Hannover uit en thuis (1962-1963)

In het begin van de jaren ’60 speelde ’t Gooi tegen het Duitse S.V. Victoria uit Hannover. Dat was ruim 15 jaar na de oorlog nog geen vanzelfsprekende zaak, maar het begon nog veel eerder, namelijk al in maart 1951. Toen speelde ’t Gooi uit tegen Hannover Linden – de oude club van Pa Büchner – en Victoria:

Scan.BMP

Elf jaar later, in het weekend van 16 december 1962, was S.V. Victoria te gast bij ’t Gooi. Er is ongetwijfeld een wedstrijd geweest, maar de uitslag daarvan is in nevelen gehuld. De beide clubs werden in het Naardense raadhuis ontvangen en daar is wel een foto van.

1962-12-16 Hannover Victoria-01

Acht maanden later – in augustus 1963, aan het begin van het rugbyseizoen 1963-1964 – werd het tegenbezoek aan Hannover gebracht. Met 5 auto’s en minstens 10 liter motorolie – je weet maar nooit… – reden 21 Gooiers in oostelijke richting. Daaronder bevonden zich in elk geval Jaap Simons, Piet Bakker, Hans van den Bovenkamp, Egbert Otten, Willem de Jong, Tom de Man, Ton Groendijk, Arnold de Wolf, Ernst Sandtmann en Willem van Drimmelen. Jaap Simons schreef er in De Scrum van 17 september 1963 het volgende verslag over:

Hannoververslag-01

Op weg naar HannoverMet de auto onderweg

Hannoververslag-02

Rechts: Ernst Sandtmann, Arnold de Wolf?, ?, Egbert Otten, Rob Plat, John Heydendahl, Jack Heer, ?, Ernst Sandtmann,  Arnold de Wolf. Wie zijn de vraagtekens?

Hannoververslag-03

Behalve voor de wedstrijden was er ook gelegenheid om iets van Hannover te zien. Mannen in lange regenjassen staan op de foto bij hun bezoek aan de Maschsee, nog steeds een toeristische attractie van Hannover. Wie herkent ze?

Hannover-03

Hannover-01

Een halve eeuw na dato trok Arnold de Wolf (toch een keurige man…) de beerput van zijn herinneringen aan de trip naar Hannover open: een walm van bederf komt ons na al die tijd nog tegemoet…! Dit is zijn verhaal:

1998-04-21 Lustrum 1998-49Dieter Büchner, Arnold de Wolf en Joop Meijer bij de lustrumviering op 21 april 1998

Wat leuk! Ik herinner mij de ontmoeting met SV Victoria heel goed: de trip naar Hannover. Dat wij de tweede helft van de eerste wedstrijd niet meer konden bijhouden is niet vreemd. De voorbereiding voor deze wedstrijd bestond er in, dat wij na de training ’s avonds met zijn allen naar de sauna van de familie Rood gingen. Om bij te komen van de sauna moest er nog even in café Spoorzicht een pilsje gedronken worden. Toen was het ineens 02:00 uur en besloten een paar dan maar direct door te rijden naar Hannover. In Hannover werden we opgevangen door een van onze gastheren en gewezen waar wij de nacht zouden doorbrengen. Ik ging even op bed liggen en 1 seconde later werd ik ruw wakker geschud: “Kom op! We moeten spelen”. De tweede helft redden we dus niet.

Maar ’s avonds knapten we aardig op! Na de vraag van onze gastheren, dat het eerste team te sterk was, maar misschien vonden wij het leuk om tegen het tweede te spelen..? wilden wij dat natuurlijk wel. Er was ’s avonds in het clubhuis een feestje en om 22:00 uur “werden die Herrschaften vom zweiten Team gebeten nach Hause zu gehen”. Voor ons fatsoen vonden wij dat wij dan ook maar moesten gaan, maar enkelen, waaronder natuurlijk ook Ernst Sandtmann en ik, vonden dat we eventjes nog Hannover moesten “bekijken”. Volgens mij was Piet Bakker (die een glazenwassersbedrijf had) “glazen gaan reinigen” bij een leuke Duitse dame en hebben wij die niet meer gezien. Ik weet niet meer wie ook bij onze “culturele” avondstap in Hannover was, maar de volgende morgen om ca. 08:30 uur waren wij op onze slaapgelegenheid.

Herhaling: ik werd ruw wakker geschud om ca. 10:00 uur, omdat er om 10:30 uur gespeeld moest worden. Natuurlijk leek ons spel nergens op en toen ik als scrum half de bal naar Ernst Sandtmann (fly half) speelde hield hij zijn handen uit om de bal te vangen, maar vergat ze op elkaar te doen. Ik zie nog die bal vliegen langs Ernst. Even later is de wedstrijd door onze gastheren maar afgefloten…… en we hebben nooit meer een uitnodiging voor SV Victoria gekregen!

De Turn- und Sportverein Victoria Linden  (sinds 1900) bestaat in 2013 nog steeds.

Pa Büchner, een “vergeten” erelid? (jaren ’40/’50)

A. ("Pa") Büchner, trainer en coach 1944-1962Aquarel van Pa Büchner

In 1988 ondernam oud-Gooispeler Jaap van den Berge een actie voor erkenning van de verdiensten van de heer Adolf Büchner, de vader van de oud-Gooiers Werner en Dieter Büchner. BApril 1998, Ge Meerman, Jaap vd Berge, Louis Kehrer, Rien Termeulenij zijn bezoeken aan de lustrum-reünies in het nieuwe clubhuis in 1983 en 1988 was het Jaap opgevallen, dat er geen aandacht aan deze opmerkelijke figuur uit de Gooi-historie besteed werd. Zijn actie leidde er onder meer toe, dat Adolf Büchner in 1989 postuum tot erelid van RC ’t Gooi benoemd werd. Wie was eigenlijk deze heer Büchner, die niet alleen door zijn zoons “pa” werd genoemd?

Jaap van den Berge (rechts) met Gé Meerman bij de lustrumviering 1998

Zo’n 25 jaar eerder stond er in de De Scrum van 28 augustus 1963 een in memoriam voor Adolf Büchner met als titel “Terugblik”, dat een aardig inzicht biedt in de persoon Pa Büchner. De datum van zijn overlijden wordt niet genoemd. Schrijver: die zelfde Jaap van den Berge.

IM Pa Buchner-01

00 teamfoto-01

RC ’t Gooi-teamfoto uit ca. 1952 met o.a. Dieter Büchner (staand, 3e van links) en Werner Büchner (vooraan, met bal)

IM Pa Buchner-02

1943 kaartje leggen bij fam BuchnerKaartje leggen bij de fam. Büchner, ca. 1943, Theo Terlingen, Joop Dooyer (beiden geen rugbyer), Bob Lenderink, Dieter Büchner, Tonny de Lange (geen rugbyer)

IM Pa Buchner-03

1948-04 Geselecteerd schoolteamTeam van Bussumse middelbare scholieren, dat in april 1948 tegen een schoolteam uit Liverpool speelde. Geknield: ?, Werner Buchner, Bob Lenderink, Frits Frankfort, ?, ?

IM Pa Buchner-04

1945-12-23 Ned-Belgie teamsDe eerste naoorlogse Nederland – België op 23 december 1945 op Sportpark Zuid in Bussum. Links met bloemen bondsbestuurder (en Gooier) Kees Meeuwis, rechts met alpinopet scheidsrechter Paul Béchet. De Belgen dragen vesten.

IM Pa Buchner-05

1948-02-07 bal masque midden pa BuchnerBal masqué, 7 februari 1948, ?, hr. Von Stein (schilder), Dieter Büchner, pa Büchner, mw. Büchner, Werner Büchner, ?

IM Pa Buchner-06

1962-12-16 Hannover Victoria-01Bezoek van Victoria Hannover met Gooi-bestuur aan stadhuis Naarden eind 1962

IM Pa Buchner-07

Bob Lenderink met Pien-03 en pa BuchnerPa Büchner met pijp bij het bal masqué 7 februari 1948 

Ook buiten RC ’t Gooi bleef Pa Büchner niet onopgemerkt; zo zei Toon Bogers, oud-speler van AAC en erelid van de NRB, in de lustrum-Scrum van 2003 over de jaren kort na de oorlog: “In die tijd was pa Büchner, de vader van Werner en Dieter, coach en wel een zeer bijzondere. Vooral ten aanzien van zijn terminologie, hij was van Duitse komaf en hij hanteerde langs de lijn de Duitse termen, zo brulde hij “unter die Billen”, wanneer hij vond dat de scrum niet laag genoeg inkwam, de line-out was “die Gasse” en de scrum “Gedrängel”, opmerkelijk was, dat niemand daar aanstoot aan nam en dat vlak na de oorlog”.

Een markante man dus, die het verdiende om erelid te zijn. Wel opmerkelijk, dat hij in 1989 postuum tot erelid werd benoemd, terwijl hij dat blijkens het in memoriam van Jaap van den Berge uit 1963 al was. Blijkbaar dus een “vergeten” erelid, niet alleen door de club, maar ook door Jaap van den Berge.

Zie ook ‘De eerste interland na de oorlog’.

Café-restaurant Prinses Margriet (jaren ’50)

 

1963 advertentie Prinses Margriet in ScrumAdvertentie van café-restaurant Prinses Margriet in De Scrum in de jaren ’60

In Bussums Nieuws van 2 maart 2011 stond een berichtje over lezer Jan Schippers, die  45 jaar geleden rijexamen deed vanuit café-restaurant Prinses Margriet op de hoek Brediusweg / Vossiuslaan: “Het CBR nam destijds in een rokerig bovenzaaltje van Prinses Margriet de theorie-examens af. En bij dit ietwat morsige café-restaurant vertrokken ook de examenkandidaten met hun lesauto’s, om er blij of in-verdrietig weer terug te keren“.

R-28Het voormalige Bussumse café-restaurant Prinses Margriet op de hoek van de Brediusweg en de Vossiuslaan

Maar Prinses Margriet was ook jarenlang de plaats van samenkomst van RC ‘t Gooi vóór de uitwedstrijden en na de thuiswedstrijden. We hebben het dan vooral over de periode tot eind 1961, toen de Utrechtse Poort in de Naardense vesting ons clubhuis werd. Maar ook daarna werd wel bij Prinses Margriet verzameld. We vroegen enkele oud-spelers naar hun herinneren aan het voormalige café-restaurant. Joop Meijer weet nog, dat de familie Plat een eindje verder aan de Brediusweg woonde en met vier rugbyende zonen wilde het nog wel eens druk worden in huize Plat. Prinses Margriet diende dan als het verlengstuk van de huiskamer van de familie Plat. Hans van den Bovenkamp mocht in het begin nog niet met z’n vader Joop mee naar Prinses Margriet vanwege z’n jeugdige leeftijd, het bier en de rugbysongs. Maar dat is later allemaal goed gekomen… Sicco Scheltema herinnert zich, dat het prima ging, als je er met een klein groepje kwam, maar als we met de tegenstanders kwamen konden ze het eigenlijk niet aan en al helemaal niet als het om een groep dorstige Engelsen ging. We gingen dan naar het bovenkamertje en als je dan met je zes biertjes boven kwam waren ze onderweg “verdampt”.

CA-31AHet interieur van het bovenzaaltje van Prinses Margriet

In het bovenzaaltje hadden de rijexaminatoren elk een eigen tafeltje. Op de bordjes zijn de namen te onderscheiden van Lette en Krayenbrink. Het winterlandschap op de achterwand werd in 1945 geschilderd door de bekende Bussumse kunstenaar Jan Verhoeven. Café-restaurant Prinses Margriet stond op de plaats waar nu de ABN Amro Bank staat. Het was niet alleen de oproepplaats voor rijexamens, maar ook een bekend biljartcafé, met drie Wilhelmina-biljarts, waarvan één officieel wedstrijdbiljart. Na een lange tijd van leegstand brandde het op 4 juli 1979 geheel af, vermoedelijk door spelende kinderen.

CA-33AOok voor biljarters

 1963-12-02 Scrum Feest in Prinses MargrietAankondiging van rugbyfeest in Prinses Margriet in De Scrum van 2 december 1963

 CA-34AHet interieur van Prinses Margriet

De foto’s bij dit artikel zijn afkomstig uit de Collectie M.J.M. Heyne Bussum (www.beeldvanbussum.nl), waarvoor hartelijk dank!

 

Felicitaties en herinneringen, door Tibor Snelders

Handig, internet. Ik kreeg het e-mailadres van Tibor Snelders te pakken en  vroeg hem om me vanuit het buitenland een felicitatiefilmpje voor op de lustrumwebsite te sturen. “Ben niet goed met computers etc., weet dus ook niet hoe je een filmpje moet maken. Concentreer me dus maar op het geschreven woord“, schreef hij terug. Hier volgt zijn verhaal.

foto029Gooi 13-14 maart 1978, bij AAC Heineken Sevens, achter: Marco Cupedo, Peter Jacobs, Jeroen Snijders Blok, Ton Jacobs, Rene van Latum, voor: Mark Dekker, Tibor Snelders, Vincent Snijders Blok, Guus Lakeman

Ik, Tibor Snelders, wil hierbij het gehele Gooi feliciteren met het 80-jarige jubileum. Wie had dat ooit gedacht, ik zeker niet, dat ‘t Gooi nog steeds zou bestaan. En wat voor een bestaan! Sinds mijn emigratie naar Nieuw-Zeeland in september 1980 is ‘t Gooi gegroeid naar een “force”, waar heel rugby-Nederland rekening mee heeft te houden. Niet alleen op clubniveau maar gelukkig ook op rugbyniveau: de laatste jaren een topclub met topresultaten. Ik had dat zeker niet verwacht. In mijn tijd was het net een jojo: het ene jaar in de ereklasse, het andere jaar er weer uit.

Tibor Parijs-03In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders rechts, Eddy Willems links

Hoe ben ik met rugby in contact gekomen? Na een succesvolle atletiekcarrière op de midden- en lange afstanden en een gebroken been zocht ik naar iets anders. Je kent dat wel, na serieuze sport iets luchtigers met veel feestjes, lachen en met je kameraden er op uit. Ook een beetje sport natuurlijk. Dacht dat ik via Jack Heer, hoe weet ik niet meer (weet jij dat nog Jack?), in aanraking kwam met rugby. Zo rond de jaren 1963/1964. Niet speciaal er voor “gebouwd”, maar mijn snelheid had ik mee en dat was mijn pluspunt. Na niet al te lange tijd werd ik al in het eerste team opgenomen.

Tibor Parijs-04

In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders rechts, naast de scrum

Herinner me nog als de dag van gisteren een van mijn eerste wedstrijden voor het eerste team. Tegen wie? Natuurlijk tegen onze lokale rivaal Hilversum. Positie: wing (vanwege snelheid). Zoals dat gaat, op een bepaald moment had Jan Rosman (toen internationaal spelende voor Biarritz, dacht ik) de bal en zou een try drukken. Mooi niet dacht ik weer, zal Jan even pakken. Nou die tackle ging goed, de try werd voorkomen, maar ik had wel gelijk een gekneusd sleutelbeen. Deed dus even pijn. De volgende wedstrijden speelde ik met “bescherming” (van schuimrubber) in mijn shirt. Zag er ineens een stuk gevaarlijker en indrukwekkender uit (goed voor de tegenstanders). Was ik toen een trendsetter voor dergelijke shirts? Zo’n tien jaar geleden zag je ineens ook internationals met beschermende padding spelen. Nu is dat niet meer zo, geloof ik. Al spelende “klom” ik op in de opstelling en uiteindelijk kwam ik dan op mijn plek: scrumhalf. En dat heb ik gespeeld totdat ik stopte.

Tibor Parijs-01In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders kijkt ons aan. 

Nog een gebeurtenis die ik niet snel vergeet, was een wedstrijd in Parijs. Mijn vriendin Maud ging ook mee, kon ik mooi eens “indruk” op haar maken met mijn “internationale” carrière. Het was een modderbad en we verloren natuurlijk.Tibor Parijs-02 Maar de Fransen waren zo onder de indruk, dat ze nog wel een tweede wedstrijd tegen ons wilden spelen, tegen hun tweede of zo. Lekker Frans weet je wel, als ze maar kunnen winnen is alles goed. Ook die verloren we, maar ik werd toen “en passant” tijdens het spel even flink met mijn gezicht in de modder gedrukt. Resultaat: kon niets meer zien. Liep naar de kant en vroeg mijn “lieve” vriendin me even schoon te maken… Mooi niet, “veel te vies en jij wil toch zo graag spelen..? Je zoekt het zelf maar uit”.

Tibor met gezicht onder de modder

Desondanks is zij toch met me getrouwd en nog gelukkig na 43 jaar. Er was ook een “gefluister”, dat de Nederlandse bondscoach wel wat zag in “die kleine”..: voor het jeugdteam. Helaas, door wie weet ik niet, werd er terug gefluisterd, dat ik wel een paar jaartjes boven de “onder-21-team” grens was. Jammer, dat was dus gelijk het begin en het einde van mijn internationale rugbycarrière. Herinner me ook, dat er een nieuw bestuur kwam, Hans Plat, financiën, Hans Grader, voorzitter, en ik zou dan de jeugd voor mijn verantwoording nemen. Toen werd het concept van een team van leiders rond de jeugdteams gevormd. We realiseerden ons, dat de club het van de jeugd moest hebben om te groeien en de kwaliteit van rugby te verhogen. Per jeugdteam werden een manager (organiseren), een trainer (alleen training) en een coach (wedstrijd coaching) aangesteld. Na veel praten hadden we dat voor elkaar en ik denk dat dit het begin is geweest van de opkomst en groei van onze jeugdleden.

Tibor Jack SpanjeTibor en Jack in Spanje aan het werk

Wat nog meer? Je ontdekt kameraadschap en vriendschap. Jack en ik hebben samen een halfjaar in Spanje in een nachtclub gewerkt; de verhalen blijven alleen “tussen ons”… In september 1980 zijn we naar Nieuw-Zeeland afgevaren, of eigenlijk gevlogen. Daar heb ik ook nog een paar jaar gespeeld. Maar ja, het verschil in kwaliteit tussen Nederland en Nieuw-Zeeland was zo groot..: iedereen liep links en rechts over en langs me heen. Speelde in het “presidentsteam”, voor over 35 jarigen. Als scrumhalf, maar als er gewonnen moest worden tegen sterke tegenstanders, dan kwamen er ineens veel jongere spelers te voorschijn en stond ik er dus naast. Enfin, werd ook een dagje ouder, liep tegen de 40 en ben er toen mee gestopt.

Tibor 77870002Paul en Annet Würster op bezoek bij de familie Snelders

Contact is er toch altijd wel gebleven met de club. Pim van Doesburg was in Australië voor zaken en kwam even langs wippen. Peter en Tineke Jacobs wipten ook even binnen, Guus Lakeman kwam ook met de backpack. En in de laatste jaren Paul en Annet Würster (met vrienden). Rond 2004 “wipte” ik even langs om wat oude makkers te zien, was een leuke reünie en in 2008 was ik weer van de partij voor het 75-jarig jubileum. Was even overgevlogen.., je kent dat wel.., dat doe je dan even.

Tibor CCF21032013_00000Weerzien in 2004

We hebben een geweldige tijd gehad in Nieuw-Zeeland, het land is erg goed voor ons geweest. Heb er dingen gedaan en bereikt (o.a. ijs en yoghurt gemaakt), die ik in Nederland nooit zou hebben gedaan. Helaas.., Bjorn (onze zoon) was na zijn studie naar Europa gegaan om wat “ervaring” op te doen. Wel, dat duurde zo’n 10 jaar en hij kwam niet meer terug, trouwde met een “lovely” British girl. Kreeg een dochter en toen een tweede dochter. Dat deed ons besluiten om terug te komen naar Europa, om van onze zoon en zijn familie te kunnen genieten. Wie had dat ooit gedacht, dat we op onze oude dag nog eens zouden emigreren. Na 31 jaar in Nieuw-Zeeland gewoond te hebben, vertrokken we in mei 2011 naar Engeland en hebben ons in Surrey gevestigd.

Tibor en Jack 2008Tibor Snelders en Jack Heer bij het lustrum in 2008

Heeft het ons leven veranderd? Zeker weten, we genieten van onze 2 kleindochters, eerst woonden we een wereld van elkaar en nu (letterlijk) om de hoek. Wel even wennen.. Van 5 hectare “tuin” in Nieuw-Zeeland naar een typisch UK “huisje-met-klein-tuintje“. Maar we genieten..; niet van het weer, helaas. RC ‘t Gooi: nogmaals gefeliciteerd en op naar de volgende 80 jaar! Zal zeker proberen dit lustrumjaar nog even langs te wippen, maar dan moeten jullie wel van Hilversum winnen…

Zie ook het fotoalbum Parijs 1970, met foto’s van de modderwedstrijd tegen St. Denis.

 

Nooit aangekomen, door Hans Walscheid van Dijk

Nijenrode met ophaalbrugKasteel Nijenrode op een oude ansichtkaart

In september 1963, vier maanden na de 6e lustrumviering van onze club, werd ik lid, na daarvoor bij Nijenrode te hebben gespeeld. Ik woonde in Utrecht en daar was nog geen rugbyclub. Louis van Keller heeft mij overgehaald om in Naarden te komen spelen. Ik had een scooter, dus vervoer was geen probleem. Trainen ging in het begin niet, want ik zat in dienst in Maastricht. Toen ik in Ermelo terecht kwam ging ik trainen.

r-dauphine58Een Renault Dauphine

Mijn scooter werd omgeruild tegen een tweedehands Renault Dauphine. In de zomer van 1964 had ik een leuk meisje gezien bij Van Dijk in Loosdrecht (toen een begrip), dat een vriendin bleek van de vriendin van mijn beste vriend. Toen we eind december met z’n drieën wilden uitgaan, herinnerde ik mij die vriendin en vroeg of ze haar wilden vragen mee te gaan. Dat was OK. We gingen de meisjes ophalen en het eerste wat ik zag toen de “onbekende” de trap afkwam was een ingepakte knie (gevallen tijdens het schaatsen). Daarna kwam de rest van het vrouwelijk schoon, maar dat was niet het meisje dat ik in gedachten had….

We zijn die avond toch nog op de dansvloer terechtgekomen, mijn vriend en z’n vriendin uit het oog verloren en geëindigd in een lang gesprek op de achterbank van mijn Renault. Nu had ik in Harderwijk, waar ik inmiddels gelegerd was, een meisje uit Eindhoven ontmoet, dat ik had uitgenodigd mee te gaan naar het nieuwjaarsfeest van de rugbyclub. Ik wilde nu echter liever met mijn nieuwe vriendin gaan, dus zo geschiedde. Deze nieuwjaarsfeestjes werden altijd druk bezocht. Om half een pikte ik haar op, na met haar moeder kennisgemaakt te hebben, zo ging dat nog in die tijd.

Op weg naar Naarden begon de Renault te roken en in Hilversum, waar nu het Mediapark is gevestigd, begaf de Renault het helemaal. Wat te doen? Mobiele telefoons bestonden nog niet. Ik besloot om de huizen in de buurt langs te lopen om te kijken of nog ergens licht brandde. Dat was gelukkig zo en de bewoners waren zo vriendelijk om mij naar huis te laten bellen. Mijn ouders waren nog op en mijn vader wilde mij wel ophalen. Kleumend wachtten wij mijn vader op.

Hans en Carla Walscheid van Dijk, 10 april 1965Hans en Carla in 1965

Ik had niet gezegd dat ik een vriendin bij me had, dus dat was een verrassing voor mijn vader, maar hij had niet gezegd dat mijn moeder en mijn broer ook mee zouden komen en dat was weer een verrassing voor mij! Dit werd de eerste kennismaking met mijn familie van mijn vriendin Carla, die later mijn vrouw zou worden. In Naarden zijn we die nacht nooit aangekomen,  maar we zijn in de jaren daarna nog geregeld naar de nieuwjaarsfeestjes in de “echte” Poort in de vesting gegaan, totdat een paar jaar later alcoholcontroles werden ingevoerd. Dat betekende het einde van de nieuwjaarsfeestjes in de Poort.

De Renault Dauphine 1956 scoort een eervolle 9e plaats op “The 50 Worst Cars of All Time”-lijst van Time magazine. De motivering is glashelder: “The most ineffective bit of French engineering since the Maginot Line, the Renault Dauphine was originally to be named the Corvette, tres ironie. It was, in fact, a rickety, paper-thin scandal of a car that, if you stood beside it, you could actually hear rusting. Its most salient feature was its slowness, a rate of acceleration you could measure with a calendar. It took the drivers at Road and Track 32 seconds to reach 60 mph, which would put the Dauphine at a severe disadvantage in any drag race involving farm equipment. The fact that the ultra-cheap, super-sketchy Dauphine sold over 2 million copies around the world is an index of how desperately people wanted cars. Any cars”.

Reactie Hans Walscheid van Dijk: “Ik heb toch wel plezier beleefd aan de Dauphine”.

De oostelijkste club van Nederland (1963)

Het bestuur van RC ’t Gooi in 1963, met Bas Hageman uiterst rechts. De overigen zijn Dolf Ubaghs, Louis van Keller, Jaap Simons en Ernst Sandtmann

In het jubileumnummer van De Scrum van april 1963 schrijft redacteur, secretaris van het RC ´t Gooi-bestuur en voorzitter van de Pers- en Propagandacommissie van de Nederlandse Rugby Bond Bas Hageman onder de titel “Verder kijken dan onze neus lang is” over de ontwikkeling van het rugby in Nederland. Hij heeft het over clubs “die zich nu als stevige dertigjarigen en als goede bekenden aan ons voordoen. De Haagse Rugby Club, AAC uit Amsterdam en… onze bloedeigen Rugbyclub ’t Gooi. Daartussendoor registreren wij clubnamen die nu in geen enkel annaal meer voorkomen. De ‘oude’ RC Hilversum, de RC Heemstede, de RC van de MTS in Haarlem, de RC van de Adelborsten in Den Helder”.

Verdwenen: ARVC, de Amsterdamsche Rugby Voetbal Club

En verderop in zijn verhaal: “Met groot ontzag hebben wij altijd naar het Zuiden gekeken waar de RC Eindhoven als eenling in een groot gebied zich weet te handhaven. Het is dringend noodzakelijk dat er in Breda, Tilburg, Den Bosch en Nijmegen rugbyclubs komen om het de Eindhovense pioniers wat gemakkelijker te maken. Nu drijven zij helemaal de Belgische kant op en ofschoon wij niets dan goeds willen zeggen van onze zuidelijke buren, achten wij dat niet helemaal gezond.

Verdwenen: de Leidsche Rugby Voetbal Club

Ook in Groningen zitten de studenten al heel lang te popelen om een rugbyclub te formeren. Maar dan moet er ten oosten van de lijn Naarden – Bussum – Hilversum – Breukelen eerst een of meer tussenschakels komen. Wageningen, Apeldoorn, Zwolle, Meppel, Heerenveen en Assen moeten veroverd worden. En laten wij dan gelijk een begerige blik werpen op Zutphen, Hengelo, Enchede, Arnhem en Dedemsvaart. Utrecht wordt spoedig onder handen genomen. En wat te denken van Haarlem, Alkmaar en Zaandam?

Verdwenen: de afdeling Rugby van de Sportvereeniging van de MTS Haarlem

Wij ontveinzen ons niet dat wij hier en daar een beetje kwistig zijn geweest bij het etaleren van onze plaatsen-kennis, maar toch is het ons allemaal complete ernst. Ook al worden onze communicatiemiddelen sneller en beter, ook al reist men binnenkort veilig, vlug en altijd toch wel onvoordelig naar de Maan, het is eigen clubbelang te zorgen dat de belangen van de andere clubs goed behartigd worden”.

Eén van de nieuwe clubs in Oost-Nederland uit de jaren ’70: The Pigs uit Arnhem

Dat waren dus heel andere tijden in 1963, toen RC ´t Gooi en RC Hilversum de meest oostelijke clubs van Nederland waren. Het geeft wel voldoening te constateren, dat anno 2013 nagenoeg het hele verlanglijstje van Bas Hageman in vervulling is gegaan, zeker omdat ”onze” Ton Steenwinkel daar als bondsbestuurder in de jaren ´70 een belangrijke rol bij heeft gespeeld. Al blijft er natuurlijk altijd wel wat te wensen over. Waarom is er bijvoorbeeld nog steeds geen rugbyclub bij onze buren in Huizen?

Afscheidsfeest Willem van Drimmelen bij boer Calis (1964)

Willem van Drimmelen is de naam van een Zuid-Afrikaan, die in het begin van de jaren ’60 bij RC ’t Gooi speelde. Oudere Gooiers spreken met waardering over hem, hoewel hij slechts enkele jaren bij de club doorbracht. Die waardering spreekt ook uit het afscheid dat de club op 21 november 1964 van hem nam. Dat was tijdens een feest op de boerderij van boer Calis in Blaricum. Met Haagse rugbyers als deelnemers en de koeien van de boer als verbaasde toeschouwsters.

Willem van Drimmelen was lid van het bestuur, de ‘tegniese kommissie’ en ‘breier van die eerste span’ in het seizoen 1963 – 1964, maar niet zo lang. Hij wilde meer van Europa zien en dat combineerde niet zo goed met vaste rugbyverplichtingen, zoals hij schreef aan de toenmalige voorzitter Bert de Boer:

In de lustrum-Scrum bij het 70-jarig bestaan van RC ´t Gooi in 2003 schreef Aart Baardwijk over Willem van Drimmelen. ”Willem rekende ik tot mijn vrienden. Hij was altijd een maandsalaris achter. De helft van de maand was hij bij mij in de kost, de andere helft bij Lien en Ton de Meij. Die hadden gelukkig een bakkerszaak, daar was altijd wel een boterham over. Willem was lid van sociëteit ”De Unie” aan de ´s Gravelandseweg in Hilversum. Hoe hij ooit door de ballotage is gekomen is mij een raadsel, want Prins Bernhard werd geweigerd, wat weer te begrijpen is.

Willem van Drimmelen met boekDaar gingen we ´s avonds kaarten: ”Aassies-jaag”, Hartenjagen, altijd om kleingeld. Een vast sluitingsuur heeft ”De Unie” niet, om 12.00 uur ´s nachts komt de ober/huisknecht in zijn pyamajasje de bestelling voor de rest van de nacht opnemen. Willem bestelde altijd een krat bier en een fles jenever. Veel rugbyers noemden hem dan ook Willem van Drinkelen en waar zijn maandsalaris heen ging is nu ook bekend. Van zijn moeder kreeg hij iedere maand 100 rand (1 rand was toen 5 gulden). Ik kreeg regelmatig brieven van zijn moeder, die wel wilde weten hoe het met Willem in het ”van god los” Nederland verging. Recepten verstuurde zij ook. Ik heb nog een barbecue recept, dat begint zo: ”men neme een halve skaap”. Zijn vader was wat harder, toen Willem na een aanrijding tweeduizend gulden moest betalen, vroeg hij geld aan zijn vader. Hij stuurde een telegram aan pa: ”stuur 400 rand of ik sit”. ´s Middags antwoord: ga jij maar sit.

Na 15 jaar niets van hem gehoord te hebben, stond hij plotseling weer voor mijn deur, met een aangeschoten vriend (die ik direct naar bed stuurde) en Frans Henrichs. Frans was de dood nabij. Willem was op weg naar Pim Westerweel in Amsterdam. Op die dag kwam ook het bericht dat Zuid-Afrika weer aan de Olympische Spelen mocht deelnemen. Hij heeft tot in de kleine uurtjes feest gevierd”.

Calis -02

Waarom het feest op de deel van boer Calis in Blaricum plaatsvond is na al die jaren niet helemaal duidelijk. Wel herinneren sommigen zich, dat hun kleding na het feest dringend naar de stomerij moest…