Speuren in de rugbygeschiedenis (1937)

 Invitatie, niet bestemd voor verkoopVrijkaartje voor de wedstrijden in Parijs op 10 oktober 1937

1937-teamfoto-Rein KoopmansBij het maken van het verhaal “Een leuk stel mannen” doken er oude documenten en foto’s van ons oer-lid Rein Koopmans op. Eén van die documenten was een vrijkaartje voor het bijwonen van de wedstrijd Roemenië – Nederland. Let wel: op 10 oktober 1937 en in Parijs! Daar wordt een mens nieuwsgierig van. Nauwkeurig lezen leverde op, dat het ging om een internationaal toernooi onder de vlag van de Franse Rugbyfederatie en dat er op diezelfde zondag en in hetzelfde stadion “Jean Bouin” nog een wedstrijd plaatsvond, nl. Italië – België. Er waren dus minstens vier deelnemende landen. En verder moest het toernooi iets te maken hebben met de “Exposition de Paris 1937”, maar wat? En er waren natuurlijk nog meer vragen. Zoals: wie speelden er mee? 1937-09-24 G+E Ned rugbyploeg nr ParijsWaren er ook Gooiers bij en wie dan wel? Wat was de uitslag?

 

Rein Koopmans in 1937/38

Is er een verslag van de wedstrijden gemaakt en is dat ergens te lezen? Hebben sommige van de opgedoken oude foto’s wellicht iets met die wedstrijden te maken? Zijn er nog meer foto’s te vinden? Tijd voor speurwerk!

Krantenartikel met de selectie voor Parijs

Allereerst maar eens kijken of er in 1937 iets over in de krant stond. Uit diverse digitale archieven hadden we al enkele honderden krantenknipsels uit de jaren ’30 en ’40 verzameld. Daarbij bleek een bericht uit de Gooi en Eemlander van 24 september 1937 te zitten, met de selectie van de Nederlandse rugbyploeg voor de wedstrijden in Parijs. Let wel: wedstrijden, meer dan één dus. Bij die selectie zaten drie spelers van de Gooische Rugby Club (GRC), nl. Walt Jongman, Jan Schrage en Bob Zwart. Dus niet Rein Koopmans.

1937-10-11 G+E Grote nederlaag Ned FIRA toernooiKrantenartikel nederlaag tegen Roemenië

Maar dat was niet alles. Er waren nog twee krantenberichten die met dit toernooi te maken hadden. Op 11 oktober meldde de Gooi en Eemlander, dat Nederland een dag eerder een grote nederlaag met 42 – 5 tegen Roemenië had geleden. De Belgen deden het echter nog iets slechter tegen Italië: ze verloren met 45 – 0.

1937-10-15 G+E Int rugbytoernooi ParijsKrantenartikel halve finales

Het andere bericht stond ook in de Gooi en Eemlander, op 15 oktober. Het meldde, dat de dag daarvoor Italië de finale had bereikt via een 9 – 7 overwinning tegen Duitsland. De andere finalist zou Frankrijk worden, dat met 27 – 11 van Roemenië had gewonnen.  Er waren dus blijkbaar 6 deelnemende landen: Nederland, Roemenië, België, Italië, Duitsland en Frankrijk.

Roemenie - NL 1937 ParijsGevonden foto met wedstrijdmoment Roemenië – Nederland, 42 – 5, op 10 oktober 1937

Nu maar eens kijken of het plaatje compleet te maken was. Googlen dus, op zoek naar de resterende uitslagen, teksten en beelden. Er bleek “gewoon” een Wikipedia-pagina van dit FIRA-toernooi te bestaan! Met alle data, locaties, deelnemers, uitslagen en zelfs – voor zover bekend – de namen van de spelers! Het bleek, dat we op 16 oktober verloren van België met 20 – 3 en daardoor zesde en laatste werden.

5559429670_c0a4c004fa_o-001Gevonden foto van de halve finale Frankrijk – Roemenië, stadion Jean Bouin, Parijs, op 14 oktober 1937

Het toernooi werd gewonnen door Frankrijk, dat in de finale Italië versloeg (51 – 43), terwijl Duitsland 3e werd, dankzij een overwinning met 32 – 30 op Roemenië.

Op zoek naar een verslag en wellicht meer foto’s contact gezocht met Pieter Tolsma van AAC (omdat er ook drie AAC-ers in de selectie zaten) en met de Leo van Herwijnen Foundation. Die laatste kwam niet verder dan de mededeling, dat men “nog bezig is met het inventariseren van alle items”. Maar Pieter ging op één van die érg warme dagen in juli naar de zolder om daar bij een temperatuur van 40 graden Celsius zijn archief te raadplegen: hulde voor die man!

1938-01-10 G+E Ned-Roemenie 3-3Pieter wist te vertellen, dat er in het 50 jaar NRB jubileumboek (van Leo van Herwijnen) twee regels en een foto over dit toernooi in 1937 staan: “Roemenië komen wij in hetzelfde jaar op een toernooi in Parijs tegen. Met een 42 – 5 verliescijfer in de bagage keert Oranje naar Holland terug”. Ook Joop van Vught (Pieters oom, die deel uitmaakte van de selectie voor Parijs) schreef  in het eerste NL-rugbyboek “De wijze Jacob” slechts twee regels over dit toernooi: “De Roemenen ontmoetten wij in 1937 in het kader van het “Tournoi International de Football Rugby” ter gelegenheid van de Wereldtentoonstelling te Parijs. Geheel onnodig verloor Nederland deze wedstrijd met de cijfers 42 – 5. Hoe geflatteerd dit resultaat voor de Roemenen was blijkt uit het feit, dat in 1938 tegen een, zij het wat zwakker, Roemeens XV-tal een 3 – 3 gelijkspel werd behaald“. Geen omvangrijk resultaat, maar wel een leuke aanvulling op wat we al wisten! En een aansporing om verder te zoeken.

Bericht over de wedstrijd op 9 januari 1938 in Alkmaar.

Verder leverde het zoeken nog de nodige informatie op over de Parijse Wereldtentoonstelling in 1937.

Paris-1937ExpoDe paviljoens van Duitsland en de Sovjet Unie, links en rechts van de Eiffeltoren

En ook over de Wereldtentoonstelling 1937 bestaat er een Wikipedia-pagina, in het Nederlands zelfs! Erg opvallend waren de tentoonstellingspaviljoens van nazi-Duitsland en de communistische Sovjet Unie. Ze stonden letterlijk tegenover elkaar nabij de Eiffeltoren en qua hoogte en lelijkheid boden ze tegen elkaar op. Achteraf kun je zeggen, dat de Tweede Wereldoorlog zo z’n schaduwen al vooruit wierp.

ReinK-19Spelers en supporters op de trap voor de Parijse Opera. Eerste rij, geknield: 3x ?. Tweede rij, geknield: Walt Jongman, ?, Joop van Vught. Daar achter, staand: Rein Koopmans, ?, Bob Zwart, Jan Schrage, 6x ? Wie kent de ontbrekende namen?

Hoe past het verhaal van de Gooiers bij deze achtergrond? Waarschijnlijk kregen de drie geselecteerden, Walt Jongman, Jan Schrage en Bob Zwart elk één of meer vrijkaartjes voor de te spelen wedstrijden. Die vrijkaartjes plus de bestemming Parijs plus de Wereldtentoonstelling waren bij elkaar aantrekkelijk genoeg om supporters mee te lokken.

?, ?, Walt Jongman, Fred Huyer, Rein Koopmans?, ?, Walt Jongman, Fred Huyer, Rein Koopmans

We herkennen Rein Koopmans en Fred Huyer op de foto’s maar mogelijk waren er meer supporters bij en ook van andere clubs dan de Gooische RC. Tussen de wedstrijden van 10 en 16 oktober was er voldoende gelegenheid om als toeristen in Parijs rond te kijken en dat op foto’s vast te leggen.

ReinK-11In stadion Jean Bouin; training? Van links af: ?, Walt Jongman, Rein Koopmans, ?, ?, ?, Jan Schrage, Bob Zwart, ?, ?, ?. Wie kent de ontbrekende namen?

En waarschijnlijk werd er ook getraind, mogelijk met deelname door de supporters, zoals de foto met de verschillende rugby outfits lijkt te suggereren. Mogelijk arriveerde men in Parijs op de dag voor de eerste wedstrijd (9 oktober dus) en vertrok men op de dag na de tweede wedstrijd tegen België, of na de finale (dus op 17 of 18 oktober 1937), al zijn andere scenario’s natuurlijk ook denkbaar. Wie het weet mag het zeggen!

Maar duidelijk is wel, dat het gaat om een trip met de Nederlandse rugbyselectie van ongeveer een week  naar het internationale FIRA rugbytoernooi in Parijs in oktober 1937. Qua wedstrijdresultaten geen geslaagde expeditie, maar wel leuk voor de spelers én voor de supporters!

Zie ook het bijbehorende fotoalbum FIRA toernooi in Parijs 1937

Rugby in de oudheid, door Bob de Jonge

 

?, Bob de Jonge, ?, ?, Fred Huyer, ?RC ’t Gooispelers uit de oudheid (jaren ’30): ?, Bob de Jonge, ?, ?, Fred Huyer, ?

In 1978, bij het 9e lustrum, schreef ons erelid, oud-voorzitter J.A.J. (Bob) de Jonge in De Scrum over de rugby-oudheid in Nederland. Hij maakt daar zelf deel van uit. Als de allereerste secretaris van de op 1 oktober 1932 opgerichte Nederlandse Rugby Bond stond de latere bondsvoorzitter aan de wieg van RC ‘t Gooi. Hij was in die tijd nog lid van ARVC, de Amsterdamsche Rugby Voetbal Club. En dan nu Bob de Jonge zelf aan het woord.

Wanneer je in De Scrum een vraaggesprek met pionier Frankfort hebt gelezen, gaan je gedachten onwillekeurig terug naar het verre verleden. De rugbywereld van heden ten dage is wel heel wat anders dan het rugbywereldje van toen. Je vraagt je af hoe het allemaal is begonnen en hoe het zich heeft gehandhaafd. Het antwoord op dat handhaven is niet zo moeilijk te geven: door pionierswerk van mensen als Frankfort.

DSR-C in actie tegen AAC in Amsterdam in 1934DSR-C in actie tegen AAC in Amsterdam (tijdschrift Sport in Beeld, 1934)

Maar de geboorte van de rugbysport in Nederland is wat duister. De oudste en veruit de oudste club is de DSR-C, die ik in de eerste wereldoorlog in mijn zeer prille jaren weleens zag spelen tegen gestrande Zuid-Afrikaanse studenten en Britse krijgsgevangenen (1). Dat vond dan plaats onder andere in het oude stadion in Amsterdam (2) en als kind werd ik zo geestdriftig dat ik, toen ik de kans kreeg, zelf ben gaan spelen. En die kans kwam in 1930, er stond toen in de Amsterdamse bladen een oproep van een aantal Zuid-Afrikaanse en Engelse studenten ter oprichting van een rugbyclub en daaruit ontstond ARVC, dat gezien het aantal voortreffelijke buitenlanders, een zeer goed partijtje vertolkte.AAC tegen ARVC in maart 1933

AAC tegen ARVC (tijdschrift Revue der Sporten, 13 maart 1933)

1933-01-17 DBC oprichtingARVC, kort daarna gevolgd door AAC, was de derde rugbyclub van Nederland; RCE was inmiddels door oud-Delftenaren van de grond gekomen. Voordien had Delft zich eenzaam en alleen staande moeten houden door enkele wedstrijden per jaar te spelen tegen de Antwerp British, de British Bruxelles en met Pasen enkele ontmoetingen met Engelse XV-tallen. Geen geringe prestatie. Voor de oorlog werden nog opgericht de HRC, de RRC, RC ’35 en de Gooische Rugby Club, dus niet de Rugby Club ’t Gooi. Ik kom daar straks op terug. Door een leraar Engels, Henk Kruising (als ik het goed spel) (3), waren enkele middelbare scholieren geestdriftig gemaakt voor onze sport. Een oprichtingsvergadering vond plaats in een café over de spoorbomen in Bussum. Namens de bond was ik daarbij aanwezig, vandaar mijn band met RC ’t Gooi, waar ik later nog jaren voor heb gespeeld.Scan.BMP

Hoe zat dat nu met die naam? De GRC werd toentertijd (nog voor de oorlog) benaderd door de Atletiek Unie. Indien wij ons aansloten, zouden wij bij de training worden geholpen en ook zou ons materiaal ter beschikking worden gesteld. Daar hebben we nooit iets van gemerkt en dus weigerden wij onze contributie te voldoen. Er werd gedreigd met royement en dat zou hebben betekend, dat de NRB ons ook zou hebben moeten royeren als lid. Eenvoudige oplossing: GRC hief zichzelf op en op datzelfde historische ogenblik kwam de RC ’t Gooi ter wereld!

Onze clubkleuren waren ook niet geheel hetzelfde als nu. De middenbaan van het shirt was lichtblauw. Toen in 1945 weer met frisse moed werd begonnen, werd aan alle oud-spelers verzocht hun shirts ter beschikking te stellen. Toen eindelijk nieuwe shirts konden worden aangeschaft, waren de oude kleuren niet meer te krijgen.

stoomtreinHoe was het (rugby)leven in de oudheid? Wel wat anders dan in de welvaartsstaat! Het reizen geschiedde vrijwel uitsluitend per trein op een zogenaamd gezelschapsbiljet. Aangezien ieder XV-tal zo’n drie of vier werklozen telde, moesten de andere spelers het gezelschapsbiljet voor hun rekening nemen. Wij speelden in het algemeen op bijvelden van kleine voetbalclubs, kleedgelegenheid een oud bouwkeetje, wassen in blikken bakken met water uit de sloot. Voor gezelligheidsavonden was er geen geld ter beschikking, trainen alleen op zaterdagmiddag mogelijk. Maar we hadden er allemaal veel voor over en we bleven overeind!

Kleedhokje van ARVC aan de Schagerlaan, ca. 1930Kleedhokje van ARVC aan de Schagerlaan, ca. 1930 (uit “In de lijn gespeeld”, Leo van Herwijnen, 1982)

De eerste jaren van ’t Gooi kenmerkten zich door grote geestdrift en wat het spel betreft door grote inzet en snelheid. Aan techniek en tactiek ontbrak nog alles. Ons terrein was in de toenmalige “zandafgraving” in de buurt van de watertoren (4). Maar nog voor de oorlog uitbrak in 1940 had ’t Gooi de bekercompetitie gewonnen! De grote namen van die tijd waren: Meeuwis, Jongman, Klasema, Van Heijningen, Van Kooten, Hosman, Plat, Koopmans en nog zovele anderen.

watertoren Bussum02Het terrein bij de watertoren moet links van de weg gelegen hebben, waar nu de begraafplaats is, ter hoogte van het huidige P+R-terrein bij station Bussum Zuid

Ik noemde zo even de bekercompetitie; een gewone competitie kenden wij niet. De bekerwedstrijden werden in een halve competitie gespeeld en verder hadden we net als in Engeland een vrije fixture list. Het kostte de clubbesturen heel wat moeite een goed wedstrijdprogramma in elkaar te zetten. Maar het had ook een voordeel: het ging er bij elke ontmoeting niet om de punten en zo kregen jongere en minder goede spelers volop kans mee te doen.

Henri_van_boovenWaarom er geen competitie was? Dat zat ’m in de NRB. De bond was opgericht op initiatief van de schrijver en journalist Henri van Booven, zelf een zeer verdienstelijk cricketer. DSR-C voelde wel de noodzaak van de oprichting van een overkoepelend orgaan, maar had ook bezwaren. Zoals: wij zijn studenten en wij willen ook onze contacten met Engeland niet verliezen. En dit was vroeger een brandende kwestie. De Britse landen in de wereld hadden hun eigen RFU en ook Frankrijk was daarbij aangesloten. Door de professionele aanpak in Frankrijk (ze waren er daar al vroeg bij), spelverruwing, betaling onder-de-tafel, werd Frankrijk uit de RFU gezet. En begonnen dus de Fransen aan de oprichting van de FIRA. Nu mochten Engelse clubs wel spelen tegen FIRA-leden, maar dan mocht er in het desbetreffende land geen competitie worden gespeeld en we moesten daarvoor buigen. In zekere zin ontdoken wij dat beding, door de beker te laten verspelen in de vorm van een halve competitie. Wij hadden dus wel een bekerhouder, maar geen (echte) kampioen!

En zo kwam het allemaal langzaam en moeizaam op gang totdat er midden in de Tweede Wereldoorlog een zeer plotseling einde aan de zaak kwam en er in 1945 weer opnieuw werd begonnen. En het verdere verloop zal de meesten wel bekend zijn.

Voetnoten:

(1) Dat is maar net mogelijk, want DSR-C werd opgericht op 8 oktober 1918 en de eerste wereldoorlog eindigde op 11 november 1918.

(2) Bedoeld wordt vermoedelijk Het Stadion aan de Amstelveenseweg in Amsterdam,  tot de sloop in 1929 de voorganger van het Olympisch Stadion

(3) Henk Kruissink is de correcte spelling. Hij en André Talboo waren de initiatiefnemers voor de oprichting van de Drafna Sport Club op 14 januari 1933, die ruim een jaar later, op 31 januari 1934, fuseerde met de Hilversumsche Rugby Club tot de Gooische Rugby Club en die weer later Rugby Club ’t Gooi zou gaan heten.

(4) Dit speelveld moet gelegen hebben ter hoogte van het huidige P+R parkeerterrein bij station Bussum Zuid, waar nu de begraafplaats ligt.

Zie ook:

Interview met Bob de Jonge (filmpje uit 1988)

De oprichters van RC ’t Gooi

Het Drafna-lyceum

De oertijd van RC ‘t Gooi: het échte verhaal!

 

Rugbypromotie in de jaren ’70

Herman-KuiphofHerman Kuiphof

Op Geschiedenis 24 een filmpje-uit-de-oude-doos gevonden, dat niet rechtstreeks met RC ‘t Gooi te maken heeft, maar wel met de Nederlandse rugbygeschiedenis. Het filmpje – onder de noemer: onbekende sporten – duurt ruim 16 minuten, waarvan de eerste 3 minuten zonder beeld: die kun je dus overslaan. Het filmpje biedt een paar bekende namen. Herman Kuiphof is de presentator en interviewer. Hans Brian – tegenwoordig sportverslaggever – geeft rugbytraining. En die divepassende scrumhalf: is dat niet Frits Frankfort..?  Jus van Doorn – later voorzitter van de Nederlandse Rugby Bond – wordt geïnterviewd als voorzitter van de Haagsche RC.

Jus vertelt onder meer over de toestand en de groei van het Nederlandse rugby, waarin in die tijd slechts zo’n 700 á 800 rugbyers actief waren. Te zien zijn beelden van de interland Nederland – België, gespeeld in Zeist, waarin o.a. Jus van Doorn zelf meespeelde. Uitslag: 8 – 3. En ook beelden van een wedstrijd van Zuid-Afrika tegen een Engels testteam, gespeeld in Bloemfontein. Het filmpje is uitgezonden door de VPRO op 30 mei 1964. Het tempo is voor hedendaagse ogen belachelijk laag, maar ook dat is geschiedenis. En waarom moet ik toch zo aan Jacobse en Van Es denken..? Kijk zelf maar!

Jus van Doorn reikt Van Broekhuizenbeker uit aan RCHNRB-voorzitter Jus van Doorn reikt de Van Broekhuizen beker uit aan RC Hilversum

RC ’t Gooi-speler Ton Steenwinkel was jarenlang met Jus van Doorn lid van het NRB-bestuur. Ton herinnert zich: “… dat de NRB in 1970 zo’n 18 clubs had en het bestuur in 1973 geld van het Ministerie van Cultuur Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM) kreeg. Ongeveer 18.000 gulden, losgepeuterd door Jus van Doorn, om de rugbysport in het Noorden en Oosten van het land te promoten. Ik trok met een filmprojector door het land, hield presentaties en vertoonde mijn films. Ook speelden we verscheidene “demonstratie wedstrijden” waarbij de gewenste spelers niet altijd kwamen opdraven. Ik herinner me minstens één wedstrijd waarin het Nederlands XV niet compleet was en de aanwezige rugbyspelers, zoals Tom Visser en ik, het oranje shirt aantrokken om vervolgens onze eerste wedstrijd voor het Nederlands team te spelen.

Belangrijker was, dat met de hulp van vele oud-studenten en natuurlijk Koos Kuiper – de befaamde kroegbaas uit Groningen – er vele nieuwe clubs werden opgericht, niet alleen in het noorden en oosten, maar ook in het zuiden van Nederland. Toen Jus van Doorn en ik in 1981 stopten als bestuurlid, was de NRB wel gegroeid van 18 naar ongeveer 105 clubs! Helaas hebben niet alle clubs het overleefd. Nu we het over overleven hebben; de “derde helft” van de wedstrijden Haagsche Rugby Club en Rugby Club ’t Gooi duurde altijd minstens tweemaal zo lang als de wedstrijd zelf. Je mocht blij zijn als je zondagavond weer om 11.00 uur thuis was. Van alcoholvrije drankjes hadden wij nog niet gehoord!

Foto_van_Doorn,_van_Dalen,_Steenwinkel-1981_Golden_Oldies_ToenooiWalter van Dalen (AAC), Ton Steenwinkel (RC ’t Gooi) en Jus van Doorn (HRC) als Witte Raven in Californië in 1981

Natuurlijk speelden de NRB-bestuurleden toen nog elke week en in juni 1981 namen Walter van Dalen, Jus van Doorn en ik met de Witte Raven deel aan het tweede Golden Oldies Rugby Festival in Long Beach, California, USA. We hebben daar op waardige wijze met 17 spelers het Nederlandse rugby vertegenwoordigd. Ofschoon wij het veelvuldig geprobeerd hebben, waren we toch niet echt enthousiast over het Amerikaanse bier, als je het bier kunt noemen! Dan gelukkig maar weer een mooi Nederlands biertje in ons Naardense clubhuis.

De schuld van dit alles heeft Hans Plat. Die meende zo nodig een rugbywedstrijd tussen de Scholengemeenschap Godelinde en het Vitus College te moeten organiseren. Daardoor heeft hij mensen zoals ik weten te ronselen! 46 Jaar later ben ik nog steeds verknocht aan de rugbysport en aan Rugby Club ’t Gooi… Bedankt hoor Hans!!”.

Ga ook naar:

Een “geheime” buitenlandse competitiewedstrijd (ca. 1972), door Ton Steenwinkel

De oostelijkste club van Nederland (1963)

Pa Büchner, een “vergeten” erelid? (jaren ’40/’50)

A. ("Pa") Büchner, trainer en coach 1944-1962Aquarel van Pa Büchner

In 1988 ondernam oud-Gooispeler Jaap van den Berge een actie voor erkenning van de verdiensten van de heer Adolf Büchner, de vader van de oud-Gooiers Werner en Dieter Büchner. BApril 1998, Ge Meerman, Jaap vd Berge, Louis Kehrer, Rien Termeulenij zijn bezoeken aan de lustrum-reünies in het nieuwe clubhuis in 1983 en 1988 was het Jaap opgevallen, dat er geen aandacht aan deze opmerkelijke figuur uit de Gooi-historie besteed werd. Zijn actie leidde er onder meer toe, dat Adolf Büchner in 1989 postuum tot erelid van RC ’t Gooi benoemd werd. Wie was eigenlijk deze heer Büchner, die niet alleen door zijn zoons “pa” werd genoemd?

Jaap van den Berge (rechts) met Gé Meerman bij de lustrumviering 1998

Zo’n 25 jaar eerder stond er in de De Scrum van 28 augustus 1963 een in memoriam voor Adolf Büchner met als titel “Terugblik”, dat een aardig inzicht biedt in de persoon Pa Büchner. De datum van zijn overlijden wordt niet genoemd. Schrijver: die zelfde Jaap van den Berge.

IM Pa Buchner-01

00 teamfoto-01

RC ’t Gooi-teamfoto uit ca. 1952 met o.a. Dieter Büchner (staand, 3e van links) en Werner Büchner (vooraan, met bal)

IM Pa Buchner-02

1943 kaartje leggen bij fam BuchnerKaartje leggen bij de fam. Büchner, ca. 1943, Theo Terlingen, Joop Dooyer (beiden geen rugbyer), Bob Lenderink, Dieter Büchner, Tonny de Lange (geen rugbyer)

IM Pa Buchner-03

1948-04 Geselecteerd schoolteamTeam van Bussumse middelbare scholieren, dat in april 1948 tegen een schoolteam uit Liverpool speelde. Geknield: ?, Werner Buchner, Bob Lenderink, Frits Frankfort, ?, ?

IM Pa Buchner-04

1945-12-23 Ned-Belgie teamsDe eerste naoorlogse Nederland – België op 23 december 1945 op Sportpark Zuid in Bussum. Links met bloemen bondsbestuurder (en Gooier) Kees Meeuwis, rechts met alpinopet scheidsrechter Paul Béchet. De Belgen dragen vesten.

IM Pa Buchner-05

1948-02-07 bal masque midden pa BuchnerBal masqué, 7 februari 1948, ?, hr. Von Stein (schilder), Dieter Büchner, pa Büchner, mw. Büchner, Werner Büchner, ?

IM Pa Buchner-06

1962-12-16 Hannover Victoria-01Bezoek van Victoria Hannover met Gooi-bestuur aan stadhuis Naarden eind 1962

IM Pa Buchner-07

Bob Lenderink met Pien-03 en pa BuchnerPa Büchner met pijp bij het bal masqué 7 februari 1948 

Ook buiten RC ’t Gooi bleef Pa Büchner niet onopgemerkt; zo zei Toon Bogers, oud-speler van AAC en erelid van de NRB, in de lustrum-Scrum van 2003 over de jaren kort na de oorlog: “In die tijd was pa Büchner, de vader van Werner en Dieter, coach en wel een zeer bijzondere. Vooral ten aanzien van zijn terminologie, hij was van Duitse komaf en hij hanteerde langs de lijn de Duitse termen, zo brulde hij “unter die Billen”, wanneer hij vond dat de scrum niet laag genoeg inkwam, de line-out was “die Gasse” en de scrum “Gedrängel”, opmerkelijk was, dat niemand daar aanstoot aan nam en dat vlak na de oorlog”.

Een markante man dus, die het verdiende om erelid te zijn. Wel opmerkelijk, dat hij in 1989 postuum tot erelid werd benoemd, terwijl hij dat blijkens het in memoriam van Jaap van den Berge uit 1963 al was. Blijkbaar dus een “vergeten” erelid, niet alleen door de club, maar ook door Jaap van den Berge.

Zie ook ‘De eerste interland na de oorlog’.

Felicitaties en herinneringen, door Tibor Snelders

Handig, internet. Ik kreeg het e-mailadres van Tibor Snelders te pakken en  vroeg hem om me vanuit het buitenland een felicitatiefilmpje voor op de lustrumwebsite te sturen. “Ben niet goed met computers etc., weet dus ook niet hoe je een filmpje moet maken. Concentreer me dus maar op het geschreven woord“, schreef hij terug. Hier volgt zijn verhaal.

foto029Gooi 13-14 maart 1978, bij AAC Heineken Sevens, achter: Marco Cupedo, Peter Jacobs, Jeroen Snijders Blok, Ton Jacobs, Rene van Latum, voor: Mark Dekker, Tibor Snelders, Vincent Snijders Blok, Guus Lakeman

Ik, Tibor Snelders, wil hierbij het gehele Gooi feliciteren met het 80-jarige jubileum. Wie had dat ooit gedacht, ik zeker niet, dat ‘t Gooi nog steeds zou bestaan. En wat voor een bestaan! Sinds mijn emigratie naar Nieuw-Zeeland in september 1980 is ‘t Gooi gegroeid naar een “force”, waar heel rugby-Nederland rekening mee heeft te houden. Niet alleen op clubniveau maar gelukkig ook op rugbyniveau: de laatste jaren een topclub met topresultaten. Ik had dat zeker niet verwacht. In mijn tijd was het net een jojo: het ene jaar in de ereklasse, het andere jaar er weer uit.

Tibor Parijs-03In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders rechts, Eddy Willems links

Hoe ben ik met rugby in contact gekomen? Na een succesvolle atletiekcarrière op de midden- en lange afstanden en een gebroken been zocht ik naar iets anders. Je kent dat wel, na serieuze sport iets luchtigers met veel feestjes, lachen en met je kameraden er op uit. Ook een beetje sport natuurlijk. Dacht dat ik via Jack Heer, hoe weet ik niet meer (weet jij dat nog Jack?), in aanraking kwam met rugby. Zo rond de jaren 1963/1964. Niet speciaal er voor “gebouwd”, maar mijn snelheid had ik mee en dat was mijn pluspunt. Na niet al te lange tijd werd ik al in het eerste team opgenomen.

Tibor Parijs-04

In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders rechts, naast de scrum

Herinner me nog als de dag van gisteren een van mijn eerste wedstrijden voor het eerste team. Tegen wie? Natuurlijk tegen onze lokale rivaal Hilversum. Positie: wing (vanwege snelheid). Zoals dat gaat, op een bepaald moment had Jan Rosman (toen internationaal spelende voor Biarritz, dacht ik) de bal en zou een try drukken. Mooi niet dacht ik weer, zal Jan even pakken. Nou die tackle ging goed, de try werd voorkomen, maar ik had wel gelijk een gekneusd sleutelbeen. Deed dus even pijn. De volgende wedstrijden speelde ik met “bescherming” (van schuimrubber) in mijn shirt. Zag er ineens een stuk gevaarlijker en indrukwekkender uit (goed voor de tegenstanders). Was ik toen een trendsetter voor dergelijke shirts? Zo’n tien jaar geleden zag je ineens ook internationals met beschermende padding spelen. Nu is dat niet meer zo, geloof ik. Al spelende “klom” ik op in de opstelling en uiteindelijk kwam ik dan op mijn plek: scrumhalf. En dat heb ik gespeeld totdat ik stopte.

Tibor Parijs-01In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders kijkt ons aan. 

Nog een gebeurtenis die ik niet snel vergeet, was een wedstrijd in Parijs. Mijn vriendin Maud ging ook mee, kon ik mooi eens “indruk” op haar maken met mijn “internationale” carrière. Het was een modderbad en we verloren natuurlijk.Tibor Parijs-02 Maar de Fransen waren zo onder de indruk, dat ze nog wel een tweede wedstrijd tegen ons wilden spelen, tegen hun tweede of zo. Lekker Frans weet je wel, als ze maar kunnen winnen is alles goed. Ook die verloren we, maar ik werd toen “en passant” tijdens het spel even flink met mijn gezicht in de modder gedrukt. Resultaat: kon niets meer zien. Liep naar de kant en vroeg mijn “lieve” vriendin me even schoon te maken… Mooi niet, “veel te vies en jij wil toch zo graag spelen..? Je zoekt het zelf maar uit”.

Tibor met gezicht onder de modder

Desondanks is zij toch met me getrouwd en nog gelukkig na 43 jaar. Er was ook een “gefluister”, dat de Nederlandse bondscoach wel wat zag in “die kleine”..: voor het jeugdteam. Helaas, door wie weet ik niet, werd er terug gefluisterd, dat ik wel een paar jaartjes boven de “onder-21-team” grens was. Jammer, dat was dus gelijk het begin en het einde van mijn internationale rugbycarrière. Herinner me ook, dat er een nieuw bestuur kwam, Hans Plat, financiën, Hans Grader, voorzitter, en ik zou dan de jeugd voor mijn verantwoording nemen. Toen werd het concept van een team van leiders rond de jeugdteams gevormd. We realiseerden ons, dat de club het van de jeugd moest hebben om te groeien en de kwaliteit van rugby te verhogen. Per jeugdteam werden een manager (organiseren), een trainer (alleen training) en een coach (wedstrijd coaching) aangesteld. Na veel praten hadden we dat voor elkaar en ik denk dat dit het begin is geweest van de opkomst en groei van onze jeugdleden.

Tibor Jack SpanjeTibor en Jack in Spanje aan het werk

Wat nog meer? Je ontdekt kameraadschap en vriendschap. Jack en ik hebben samen een halfjaar in Spanje in een nachtclub gewerkt; de verhalen blijven alleen “tussen ons”… In september 1980 zijn we naar Nieuw-Zeeland afgevaren, of eigenlijk gevlogen. Daar heb ik ook nog een paar jaar gespeeld. Maar ja, het verschil in kwaliteit tussen Nederland en Nieuw-Zeeland was zo groot..: iedereen liep links en rechts over en langs me heen. Speelde in het “presidentsteam”, voor over 35 jarigen. Als scrumhalf, maar als er gewonnen moest worden tegen sterke tegenstanders, dan kwamen er ineens veel jongere spelers te voorschijn en stond ik er dus naast. Enfin, werd ook een dagje ouder, liep tegen de 40 en ben er toen mee gestopt.

Tibor 77870002Paul en Annet Würster op bezoek bij de familie Snelders

Contact is er toch altijd wel gebleven met de club. Pim van Doesburg was in Australië voor zaken en kwam even langs wippen. Peter en Tineke Jacobs wipten ook even binnen, Guus Lakeman kwam ook met de backpack. En in de laatste jaren Paul en Annet Würster (met vrienden). Rond 2004 “wipte” ik even langs om wat oude makkers te zien, was een leuke reünie en in 2008 was ik weer van de partij voor het 75-jarig jubileum. Was even overgevlogen.., je kent dat wel.., dat doe je dan even.

Tibor CCF21032013_00000Weerzien in 2004

We hebben een geweldige tijd gehad in Nieuw-Zeeland, het land is erg goed voor ons geweest. Heb er dingen gedaan en bereikt (o.a. ijs en yoghurt gemaakt), die ik in Nederland nooit zou hebben gedaan. Helaas.., Bjorn (onze zoon) was na zijn studie naar Europa gegaan om wat “ervaring” op te doen. Wel, dat duurde zo’n 10 jaar en hij kwam niet meer terug, trouwde met een “lovely” British girl. Kreeg een dochter en toen een tweede dochter. Dat deed ons besluiten om terug te komen naar Europa, om van onze zoon en zijn familie te kunnen genieten. Wie had dat ooit gedacht, dat we op onze oude dag nog eens zouden emigreren. Na 31 jaar in Nieuw-Zeeland gewoond te hebben, vertrokken we in mei 2011 naar Engeland en hebben ons in Surrey gevestigd.

Tibor en Jack 2008Tibor Snelders en Jack Heer bij het lustrum in 2008

Heeft het ons leven veranderd? Zeker weten, we genieten van onze 2 kleindochters, eerst woonden we een wereld van elkaar en nu (letterlijk) om de hoek. Wel even wennen.. Van 5 hectare “tuin” in Nieuw-Zeeland naar een typisch UK “huisje-met-klein-tuintje“. Maar we genieten..; niet van het weer, helaas. RC ‘t Gooi: nogmaals gefeliciteerd en op naar de volgende 80 jaar! Zal zeker proberen dit lustrumjaar nog even langs te wippen, maar dan moeten jullie wel van Hilversum winnen…

Zie ook het fotoalbum Parijs 1970, met foto’s van de modderwedstrijd tegen St. Denis.

 

Nederland-Tsjechoslowakije (1946)

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-02

Anderhalf jaar na de oorlog, op zondag 10 november 1946, speelde het Nederlands vijftiental tegen Tsjechoslowakije op het Bussumse Sportpark Zuid. De selectie voor deze wedstrijd bestond uit 19 spelers, waarvan maar liefst 11 van AAC. Er zaten ook 2 Gooiers bij: Van Heijningen was fullback en Hosman reserve.

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-01

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-031946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-05De onbekende Tsjechoslowaken verrasten Nederland door “enigszins in Franse stijl” te spelen. Het waren “goed getrainde en stevige spelers, die het de Hollanders niet gemakkelijk hebben gemaakt”, wat resulteerde in een 0-11 ruststand. In de tweede helft kwam Nederland dankzij opvallende acties van ARVC-speler Hans van Swol terug, wat twee tries opleverde. Maar ook de Tsjechoslowaken scoorden nog en dat leverde de eindstand van 8-14 en daarmee een onverwachte nederlaag op.

De interland werd georganiseerd door RC ’t Gooi en trok 870 betalende bezoekers, waarvan er 543 een kaartje van 60 cent kochten en de overige 327 voor het gereduceerde tarief van 25 cent naar binnen mochten. Daarmee kwam de totale recette op 407,55 gulden. Na aftrek van de kosten bleef er een positief resultaat van 95,63 gulden over, waarvan ’t Gooi 10%, ofwel 9,56 gulden mocht behouden. Tel uit je winst!

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-04

Pieter Tolsma van AAC stuurde ons de nodige documenten en foto’s van momenten uit de wedstrijd van Nederland tegen Tsjechoslowakije (waarvoor hartelijk dank!).

1946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-061946-11-10 NL-Tsjechoslowakije-07

Weg van Bussum (1956/1957)

In 1943 of 1944 – er zijn geen archiefstukken van, dus precies weten we het niet – moest RC ’t Gooi het terrein bij de Bussumse watertoren verlaten in opdracht van de Duitse bezetter. Volgens ons jubileumboek uit 1983 ging er in maart 1944 een schrijven de deur uit naar alle leden, oud-leden en belangstellenden, waarin o.a. werd aangekondigd, dat RC ’t Gooi voortaan op het Bussumse Sportpark Zuid zou gaan spelen. In een besluit van de Bussumsche Algemeene Sportstichting werd het goede nieuws bevestigd. De verhuur zou op 1 mei 1944 ingaan.

1944-05-01 besluit verhuur Sportpark Zuid

Toon Bogers, oud-speler van AAC en erelid van de NRB, zegt in de lustrum-Scrum van 2003 over Sportpark Zuid: “Het Gooi had een zeer bijzonder veld, het was voordien gebruikt voor de hippische sport; maar het veld was verschrikkelijk slecht, met grote kale plekken en kuilen en hinderlijke graspollen. Maar niemand die dat deerde, want behalve de prachtige tribune die ze hadden waren er ook warme douches en dat was een niet te verwaarlozen punt”. De rugbyers hadden het best naar hun zin, ondanks het slechte veld.

2 april (2e Paasdag) 1956. RC 't Gooi vs Old Lutonians op Sportpark Zuid Bussum

Op 2 april 1956 (2e Paasdag) speelde RC ’t Gooi tegen Old Lutonians op Sportpark Zuid in Bussum

Twaalf jaar later zag het er minder florissant uit. Je zou de situatie kunnen typeren als goal displacement: het verschijnsel, dat het middel belangrijker wordt dan het doel. Zoiets was er aan de hand, toen op 20 juli 1956 de gemeente Bussum in een brief aan RC ’t Gooi schreef: “dat wij tot ons leedwezen geen speelgelegenheid ter beschikking van uw vereniging kunnen stellen”. Als reden werd aangevoerd: “de overweging, dat de pas gelegde nieuwe grasmat in sterke mate behoort te worden ontzien en dus met grote voorzichtigheid behoort te worden bespeeld”. Dus: liever een prachtig sportveld, dan sporters die er gebruik van maken. Een merkwaardige afweging.

Maar RC ’t Gooi zat er maar mee. De club moest weg van Sportpark Zuid en de gemeente Bussum kon – of wilde – geen enkel ander veld beschikbaar stellen. Het jubileumboek uit 1983 meldt hier het volgende over.

78 bovenaan

In november 1956 worden de afspraken tussen RC ’t Gooi en Chefana schriftelijk bevestigd, waarna er gerugbyd kan worden.

79 bovenaan

In maart 1957 probeert het RC ’t Gooi-bestuur nog eens een veld toegewezen te krijgen bij de wethouder van Sportzaken van de gemeente Bussum, maar weer zonder resultaat. Er wordt vervolgens aan de gemeente Naarden gevraagd of ze bereid is onderdak te verlenen aan de dakloze club en dat is ze.

1957-04-25 brf gem Naarden over sportveld

Blij met deze kans neemt de club zich voor de proeftijd goed door te komen, z’n beste beentje voor te zetten en een goede eerste indruk op de gemeente Naarden te maken. De contributie wordt verhoogd in verband met de te verwachten hogere kosten. Op 10 september 1957 stuurt de gemeente een officiële definitieve toezegging. Voor de opening van het nieuwe sportcomplex aan de Amersfoortsestraatweg op 14 september 1957 worden we ook uitgenodigd. De Naardense periode van RC ’t Gooi breekt aan.

1957-09-10 brf gem Naarden betr huur sportveld

85 bovenaan

In de ledenvergadering besluit RC ’t Gooi ook officieel haar zetel van Bussum naar Naarden te verplaatsen, waarvan onderstaand krantenbericht kond doet.

1957 krantenbericht verplaatsing zetel naar Naarden

Daarmee wordt een streep gezet onder de Bussumse jaren van de club en beginnen de Naardense jaren, die tot op de dag van vandaag voortduren. Zesenvijftig jaar is RC ’t Gooi inmiddels geworteld in Naardense bodem en dat is een goed gevoel.

September 1980: 148 – 13 voor RC ’t Gooi

foto038’t Gooi bij de AAC Sevens 1980. Achter: Peter de Graaf, Max Schindler, Eddy Willems, Peter Jacobs, Joost Kleeblad, voor: Joep de Fraiture, Vincent Snijders Blok, Mark Dekker, Ton Steenwinkel

Soms zit ’t alleen maar tegen, vaak een beetje mee én een beetje tegen en een doodenkele keer zit ’t alleen maar mee. Zoals in september 1980. Zes uitslagen en vier wedstrijdverslagen op één pagina van De Scrum en alleen maar overwinningen. Vier van de zes zelfs met nul punten tegen. En zowel Gooi 1, Gooi 2 als Gooi 3 leverden hierin hun aandeel. We hebben vast met ons hoofd in de wolken gelopen: heel eventjes tenminste…

foto039Hanzen en Peters team, 1980. Achter: Hans Heijning, Hans van Diest, Hans van ’t Veer, Hans Plat op de schouders van Paul (…?) Wurster, Hans Grader, Hans Walscheid van Dijk, Hans van Eiken, Hans van den Bovenkamp, Hans den Ouden, voor: Johannes Völker?, Peter Lakeman, Peter de Graaf, Peter Oomens, Peter Jacobs, liggend: Peter Akkermans 

Hierbij de bewuste pagina uit De Scrum van oktober 1980; omdat ’t zo lekker is…

1980-10 Scrum wedstrijdverslagen

foto052Gooische Oude Meesters, 19 oktober 1980, achter: Ernst Sandtmann, Hans Heijning, Sean Gallagher, Hans Walscheid van Dijk, Peter Jacobs, Hans Grader, Chris Veerman, Jan Postma, Karel Stein, Pim Westerweel, Evert Frakking, voor: Eisse zorge, Henny Westerweel, Ton de Meij, Jack Heer, Roel Wijmans, Paul Würster

Diederik en het lustrumfeest in de Promerskazerne (1968)

Diederik van NijveldStatiefoto van Diederik van Nijveld

We hebben ’t over 1968: de Vietnam-oorlog was gaande, net als studentenopstanden, stakingen en de moord op Martin Luther King. Jan Jansen won de Tour, de eerste uitzending van de Fabeltjeskrant vond plaats en Egbert Douwe had een hit met “Kom uit de bedstee, m’n liefste”. Dat jaar dus. Een lustrumjaar voor RC ’t Gooi en ook anderszins een periode, waarin er ontwikkelingen binnen de club gaande waren. Zo wilden we al enige jaren een eigen veld hebben. Dat zou zo’n 30.000 gulden gaan kosten en die had de club niet. Maar hoe kom je aan die centen?

Op een gegeven moment – wanneer precies is niet helemaal duidelijk, maar het zou best in 1967 geweest kunnen zijn – bedacht iemand, dat er een symbool voor de actie “Eigen veld” zou moeten komen en verscheen Diederik op het toneel. Een dwerggeitenbokje, dat gesierd werd met de functionele achternaam “van Nijveld” en dat tevens de mascotte van RC ’t Gooi werd.

Diederik in jubileumboek-01

Diederik in jubileumboek-02

foto114

RC ’t Gooi 1968, achter: Ton de Mey, Egbert Otten, H. Werkman, Chris Veerman, L. Dorrestijn, midden: Hans Walscheid van Dijk, J. van Leeuwen, Louis van Keller, A. Fijth, Kees van Gelderen, voor: Jack Heer, Hans Grader, Chris Plat, Joop Smaal, Richard Slabbers en het bokje Diederik van Nijveld

Op zondag 5 mei 1968 ging Diederik op dienstreis naar Amsterdam, om daar als mascotte voor RC ’t Gooi te fungeren bij het jaarlijkse AAC 7-a-side toernooi. Altijd gezellig, meestal goed weer, mooie wedstrijden en veel oude bekenden om een praatje mee te maken. Geen wonder dus, dat het toezicht op Diederik even verslapte. Diederik-02Het laatst werd hij gezien in het gezelschap van enkele kinderen, die met hem aan de wandel waren. Zoeken leverde niets op en zonder Diederik vertrok men enigszins ongerust weer naar ’t Gooi.

1968-05-11 uitnodiging feest 7e lustrum Promerskazerne-01De verdwijning van Diederik was des te vervelender, omdat hij weer “in functie” zou moeten zijn bij de viering van het zevende lustrum, die de zelfde week op zaterdag 11 mei zou plaatsvinden. Onzekerheid over het welzijn en de verblijfplaats van Diederik zou op z’n minst een schaduw over de feestelijkheden werpen. Die ongerustheid klinkt door in de krantenberichten die er in die week  verschenen. En er waren ook vermoedens…

De voorbereidingen voor het lustrumfeest gingen ondertussen in alle hevigheid door en dat moest ook wel, want het zou groots aangepakt worden:

1968-05-11 Lustrumfeest Promers-01

1968-05-11 Lustrumfeest Promers-02

Van de voorbereidingen en van de ongerustheid over het lot van Diederik getuigt ook het volgende krantenartikel:

Diederik-01

Bij het feest is de opluchting groot, als Diederik gezond en wel zijn opwachting maakt, nadat zijn ontvoerders – de Utrechtse Rugbyclub – eerst de indruk hadden gewekt, dat het slecht met Diederik was afgelopen. Een Utrechter in een bebloede witte slagersjas met een blad waarop botten, vlees en een kop van een bokje lagen vertelde, dat ze zo’n honger hadden gehad, dat ze Diederik hadden opgepeuzeld. En ook dit verhaal verscheen in de krant:

Diederik-03 weer terecht1Diederik-03 weer terecht2

Het was een groots en gedenkwaardig feest geworden, met zo’n 500 deelnemers. Op 13 mei 1968 deed de krant verslag van de feestelijkheden (bron: Streekarchief Gooi en Vechtstreek).

Verder hebben we helaas geen foto’s van de receptie op het stadhuis en van het feest in de Promerskazerne. Wie wel?

Promers kazerne (1876)Het lustrumfeest in 1968 vond plaats in de Promerskazerne (1876) in de Naardense vesting

Intussen kennen we – dankzij URC’er Ed van Engelen – ook het Utrechtse achter-de-schermen verhaal over Diederiks ontvoering, dat verscheen in het clubblad van URC. De kwade genius was Koos van Schaik, geassisteerd door twee omgekochte jeugdleden. De stunt wordt met smaak opgediend en is bij de Utrechters blijkbaar net zo legendarisch als bij RC ’t Gooi:

Diederik-00

Zie ook het interview met Koos van Schaik over Diederik onder ‘Interviews’.

Opnieuw: Naar Parijs (april 1950)

Dit is de aangepaste, tweede versie van dit verhaal. De oorspronkelijke, eerste versie is te vinden onder de titel “Naar Parijs (april 1950)”. Ontdek de verschillen!

1950-04-23 Parijs-01

V.l.n.r. Piet Dijkman (AAC, later´t Gooi), Werner Büchner (‘t Gooi), Pieter Davis, Bert de Boer (AAC, later ‘t Gooi), Sini van Vught (de vrouw van Joop), Anton v.d. Beek (AAC), Cor de Rie (‘t Gooi, later RCH), Ab Roodlieb (‘t Gooi), Toon Bogers (AAC), Siep Reijnders (AAC), Ben Ziepzeerder (AAC), Jan Onderwater (‘t Gooi), Ron Rishworth (Te Werve), Joop van Vught (AAC), rug/onherkenbaar, ?, Frits Frankfort (‘t Gooi, later RCH), ?, onbekende dame, kalende heer met twee kinderen.

Op 28 november 2012 plaatsten we het verhaal “Naar Parijs (april 1950)” op deze website. Een verhaal met nogal wat veronderstellingen en onbeantwoorde vragen. Het is nu twee en een halve maand later – 14 februari 2013 – en we weten er nu wat meer over en kunnen dus het verhaal herschrijven. Dankzij oud-AAC- en Nederlands team-speler Pieter Tolsma en Google. Het oorspronkelijke verhaal zouden we weg kunnen gooien, maar het lijkt ons juist wel leuk om eens te laten zien  hoe je in de loop van de tijd nieuwe informatie bij elkaar scharrelt en hoe dat het verhaal beïnvloedt. Wordt het daardoor ook interessanter en leuker? Dat mag u zelf beoordelen. Kijk en vergelijk!

Op zondag 23 april 1950 speelde het Nederlands rugbyteam een uitwedstrijd in en tegen Parijs. De “knoestige” Piet Dijkman (typering van Loek van Keller), toen nog AAC’er en later lid van RC ’t Gooi, had een vaardige pen en schreef er een verslag over in Try, het clubblad van AAC Rugby:

1950-04-28 Try over trip NL team naar Parijs-01

1950-04-28 Try over trip NL team naar Parijs-02

In het verhaal van Piet Dijkman gaat het over van alles, maar nauwelijks over het uitstapje op zondagochtend 23 april 1950 naar het bos van Compiègne en de wedstrijd van die zondagmiddag. En laten we daar nu juist foto’s van hebben. De grote foto waarmee dit verhaal begint is genomen bij een gedenksteen voor de wapenstilstandsovereenkomst aan het einde van de Eerste Wereldoorlog. Er staat een Franse tekst op, die vrij vertaald als volgt luidt:

compiegne inscriptie van de gedenksteenHIER IS

OP 11 NOVEMBER 1918

GESTORVEN

DE MISDADIGE TROTS

VAN HET DUITSE RIJK

VERSLAGEN DOOR

DE VRIJE VOLKEREN

DIE HET TRACHTTE

TOT SLAAF TE MAKEN

Standbeeld maarschalk Foch Compiegne1950-04-23 Parijs-03De foto hiernaast is gemaakt naast de sokkel van het standbeeld van maarschalk Foch, eveneens in het bos van Compiègne. Zijn naam is duidelijk te lezen, maar het standbeeld zelf ontbreekt. Vandaar de andere foto, met naam èn standbeeld. In de groep vallen een man met een kaal hoofd en twee kinderen op, een jongen met een witte sjaal en een kleiner meisje. Ze staan rechts op de foto. Ook op de andere foto’s van de rugbyers-groep zijn ze te zien. Vermoedelijk gaat het hier om een Fransman, die als gids voor de Nederlanders optrad en die de gelegenheid gebruikte om er een uitje met z’n kinderen van te maken. De kleding van de tripgangers valt op. Allemaal in jasje dasje, het lijkt wel een groepsreis van keurig uitgedoste zakenmensen. Maar ´t was natuurlijk ook zondag.

1950-04-23 Parijs-04De kalende man met de beide kinderen is ook te zien op de groepsfoto voor de kasteel-achtige poort. Zoeken via Google leverde op, dat dit de poort van het kasteel van Pierrefonds is, uit de 14e eeuw, aan de zuid-westrand van het bos van Compiègne. Meer van het kasteel is te zien op de volgende foto.

chateau-de-pierrefonds

1950-04-23 Parijs-06Zonder beide kinderen is de kalende man te zien naast de autobus van C.J. van Nood uit Amsterdam. Tenminste: dat lijkt zo, maar wie staat er in de deuropening van de bus? Het jongetje met de sjaal! Met die bus zijn ze vast naar het stadion vertrokken voor de wedstrijd tegen het vertegenwoordigende Parijse team, die ze met 32-3 verloren. Van die wedstrijd hebben we de volgende twee foto’tjes:

 

1950-04-25 Parijs-NL 32-3 foto-011950-04-25 Parijs-NL 32-3 foto-02