen in Brussel. De bus stopte op een boulevard bij een theater waar om de hoek de “medammekes” lonkten. Onze hooker Karel Beumer (slagerswinkel in de Havenstraat) vroeg hoeveel dat wel kostte en antwoordde toen: “ik doe het wel voor de helft”.

1947-48 Brussel-07Wil Roegiest jongleert met sinaasappels, Bob Lenderink speelt gitaar, het publiek vermaakt zich

Anderlecht was een sportclub met onderdeel Rugby. De voorzitter heette msr. D’Auge over wie het verhaal ging dat hij elke avond een kwartiertje stond te “passen” met zijn vrouw over het bed. Ik zat in het 2de team en het was beulen tegen de Belgen. Op een zeker moment brak een Belg door en wij met 4 man er achteraan. Ons achterveld was slechts een paar meter diep en dan rees een hoog draadwerk waarachter de tennissers speelden. Dat paste goed en hebben we de Belg tegen het hek gedrukt en met 4 man-met-bal weer het veld in gedragen en verder gespeeld. Die Belg was zo wit woest, dat het bierschuim uit zijn neus en oren kwam. Desondanks verloren we de wedstrijd.

Wil Roegiest met sinaasappel op z'n vinger, Bob Lenderink speelt gitaarWil Roegiest met sinaasappel op z’n vinger, Bob Lenderink speelt gitaar

Ik sliep met Wil Roegiest (dealer Citroën in Blaricum naast de nog steeds bestaande ijstent). Wil ging op de stoep zitten met een petje en goochelde met sinaasappelen die we hadden gekocht (toen niet in NL te koop) en haalde zo van vrolijke Belgen nog een biertje op. Ergens heb ik nog een foto, maar kan die niet zo snel op tafel brengen door mijn verhuizing”.

Wil Roegiest eet in bedWil Roegiest eet in bed

Foto’s van de goochelende Wil Roegiest, de bus waarmee gereisd werd en Wil Roegiest te bed (blijkbaar dus op één kamer met Frits Ronday) vielen hierdoor op hun plaats. En daarmee werd de geschiedenis van RC ’t Gooi weer een beetje duidelijker beschreven. Maar er blijven toch nog wel een paar vragen te beantwoorden. Zoals: wanneer precies? Tegen welk team speelde Gooi 2 en wat was de uitslag? Ging Gooi 1 ook mee op deze trip, speelden zij een wedstrijd, tegen wie en wat was de uitslag?

En dan maken we een grote sprong in de tijd. In mei 2005 was het ouwe lullen-Boots Toernooi van de Oisterwijk Oysters. Ik was toen zo’n jaar of zes gestopt met rugby spelen, maar zo’n ouwe lullen toernooitje: dat moest toch wel kunnen..? Om in vorm te blijven was ik gaan hardlopen: een paar keer per week trainen en zo af en toe deelnemen aan prestatielopen over afstanden van 10 tot 20 km. Ik was dus goed in conditie en keek tijdens het warmlopen meewarig om me heen, naar die andere ouwe mannen, die niet of slecht getraind een flinke kans op blessures liepen. Na twee minuten in de eerste wedstrijd leek het erop, dat de bal mijn kant uit zou komen. Ik zette aan en kreeg een gemene schop in m’n kuit. Ik stortte neer, keek boos achterom en zag..: niemand. Een gescheurde kuitspier, dacht ik, en strompelde het veld uit. Een toevallig aanwezige arts – een van de deelnemende spelers – bekeek m’n been, deed een testje en stelde vast, dat m’n achillespees de boosdoener was.

foto056Frits Ronday met “gouden” broek, tussen de 50+ “jonkies” met rode broeken: Peter de Graaf, Hans Nikkels, Tom Visser, Peter Dencher en Kees Kerstens. Boots Toernooi, Oisterwijk Oysters, mei 2005.

Zo gauw mogelijk naar het ziekenhuis en laten opereren was zijn advies. Maar hoe kom je daar, als je niet zelf kunt autorijden? Frits Ronday bracht de oplossing: hij zou me wel naar Gooi Noord brengen en een van de anderen zou mijn auto terugrijden. “Morgen opereren” was de boodschap in het ziekenhuis. Aldus geschiedde en toen ik uit de narcose ontwaakte was m’n achillespees weer aan elkaar gezet, had ik een prachtig lidteken op m’n been en gips er omheen.

Met het been gaat het tegenwoordig weer goed. Frits is intussen helaas overleden. En enkele “losse” foto’s horen weer bij elkaar.

Naar Parijs, de licht(e) stad (november 1950)

Ned teamNederlands team, 26 november 1950, Parijs.  Achter: Ab Roodlieb (Gooi), Siep Reijnders (AAC), Cor de Rie (Gooi), Nico Kist (DSRC), v.d. Hoek (DSRC), Ben Ziepzeerder (AAC), Anton v.d. Beek (AAC), Toon Bogers (AAC), ?, Ref ?, voor: Piet Dijkman (AAC, later Gooi), Ab Nordeman (Gooi), ? (DSRC), Werner Büchner (Gooi), Joop van Vught (AAC), ?, ?, ?

Via Pieter Tolsma – oud-AAC- en Nederlands team speler – kwamen we in het bezit van foto’s en verslagen van de wedstrijd Parijs B – Nederlands bondsteam uit 1950. In ons clubarchief zat al een teamfoto, waarvan de achterzijde vermeldde dat deze in Parijs gemaakt was. Maar wanneer precies en bij welke gelegenheid? Duidelijk was wel, dat er een aantal Gooiers van het team deel uitmaakte: Ab Roodlieb, Cor de Rie, Piet Dijkman (toen nog AAC, later ’t Gooi), Ab Nordeman en Werner Büchner. Maar nu werd het hele plaatje duidelijk. Het begon op 11 november 1950 met de uitnodiging aan de geselecteerden. Uitgenodigd worden was natuurlijk eervol, maar wat te denken van een bijdrage van 15 gulden in de reiskosten..? Afijn, het waren blijkbaar andere tijden, 63 jaar geleden.

Mail0013De uitnodigingsbrief van 11 november 1950

In Try, clubblad van AAC – Rugby, van 15 december 1950, schreef Piet Dijkman het volgende verslag.

1950-12-15 Try AAC-clubblad kopDe kop van Try, van 15 december 1950, met tekening van een tackle (maar geen try!)

Eerst Parijs zien en dan pas naar bed

In dit geschrift zal ik proberen u in het kort een waarheidsgetrouw verslag te geven van onze belevenissen gedurende de pelgrimage van het Nederlandse XV naar het wuft Parijs, de licht(e) stad. Geheel in tegenstelling tot de rugbytradities waren er deze keer geen moeilijkheden met paspoorten, visa en andere documenten. Het gezelschap vertrok op tijd en in Delft behoefde zelfs niemand uit bed gehaald te worden. Het traject Amsterdam – Parijs leverde voor ons, bereisde Roelen als we zijn, geen nieuwe gezichtspunten op. Er waren er die even uit het raam keken en dan met een effen gezicht beweerden: “Nog een kwartier en we zijn al in Laon”, of: “Nog goed twintig minuten en we zijn Soisson al weer voorbij”, zoals ze in lijn 24 zullen zeggen: “Nog twee halten en we zijn weer op de Munt”.

In Brussel stopten we voor een kopje koffie. De chauffeur voerde ons naar een soort Melksalon, waar men, zoals het ons voorkwam, tegen ontucht geen bezwaar had. Wij rugbyers vulden dit etablissement met ons weliswaar kuis, maar toch zeer luidruchtig vertier. Vooral enkele oorspronkelijk voor kinderen bedoelde speelanlagen stonden in de belangstelling. Gezien de omstandigheden is er opmerkelijk weinig gebroken. Gedurende de tocht was de stemming zoals gebruikelijk: er werd geslapen en er werden rugbykrantjes gelezen en hier en daar vormden zich kleine groepjes waar hard en zinnelijk werd gelachen, als gold het een bonte trein. Bij nader onderzoek bleek, dat in het centrum van deze groepjes mopjes voor grote mannen werden verteld. In de buurt van Soisson werd ten tweede male gestopt, nu was het niet voor koffie, nu moest het wijn worden. Frankrijk had ons te pakken.

In Parijs bleek dat men werkelijk op ons had gerekend, hetgeen niet tegen viel. Bij de toewijzing der kamers werden nummers en dergelijke haarfijn genoteerd, hetgeen niet, zoals we dachten een spits mopje was, maar een ingenieus plan, uitgedacht door de infernale breinen van onze officials om de heren spelers te controleren en op een christelijk uur aan het bed te 1950-12-15 Les Naturisteskluisteren. Er wordt verteld, dat Nico Hobbelman alle spelers een nachtkusje is komen brengen om vijf over elf. Ondanks het bovenomschreven strenge controle-systeem mochten we toch een uurtje uit en richtten we onze schreden naar een huis van plezier waar de grote attractie was dat een juffie werd geslagen en aan de haren over de grond werd gesleurd. Onze getrouwde vrienden zagen dit alles met grote interesse en kennis van zaken. Verder was er nog een dansende elf met de gratie van een Cor de Rie. Zoals gezegd was er geen gelegenheid tot uitspattingen in groter verband.

Vriend Ziepzeerder, die behalve een veelprater ook vroegopstaander is, wekte per telefoon vele onschuldige slapers, wat op deze prille zondagmorgen veel godslasterlijke taal en vele bastaardvloeken ontlokte. Een zeer kwalijke gewoonte, dit vroege opstaan. Om half elf werden we in een restaurant samengedreven voor, zoals men ons valselijk voorgaf, een lunch, eigenlijk was het een soort wapenschouw en probeerden de Fransen ons met hun zware jongens te imponeren. Wij van onze kant lieten zien, dat de 700 kg scrum van ons er ook niet om loog. Joop van Vught verborg zich achter de rokken van zijn vrouw.

Mail0001Vóór de wedstrijd deden we nog wat sightseeing, waarbij we haast een Franse auto-meneer verpletterden, wat ons in het politiebureau deed belanden. Ook hier verdeden we onze tijd niet, en formeerden we een stevige scrum tegen de muur van het ambtelijke gebouw. Twee veelbelovende Delftenaren probeerden intussen als kleine Eisensteintjes de zwaartekracht te verklaren. Zo arriveerden we toch nog op tijd in het Stade Buffalo, de zeer morsige arena waar we onze strijd zouden moeten strijden. Knappe en deskundige pennen zullen u deze wedstrijd beschrijven.

Tot slot van het officiële programma van deze dag was er een groot Banket Spectaculair waar het Engelse, het Nederlandse en de Franse teams aanzaten. Het was een prachtig feest met goede wijn, goed eten en goed tafellinnen, zoals later bleek. Onze officials de Heren (!) Boersma, de Boer en Hobbelman zaten tussen allerlei zeer hoge en belangrijke rugbymeneren, alsof ze nooit meer met ons in het Zuiderzeepark op het speeltuinterrein zouden moeten spelen. Zoals ik al zei was het een heerlijk feest. Aan het einde van dit banket gooiden de Fransen hun broeken tegen het plafond, gleden vele rugbyers in dit luxe milieu via de leuningen naar beneden ondanks statige portiers, palmen en marmeren trappen; tenslotte werden enkele plakkers, die in een naburig dansfeest waren binnengedrongen en daar lijfelijk zeer nadrukkelijk aanwezig waren, via een aanzwellend handgemeen op straat gewerkt. Hierna begon de vrije jacht.

Paris - LondresDe rugby-schare viel uiteen in kleine groepjes die ieder op hun manier de wufte genoegens van Parijs probeerden na te jagen. Er zou wel het een en ander te zeggen zijn van al deze groepjes, maar waarom slapende honden wakker gemaakt, per slot van rekening is het de bedoeling dat we nog eens naar Parijs gaan. Ik geloof wel dat iedereen zich best geamuseerd heeft. Maandagmiddag was het een zeer verfomfaaide groep, die Parijs verliet, beladen met eet- en drinkwaren en kleine presentjes voor vrouw en kinderen. De terugtocht was geheel gelijk aan de heenreis, zij het dan in omgekeerde volgorde. Alles verliep volgens de plannen.

Samenvattend kunnen we zeggen dat we een heerlijk feest hebben gehad en een beste wedstrijd hebben gespeeld en gezien en niemand had spijt van de verzopen dubbeltjes. Misschien mag ik de volgende keer weer mee.

Het “technische” verslag werd – in het zelfde nummer van Try van 15 december 1950 – verzorgd door official Nick Hobbelman. Uit zijn verslag kozen we drie fragmenten, gevolgd door de individuele bespreking van de (ooit) Gooiers in het gezelschap: Ab Nordeman, Werner Büchner, Cor de Rie en Piet Dijkman. Gooier Ab Roodlieb, die wel op de teamfoto staat, wordt niet besproken. Was hij reserve?

Parijs B – Bondsteam 33 – 6

Anders dan de score zou vermoeden is dit geen smadelijke nederlaag geworden, en zonder het overwicht van de B-ers maar maar een ogenblik in twijfel te willen trekken, zou ik toch wel van een geflatteerde overwinning willen spreken.

Mail0007Hoewel de Franse bladen spreken van een rugby-lesje dat zij ons gegeven hebben, van het ontbreken van techniek en van een zwakke verdediging, kan ik deze mening niet helemaal delen. Zonder blind te zijn voor de feiten meen ik dat b.v. voor de forwards gedurende de gehele wedstrijd en voor de halves gedurende de tweede helft geen sprake van een lesje is geweest. Mijn indruk is (bevestigd door de Parijzenaars) dat onze forwards niet onderdeden in snelheid en techniek, en qua uithoudingsvermogen zeker de meerderen waren van hun Franse tegenstanders.

Meteen na de aftrap golft het spel op het middenveld heen en weer, en reeds na 5 minuten is het voor ons langs het lijntje duidelijk, dat er niet van een groot krachtsverschil tussen de beide teams kan worden gesproken. Het is mij nog steeds niet duidelijk, waarom vooral in de eerste helft onze forwards niet feller hebben uitgepakt, maar de B-ers gelegenheid gaven zich in te spelen, het spel aan zich te trekken en hun sterke 3/4 lijn de bal toe te spelen. Het is dan ook deze driekwart-lijn, die met razend snelle aanvallen gaten in onze verdediging trekt, en de score eerst langzaam, maar na de rust (11-3) in sneller tempo tot de eindscore (33-6) brengt. Hoewel daar vooral na de rust wel enige aanleiding voor bestond lijkt onze ploeg over een goede mentaliteit te beschikken en blijft volhouden en vechten tot het einde.

Mail0008Dan volgen korte individuele besprekingen van de spelers, waaruit wij de (ooit) Gooiers selecteerden:

WING: Nordeman, goed en zal zeker met een snellere center naast zich nog betere prestaties kunnen leveren.

CENTER: Werner Büchner, heeft gespeeld voor wat hij waard is, doch heeft veel meer snelheid nodig voor een dergelijke wedstrijd.

FORWARD: Cor de Rie, een “slow starter”, bereikte deze keer niet zijn beste vorm, niettemin een “gewichtige” knaap in de scrum, een goede “dribbler” (ik herinner me een door hem zeer goed opgezette aanval).

Mail0009FORWARD: Dijkman, ook Pieter was voor half-time niet wat hij kan zijn en wat hij na de rust wel liet zien. Was soms zeer gevaarlijk en speelde dan zijn bekende “shrewd” spelletje.

Nico Hobbelman sluit zijn verslag als volgt af. Was onze eigen wedstrijd iets waar we toch wel iets van opgestoken hebben, de grote openbaring en les die de wedstrijd Parijs – Londen voor ons was zullen we niet licht vergeten. Dat we er veel van in toepassing mogen brengen en het op onze clubgenoten overdragen.

Frits Frankfort als NRB-wedstrijdsecretaris (1956 e.v.)

Frits Frankfort-02Frits Frankfort

Eén van de grote mannen in de geschiedenis van het Nederlandse rugby is Frits Frankfort. Kort na de oorlog speelde hij zo’n 9 jaar bij RC ’t Gooi, voordat hij in 1954 een van de oprichters van RC Hilversum werd. Hij speelde als scrumhalf in het Nederlands team, was trainer van o.a. Hilversum, ’t Gooi, Eemland en het nationale team en was ook als bondsfunctionaris actief. Over die laatste hoedanigheid gaat dit verhaal. Het is een bewerking van deel 3 van de serie De Revue van het Rugby, Wetenswaardigheden over de Bondsperiode 1952-62, door Leo van Herwijnen, gepubliceerd in Rugby Nieuws, Officieel Orgaan van de Nederlandse Rugby Bond, van augustus 1982. Leo schreef in 1982 het volgende:

foto014Frits als speler van RC ’t Gooi rond 1950, 1e rij 4e van links 

Eind 1945 had zich een kwieke jonge kerel van rond de 18 jaar als lid aangemeld bij RC ’t Gooi. De trainer bij RC ’t Gooi, Bob de Jonge, die als oud-interlandspeler en ex-voorzitter van de NRB het nieuwe lid zag komen, zegt vandaag: “Ik kan mij nog herinneren dat hij als jochie op het veld verscheen. Dat is geen blijvertje, dachten we toen”. Dat jochie was Frits Frankfort. Een half jaar later maakte Frits al zijn debuut in de nationale ploeg tegen België. Frits Frankfort zal in de loop van de volgende jaren uitgroeien tot de grootste kenner van het rugbyspel in Nederland. Wanneer hij in 1968 definitief stopt met actief rugby spelen heeft hij tot op dat moment 39 keer voor Nederland bij interlands op de scrumhalf plaats gestaan.

Met Cor de Rie richt Frits Frankfort op 23 september 1954 de nieuwe Rugby Club Hilversum op. Zijn carrière in het Nederlandse rugbywereldje is niet meer te stuiten. Op 22 september 1956 volgt zijn benoeming door de algemene ledenvergadering tot NRB-wedstrijdsecretaris. Frits Frankfort pakt de zaken gelijk goed aan. Ondanks dat de ALV van 26 september 1956 tegen het spelen van een gehele competitie was, stelt Frits als compromis een halve competitie op. Daarbij geeft hij de clubs in een circulaire te verstaan, dat clubs die zonder gegronde reden niet komen opdagen hun wedstrijd hebben verloren.

1974-02-05 Hilversum-Gooi-22Frits Frankfort (midden) in actie bij een oude meesters-wedstrijd Hilversum-’t Gooi in 1974

Verder schrijft hij: “Een team is verplicht te spelen als het aantal spelers 12 of meer bedraagt. Heeft een club dit aantal spelers niet en wil zij toch spelen, dan kan geen beroep op de bond gedaan worden in geval van verlies en geldt deze wedstrijd normaal voor de competitie. U ziet wel, dat ik bezig ben de touwtjes wat aan te halen en ik verzoek u dan ook allen mede te willen werken om wat meer orde en regel toe te passen dan toto nog toe is geweest”. Aldus Frits Frankfort.

Trainer Frits FrankfortFrits in ski-outfit bij een Wintersportfeest van RC ’t Gooi

Dat gaf even een gedonder. Ben Ziepzeerder, die op dat moment voorzitter is van de TC, klimt in de pen en schrijft aan de secretaris van de NRB, de heer J.A. Goemans: “Met enige verwondering heb ik kennisgenomen van een door de wedstrijdsecretaris van de Bond, F. Frankfort, bij het wedstrijdprogramma verzonden circulaire aan bij de Bond aangesloten verenigingen. Hierin wordt medegedeeld, dat in overleg met de Bondssecretaris, de heer Goemans, een halve competitie is samengesteld. Hiertegen moet ik ernstig protesteren, aangezien toch op de laatste jaarvergadering van de Bond is besloten voorlopig niet tot enige vorm van competitie te geraken, doch dit probleem te bezien en te bespreken op de eerstvolgende  “grote” bestuursvergadering, waar alle clubs vertegenwoordigd zijn.

Dan zou kunnen worden besloten zo nodig een speciale commissie in te stellen om de aan een competitie verbonden problemen nader te bezien en zo nodig het wedstrijdreglement van de Bond te wijzigen en aan te vullen. Het doet mij thans niet prettig aan, dat een beslissing van de Jaarvergadering (het hoogste college in de Bond) wordt genegeerd door de wedstrijdsecretaris met sanctie van het Bondsbestuur. Hier wordt m.i. langs een achterdeur binnengehaald, hetgeen de meerderheid van de verenigingen op de Jaarvergadering vertegenwoordigd, niet, althans voorlopig niet, wilde.

1950-04-23 Parijs-03Frits Frankfort en Ben Ziepzeerder kenden elkaar goed; ze namen bijv. beiden deel aan een trip van het Nederlands team naar Parijs in april 1950. Frits is de kleine man in het midden op de 1e rij, Ben Ziepzeerder staat 2 plaatsen rechts van hem op de 1e rij

Ik heb alle respect voor de energieke wijze waarop de wedstrijdsecretaris aan zijn nieuwe taak is begonnen, doch hij zal zich m.i. toch moeten houden aan de vastgestelde regels en reglementen, welke m.i. in het verleden en ook tot op heden uitstekend hebben voldaan en welke tot op heden het karakter en de sportieve sfeer in de Bond en op de rugbyvelden hebben bepaald. Ten slotte spreek ik de hoop uit, dat het Bondsbestuur zo spoedig mogelijk de circulaire van de wedstrijdsecretaris zal intrekken en de verenigingen daarvan in kennis stellen. Wellicht kunnen we op korte termijn eens uitvoerig van gedachten wisselen over de voor- en nadelen van een competitie voor de rugbysport”.

Ondanks alle protesten ziet Frankfort toch kans zijn zin door te drijven.