Hommage aan Frits Frankfort (1977)

1368377528_2510_jpgRC ’t Gooi landskampioen 2013

11 Mei 2013 moet wel een topdag zijn geweest voor de 85-jarige Frits Frankfort: hij mocht de kampioenschapsbeker uitreiken aan de nieuwe landskampioen. En dat zou óf RC Hilversum óf RC ‘t Gooi worden, allebei clubs waaraan Frits vele jaren met hart en ziel zijn niet geringe rugbykennis beschikbaar stelde. Met het ene puntje verschil in de laatste minuut in het voordeel van RC ‘t Gooi was hij vast net zo blij als hij met de omgekeerde uitslag geweest zou zijn… Eind 1977 schreef een anonieme redacteur van De Scrum het nu volgende waarderende verhaal over Frits onder de titel “Hommage aan een 50 jarige oud-Gooi rugbyer”; de redactie is hier en daar enigszins aangepast.

Frits Frankfort-01Deze keer willen wij Frits Frankfort eens in de schijnwerpers zetten, omdat hij onlangs 50 jaar is geworden en omdat hij een enorme hoeveelheid werk voor de rugbysport heeft verzet. Frits werd op 9 november A. ("Pa") Büchner, trainer en coach 1944-19621927 te Deurne in België uit Nederlandse ouders geboren. Hij is beslist geen Belg, moesten we van hem speciaal vermelden. Frits is zijn rugby-loopbaan in de zomer van 1945 bij RC ’t Gooi begonnen. Door Piet van Lingen (ook een oud-Gooier) werd hij meegenomen naar een demonstratie-rugbywedstrijd, Noord-Holland tegen Zuid-Holland, op het sportpark te Hilversum, tegenwoordig het Nationale Rugby Centrum. Samen met Cor de Rie kwam hij toen in handen van Pa Büchner.

Voormalig Gooi-trainer Adolf “Pa” Büchner

Door hem werd Frits wat hij noemt “aangepakt”, dat wil zeggen 2x per week een uur lang een bal tegen een paaltje gooien en weer opvangen. Frits noemde dit “paaltje pissen”. Pa Büchner had het echter juist gezien: Frits kon na verloop van tijd blindelings passen en goed ook.

foto014RC ’t Gooi-team van ca. 1953. Achter: Bert de Boer, Leo Toff, ?, Ferry de By, ?, ?, Piet Dijkman, Dolf Plat, Cor de Rie. Voor: ?, ?, ?, Frits Frankfort, ?, ?.

De toenmalige driekwartlijn met Frits als scrum half, Werner Büchner fly half, Ad Nordeman 1e center, Cor de Rie 2e center en Peter Maas en Frans Buys als wings liep dan ook als een trein. Toentertijd speelden meer 2004 Zes pioniers RC HilversumHilversummers bij ‘t Gooi, zoals Joop Gorel, Wim Ouwerkerk, Pim Ooms, Dave van de Giessen, Henk Giel en Cor de Rie. Samen met deze vrienden heeft Frits op 23 september 1954 Rugby Club Hilversum opgericht. Belangrijke factor was hierbij de kleur van het shirt. De keus is toen gevallen op blauw/wit, want die waren per 1.000 stuks goedkoper.

De Gooiers die in 1954 RC Hilversum oprichtten

Zijn laatste interland speelde hij op 37-jarige leeftijd, hij had toen zo’n 39 maal voor het nationale team gespeeld. Met de Impala’s mee komt hij tot ongeveer 80 wedstrijden voor Nederland: voorwaar een prestatie. Wedstrijden met ontzettende pakken slaag, maar ook met enorm veel plezierige herinneringen. Zoals de wedstrijd tegen de Belgen. Verzamelen westzijde Centraal Station in Amsterdam. Eén van de spelers mocht niet van zijn vrouw. Goede raad was duur. Nog een Gooi-speler, namelijk Leo Toff,werd om 7 uur van zijn bed gelicht, maar was er pas om 6 uur ingegaan, na een feest. Zulke dingen gebeurden toen.

1974-02-05 Hilversum-Gooi-22Frits Frankfort in actie als oude meester in een wedstrijd RC Hilversum – RC ’t Gooi op 5 februari 1974

Frits was zo’n 40, 41 jaar, toen hij trainer werd van de A-selectie van de NRB. Dat heeft hij 2 jaar gedaan en toen werd het overgenomen door Gert van Rheenen. De 16-18 selectie werd toen de zorg van Frits. Na veel trainen werd de eerste buitenlandse trip naar Heidelberg (zeer sterk) winnend afgesloten. In 1970 werd hij weer trainer van het A-team en begon tevens de samenwerking met Denis Power. Om zich verder te bekwamen in de rugbysport volgde Frits diverse training/coaching cursussen in Engeland, Schotland en Wales, wat hem nu in de praktijk van zeer veel nut is. Momenteel is Frits Senior Coach (deze wordt door de NRB benoemd), docent trainerscursussen, examinator en lid van de selectiecommissie, samen met Denis Power en Theo Snijders. Tevens is hij nog commissielid opleidingen. Via Pim Ooms heeft hij 1 maal zwangere huismussen beziggehouden, maar dat nooit meer.

Frits Frankfort SingersLogo van de Frits Frankfort Singers

De trip met de Hilversumse Rugbyclub naar Hull weet Frits zich nog maar al te goed te herinneren. Vandaar dat de laatste trip georganiseerd moest worden onder de naam “Frits Frankfort Singers”, een geniale vondst van Aart Baartwijk, zodat men Engeland kon binnenkomen. Zelfs de ontbijttickets waren gesteld op naam van de “Frits Frankfort Singers” en het hotel was dan ook in de stellige overtuiging dat men met een zangkoor, maar dan wel een raar zangkoor, te maken had.

foto186De aanstormende jeugd in 1977, 16-18 sevens-team. Staand: Marcel Jacobs, Henk Rohaan, Jeroen Snijders Blok, Jan Rohaan. Geknield: Michiel Veldkamp, Mark Dekker, Ted Anema.

Op de vraag hoe Frits nu ‘t Gooi ziet moet hij eerlijk bekennen, dat wij momenteel een groep hebben waar in de toekomst veel mee te bereiken valt. Duidelijk is dat de jeugd een veel grotere inbreng heeft dan voorheen het geval was. Hij heeft ook vernomen, dat wij een zeer goed sociaal verzorgd jeugdwerkbeleid voeren. Het rendement komt echter pas over enige jaren goed tot zijn recht met spelers als Vincent Snijders Blok en Ton Jacobs. Ook selectiespelers als de gebroeders Rohaan, Jeroen Snijders Blok en Louk Slabbers zullen hun stempel op ’t Gooi gaan drukken.

Maar Rugby-Nederland is in feite nog te klein. Wij zullen moeten groeien naar 150 tot 200 clubs. Speltechnisch/tactisch en conditioneel liggen wij al een stuk hoger dan vroeger. Er is een duidelijke groei qua spelsterkte waarneembaar en dat is een gezonde zaak. Kijk maar naar de ereklasse met zijn verrassende uitslagen. Het zijn echt niet meer de drie clubs die de toon aangeven. Ook de promotieklasse komt steeds dichter bij de ereklasse te liggen. Er zal echter een reserveklasse aan toegevoegd moeten worden, waarin de tweede teams van de ereklasse zullen moeten gaan spelen. Je voorkomt hiermee, dat een tweede team de promotie kan tegengaan van een vereniging welke in deze promotieklasse speelt naar de ereklasse.

Rozenboom BussumVoormalig hotel café-restaurant De Rozenboom, Bussum

Frits heeft de beste herinneringen aan zijn Gooi-jaren, vooral de feesten in de Rozenboom en de Promers liggen bij hem nog vers in het geheugen. “Ach“, zegt hij, “er is in feite geen enkele club in Nederland die zulke grandioze feesten kon organiseren als ’t Gooi“. Frits is nu trainer van de jeugdteams 14-16 en 16-18 van Hilversum en begint een leuke ploeg op te bouwen. Over een jaar kan hij een zeer sterk team op de been brengen. En daar zal het van moeten komen. Erg belangrijk. Hij heeft ons eerste team aan het begin van het seizoen zien spelen en is tot de conclusie gekomen, dat er nu een team staat met spirit en veel goed, jong materiaal. Je moet ze echter wel hard maken.

1948-04 Geselecteerd schoolteamApril 1948, geselecteerd schoolteam; Frits Frankfort (20 jaar oud) 4e van links op de eerste rij.

“Rugby“, zegt Frits, “is een sport die mij van nature aantrok. Ik was vroeger dan ook een enorme gifkikker en had 12 bazen in een jaar, soms meer. Maar door het rugby ben ik enorm veranderd. Ik heb mij leren beheersen, wat me duidelijk van pas komt“. De spelverruwing neemt toe in de rugbysport. “Maar“, zegt Frits, “rugby is een harde sport, een lichamelijke contactsport, die op een faire manier kan worden gespeeld“. Aan schoppen en slaan heeft Frits een vreselijke hekel. Toch is hij ervan overtuigd, dat de Internationale Rugby Bond de zaken beter aanpakt dan de Internationale Voetbal Bond, door alleen al de spelregels te veranderen.

Om tot betere sportprestaties in het algemeen te komen zou Frits graag zien dat de gymleraren onderling elkaar attenderen op jonge talenten, in welke tak van sport dan ook, om dan deze verder te kunnen begeleiden op de manier zoals de Oostbloklanden dat doen, maar dan wel met alle vrijheden zoals wij ze hebben. De talenten signaleren en stimuleren zou een zeer goede zaak voor geheel sportbeoefenend Nederland zijn.

Bondscoach Frits Frankfort met zijn jongensBondscoach Frits Frankfort met “zijn jongens”, begin jaren ’80

Voor Frits ligt er echter nog een zeer grote taak te wachten bij de jeugd van Rugby Club Hilversum. Wij kunnen en willen niets anders zeggen dan: “Frits zeer veel succes en wij hopen nog vele malen tegen jouw jeugdteams te kunnen spelen. Hartelijk dank voor je komst naar de Poort“.

Zie ook:

Frits Frankfort als NRB-wedstrijdsecretaris (1956 e.v.)

De afsplitsing van RC Hilversum (1954)

 

“Een leuk stel mannen”, door Tom Visser

 

1937 teamfoto met oa Bep van Kooten

 Gooi-team uit 1937-38, demonstratiewedstrijd in Dieren. Geknield: Kees Meeuwis, Johan de Kooter, Bob Lamberton, Fred Huyer, Elbert Kortenoever, Walt Jongman. Staand: Bob de Jonge, Dolf Plat (met scrum-cap), Jan van Schaik, Bob Swart (met alpinopet), Ko Munnikhuizen, Bep van Kooten, Witte van Heijningen, Rein Koopmans, Zöllner, Jaap van Schaik, onbekende heer in regenjas.

Walter Koopmans en Marie Sophie Wesel reageerden op het verhaal “Ben Hosman in gesprek met Herman Nijhuis (1977)” op deze lustrumwebsite. Zij bleken de zoon en de kleindochter te zijn van ons oer-lid Rein Koopmans, die in de jaren ‘30 en ‘40 rugby speelde bij het toen nog piepjonge RC ‘t Gooi. Rein speelde onder meer mee in de heroïsche sneeuwwedstrijd tegen Anderlecht in 1946. Aat & Walter KoopmansHij overleed in 1992 op 76-jarige leeftijd. Via Walter Koopmans – vernoemd naar een ander oer-lid van RC ’t Gooi, Walt Jongman – kwam ik in contact met zijn 92-jarige moeder, mevrouw Aat Koopmans-de Vries.  

Aat Koopmans-de Vries met zoon Walter Koopmans

Het plan werd bedacht om een verhaal voor de lustrumwebsite te maken over Rein Koopmans en de beginjaren van RC ‘t Gooi en vragen, zoals “wat voor club was het toen?” en “hoe gingen ze met elkaar om?” te beantwoorden. Er vond een gesprek plaats, waarbij vergeelde documenten en oude foto’s op tafel kwamen. En natuurlijk de verhalen van lang geleden.

Feest 12 1/2 jr RC 't Gooi in 1945Vergeeld krantenartikel over het 12,5 jarig jubileumfeest in 1945

Reinold Koopmans werd geboren in 1915 in Blaricum. Hij ging naar de tekenschool (ambachtschool) in Hilversum, net als zijn vriend Henk de Vries, de broer van zijn latere vrouw Aat. Rein dook vanwege de razzia’s door de Duitsers in 1943 of 1944 onder bij de familie De Vries om aan tewerkstelling in Duitsland te ontkomen. Daar leerden Aat de Vries en Rein Koopmans elkaar kennen. Zo raakte Aat betrokken bij RC ’t Gooi.

“’t Was een leuk stel mannen” zegt ze over die tijd, “je voelde je er thuis, ook met de vrouwen van de spelers. Er werd nooit gescholden of lelijke dingen gezegd. De meeste spelers waren ook geen grote, stoere jongens. Ze speelden niet op kracht, maar volgens de spelregels. Dieter Büchner en Walt Jongman – de neef van Rein – waren wel grote kerels. Rein Koopmans was niet groot, zo’n 1.75 m lang, hij was rustig, trad niet op de voorgrond, maar was als speler gedreven, soms fanatiek. Ook buiten het rugbyveld gingen ze met elkaar om, het was een echte vriendenclub. Zo werd er bijvoorbeeld gezamenlijk gekampeerd op het strand van Egmond aan Zee, dat mocht toen nog“.

ReinK-35Kamperen op het strand van Egmond aan Zee in 1934/35: RC ’t Gooi-oprichter Henk Kruissink, Johan de Kooter, Bob Lamberton, Witte van Heijningen, Walt Jongman

Toen Rein en Aat in 1946 trouwden vond haar schoonvader, dat het nu tijd was om maar eens op te houden met dat rugby-spelen en alle energie in werk en carrière te steken. Maar dat was niet naar de zin van Aat en dat gebeurde dus ook niet. Rein is nadat hij met spelen stopte nog vele jaren lid van de rugbyclub gebleven. De vriendenkring uit die tijd is heel lang blijven bestaan, vaak tot het overlijden toe. Rein en Aat Koopmans waren in het bijzonder bevriend met neef Walt Jongman, Ben Hosman, Frans Buys, Dick Bouwman, Gé Meerman, Bob Zwart, Kees Meeuwis, Bob Lamberton en Witte van Heijningen en hun partners. Dat bleef niet beperkt tot wederzijdse bezoeken en verjaardagskaartjes, maar omvatte ook gemeenschappelijke hobbies. Zo waren Rein Koopmans, Dick Bouwman en Ben Hosman alle drie enthousiaste amateur-kunstschilders.

ReinK-15Tekening van Dick Bouwman voor de 75ste verjaardag van Rein Koopmans

Zoon Walter Koopmans ging wel met z’n vader mee naar de feestjes in de Utrechtse Poort. Hij heeft zich zelfs laten verleiden om bij ’t Gooi te gaan rugbyen, maar dat bleek toch niet z’n roeping te zijn. Rein Koopmans bleef altijd belangstellend naar het wel en wee van RC ’t Gooi. Zo nam hij deel aan de reünies van oud-spelers in 1978 en 1983, in het toen hagelnieuwe clubhuis.

1978 Lustrum-06Rein en Aat Koopmans bij de lustrum-reünie in 1978, rechts vooraan op de tribune van het sportpark in Hilversum, tussen de andere RC ‘t Gooi-reünisten

1983-04-23 Lustrum reunie-02Oud-spelers bij de lustrum-reünie in 1983. Achter: Cor de Rie, Dieter Büchner, Dick Bouwman. Midden: Witte van Heijningen, Kees Meeuwis, Dolf Plat, Henk van Zalinge, Wim Klink, Paul Engelblik. Vooraan: Rein Koopmans, Henk Ulrici, Jaap Klasema, Ben Hosman, Louis Hosman, Bob Lenderink.

Zie ook:

Ben Hosman in gesprek met Herman Nijhuis (1977)

De heroïsche sneeuwwedstrijd tegen Anderlecht (1946) 

Vlak na de oorlog: 12 1/2 jaar RC ’t Gooi (1945)

Pa Büchner, een “vergeten” erelid? (jaren ’40/’50)

A. ("Pa") Büchner, trainer en coach 1944-1962Aquarel van Pa Büchner

In 1988 ondernam oud-Gooispeler Jaap van den Berge een actie voor erkenning van de verdiensten van de heer Adolf Büchner, de vader van de oud-Gooiers Werner en Dieter Büchner. BApril 1998, Ge Meerman, Jaap vd Berge, Louis Kehrer, Rien Termeulenij zijn bezoeken aan de lustrum-reünies in het nieuwe clubhuis in 1983 en 1988 was het Jaap opgevallen, dat er geen aandacht aan deze opmerkelijke figuur uit de Gooi-historie besteed werd. Zijn actie leidde er onder meer toe, dat Adolf Büchner in 1989 postuum tot erelid van RC ’t Gooi benoemd werd. Wie was eigenlijk deze heer Büchner, die niet alleen door zijn zoons “pa” werd genoemd?

Jaap van den Berge (rechts) met Gé Meerman bij de lustrumviering 1998

Zo’n 25 jaar eerder stond er in de De Scrum van 28 augustus 1963 een in memoriam voor Adolf Büchner met als titel “Terugblik”, dat een aardig inzicht biedt in de persoon Pa Büchner. De datum van zijn overlijden wordt niet genoemd. Schrijver: die zelfde Jaap van den Berge.

IM Pa Buchner-01

00 teamfoto-01

RC ’t Gooi-teamfoto uit ca. 1952 met o.a. Dieter Büchner (staand, 3e van links) en Werner Büchner (vooraan, met bal)

IM Pa Buchner-02

1943 kaartje leggen bij fam BuchnerKaartje leggen bij de fam. Büchner, ca. 1943, Theo Terlingen, Joop Dooyer (beiden geen rugbyer), Bob Lenderink, Dieter Büchner, Tonny de Lange (geen rugbyer)

IM Pa Buchner-03

1948-04 Geselecteerd schoolteamTeam van Bussumse middelbare scholieren, dat in april 1948 tegen een schoolteam uit Liverpool speelde. Geknield: ?, Werner Buchner, Bob Lenderink, Frits Frankfort, ?, ?

IM Pa Buchner-04

1945-12-23 Ned-Belgie teamsDe eerste naoorlogse Nederland – België op 23 december 1945 op Sportpark Zuid in Bussum. Links met bloemen bondsbestuurder (en Gooier) Kees Meeuwis, rechts met alpinopet scheidsrechter Paul Béchet. De Belgen dragen vesten.

IM Pa Buchner-05

1948-02-07 bal masque midden pa BuchnerBal masqué, 7 februari 1948, ?, hr. Von Stein (schilder), Dieter Büchner, pa Büchner, mw. Büchner, Werner Büchner, ?

IM Pa Buchner-06

1962-12-16 Hannover Victoria-01Bezoek van Victoria Hannover met Gooi-bestuur aan stadhuis Naarden eind 1962

IM Pa Buchner-07

Bob Lenderink met Pien-03 en pa BuchnerPa Büchner met pijp bij het bal masqué 7 februari 1948 

Ook buiten RC ’t Gooi bleef Pa Büchner niet onopgemerkt; zo zei Toon Bogers, oud-speler van AAC en erelid van de NRB, in de lustrum-Scrum van 2003 over de jaren kort na de oorlog: “In die tijd was pa Büchner, de vader van Werner en Dieter, coach en wel een zeer bijzondere. Vooral ten aanzien van zijn terminologie, hij was van Duitse komaf en hij hanteerde langs de lijn de Duitse termen, zo brulde hij “unter die Billen”, wanneer hij vond dat de scrum niet laag genoeg inkwam, de line-out was “die Gasse” en de scrum “Gedrängel”, opmerkelijk was, dat niemand daar aanstoot aan nam en dat vlak na de oorlog”.

Een markante man dus, die het verdiende om erelid te zijn. Wel opmerkelijk, dat hij in 1989 postuum tot erelid werd benoemd, terwijl hij dat blijkens het in memoriam van Jaap van den Berge uit 1963 al was. Blijkbaar dus een “vergeten” erelid, niet alleen door de club, maar ook door Jaap van den Berge.

Zie ook ‘De eerste interland na de oorlog’.

Café-restaurant Prinses Margriet (jaren ’50)

 

1963 advertentie Prinses Margriet in ScrumAdvertentie van café-restaurant Prinses Margriet in De Scrum in de jaren ’60

In Bussums Nieuws van 2 maart 2011 stond een berichtje over lezer Jan Schippers, die  45 jaar geleden rijexamen deed vanuit café-restaurant Prinses Margriet op de hoek Brediusweg / Vossiuslaan: “Het CBR nam destijds in een rokerig bovenzaaltje van Prinses Margriet de theorie-examens af. En bij dit ietwat morsige café-restaurant vertrokken ook de examenkandidaten met hun lesauto’s, om er blij of in-verdrietig weer terug te keren“.

R-28Het voormalige Bussumse café-restaurant Prinses Margriet op de hoek van de Brediusweg en de Vossiuslaan

Maar Prinses Margriet was ook jarenlang de plaats van samenkomst van RC ‘t Gooi vóór de uitwedstrijden en na de thuiswedstrijden. We hebben het dan vooral over de periode tot eind 1961, toen de Utrechtse Poort in de Naardense vesting ons clubhuis werd. Maar ook daarna werd wel bij Prinses Margriet verzameld. We vroegen enkele oud-spelers naar hun herinneren aan het voormalige café-restaurant. Joop Meijer weet nog, dat de familie Plat een eindje verder aan de Brediusweg woonde en met vier rugbyende zonen wilde het nog wel eens druk worden in huize Plat. Prinses Margriet diende dan als het verlengstuk van de huiskamer van de familie Plat. Hans van den Bovenkamp mocht in het begin nog niet met z’n vader Joop mee naar Prinses Margriet vanwege z’n jeugdige leeftijd, het bier en de rugbysongs. Maar dat is later allemaal goed gekomen… Sicco Scheltema herinnert zich, dat het prima ging, als je er met een klein groepje kwam, maar als we met de tegenstanders kwamen konden ze het eigenlijk niet aan en al helemaal niet als het om een groep dorstige Engelsen ging. We gingen dan naar het bovenkamertje en als je dan met je zes biertjes boven kwam waren ze onderweg “verdampt”.

CA-31AHet interieur van het bovenzaaltje van Prinses Margriet

In het bovenzaaltje hadden de rijexaminatoren elk een eigen tafeltje. Op de bordjes zijn de namen te onderscheiden van Lette en Krayenbrink. Het winterlandschap op de achterwand werd in 1945 geschilderd door de bekende Bussumse kunstenaar Jan Verhoeven. Café-restaurant Prinses Margriet stond op de plaats waar nu de ABN Amro Bank staat. Het was niet alleen de oproepplaats voor rijexamens, maar ook een bekend biljartcafé, met drie Wilhelmina-biljarts, waarvan één officieel wedstrijdbiljart. Na een lange tijd van leegstand brandde het op 4 juli 1979 geheel af, vermoedelijk door spelende kinderen.

CA-33AOok voor biljarters

 1963-12-02 Scrum Feest in Prinses MargrietAankondiging van rugbyfeest in Prinses Margriet in De Scrum van 2 december 1963

 CA-34AHet interieur van Prinses Margriet

De foto’s bij dit artikel zijn afkomstig uit de Collectie M.J.M. Heyne Bussum (www.beeldvanbussum.nl), waarvoor hartelijk dank!

 

Diederik en het lustrumfeest in de Promerskazerne (1968)

Diederik van NijveldStatiefoto van Diederik van Nijveld

We hebben ’t over 1968: de Vietnam-oorlog was gaande, net als studentenopstanden, stakingen en de moord op Martin Luther King. Jan Jansen won de Tour, de eerste uitzending van de Fabeltjeskrant vond plaats en Egbert Douwe had een hit met “Kom uit de bedstee, m’n liefste”. Dat jaar dus. Een lustrumjaar voor RC ’t Gooi en ook anderszins een periode, waarin er ontwikkelingen binnen de club gaande waren. Zo wilden we al enige jaren een eigen veld hebben. Dat zou zo’n 30.000 gulden gaan kosten en die had de club niet. Maar hoe kom je aan die centen?

Op een gegeven moment – wanneer precies is niet helemaal duidelijk, maar het zou best in 1967 geweest kunnen zijn – bedacht iemand, dat er een symbool voor de actie “Eigen veld” zou moeten komen en verscheen Diederik op het toneel. Een dwerggeitenbokje, dat gesierd werd met de functionele achternaam “van Nijveld” en dat tevens de mascotte van RC ’t Gooi werd.

Diederik in jubileumboek-01

Diederik in jubileumboek-02

foto114

RC ’t Gooi 1968, achter: Ton de Mey, Egbert Otten, H. Werkman, Chris Veerman, L. Dorrestijn, midden: Hans Walscheid van Dijk, J. van Leeuwen, Louis van Keller, A. Fijth, Kees van Gelderen, voor: Jack Heer, Hans Grader, Chris Plat, Joop Smaal, Richard Slabbers en het bokje Diederik van Nijveld

Op zondag 5 mei 1968 ging Diederik op dienstreis naar Amsterdam, om daar als mascotte voor RC ’t Gooi te fungeren bij het jaarlijkse AAC 7-a-side toernooi. Altijd gezellig, meestal goed weer, mooie wedstrijden en veel oude bekenden om een praatje mee te maken. Geen wonder dus, dat het toezicht op Diederik even verslapte. Diederik-02Het laatst werd hij gezien in het gezelschap van enkele kinderen, die met hem aan de wandel waren. Zoeken leverde niets op en zonder Diederik vertrok men enigszins ongerust weer naar ’t Gooi.

1968-05-11 uitnodiging feest 7e lustrum Promerskazerne-01De verdwijning van Diederik was des te vervelender, omdat hij weer “in functie” zou moeten zijn bij de viering van het zevende lustrum, die de zelfde week op zaterdag 11 mei zou plaatsvinden. Onzekerheid over het welzijn en de verblijfplaats van Diederik zou op z’n minst een schaduw over de feestelijkheden werpen. Die ongerustheid klinkt door in de krantenberichten die er in die week  verschenen. En er waren ook vermoedens…

De voorbereidingen voor het lustrumfeest gingen ondertussen in alle hevigheid door en dat moest ook wel, want het zou groots aangepakt worden:

1968-05-11 Lustrumfeest Promers-01

1968-05-11 Lustrumfeest Promers-02

Van de voorbereidingen en van de ongerustheid over het lot van Diederik getuigt ook het volgende krantenartikel:

Diederik-01

Bij het feest is de opluchting groot, als Diederik gezond en wel zijn opwachting maakt, nadat zijn ontvoerders – de Utrechtse Rugbyclub – eerst de indruk hadden gewekt, dat het slecht met Diederik was afgelopen. Een Utrechter in een bebloede witte slagersjas met een blad waarop botten, vlees en een kop van een bokje lagen vertelde, dat ze zo’n honger hadden gehad, dat ze Diederik hadden opgepeuzeld. En ook dit verhaal verscheen in de krant:

Diederik-03 weer terecht1Diederik-03 weer terecht2

Het was een groots en gedenkwaardig feest geworden, met zo’n 500 deelnemers. Op 13 mei 1968 deed de krant verslag van de feestelijkheden (bron: Streekarchief Gooi en Vechtstreek).

Verder hebben we helaas geen foto’s van de receptie op het stadhuis en van het feest in de Promerskazerne. Wie wel?

Promers kazerne (1876)Het lustrumfeest in 1968 vond plaats in de Promerskazerne (1876) in de Naardense vesting

Intussen kennen we – dankzij URC’er Ed van Engelen – ook het Utrechtse achter-de-schermen verhaal over Diederiks ontvoering, dat verscheen in het clubblad van URC. De kwade genius was Koos van Schaik, geassisteerd door twee omgekochte jeugdleden. De stunt wordt met smaak opgediend en is bij de Utrechters blijkbaar net zo legendarisch als bij RC ’t Gooi:

Diederik-00

Zie ook het interview met Koos van Schaik over Diederik onder ‘Interviews’.

Terug naar de toekomst in 1997

1997-08 Nieuw elan krantenartikelOver bergen en dalen: zo loopt onvermijdelijk de weg die een sportclub door de jaren heen aflegt. Voor RC ’t Gooi is dat niet anders en de kunst voor de bestuurders van de club is natuurlijk om de dalen zo min mogelijk en zo kort mogelijk te bezoeken. In 1997 zat de club in een dalletje. Er was een projectteam “Terug naar de toekomst”, dat analyseerde wat er goed en minder goed ging bij de club. Er kwam een nieuw bestuur en een nieuwe outfit voor de selectiespelers.

Het projectteam stelde een heuse analyse van kansen en bedreigingen en sterkten en zwakten op, een zogenaamde SWOT-analyse. Die zag er zo uit:

1997-08 SWOT-analyse

Zeker geen opsomming van alleen maar ellende, maar een evenwichtige inschatting van de plussen en minnen bij de club. De mogelijkheden tot verbetering zaten vooral bij de structuur, de bezetting, de communicatie en de doelstellingen van RC ’t Gooi. Er werden concrete maatregelen genomen, zoals een goed opgezette organisatiestructuur met alle commissies ingevuld, taakomschrijvingen, een jaarplanning van alle activiteiten (wedstrijden, toernooien, trips, feesten e.d.) die in De Scrum gepubliceerd werd en een lijst met actiepunten op de gebieden werving, archivering, financieel beleid, sponsoring, PR-activiteiten, communicatie, oud-ledencontact en technische commissie. Er werden doelen gesteld voor de korte, de middellange en de lange termijn. Er waaide een nieuwe wind.

1997-08 OrganigramBij die nieuwe wind hoorde een nieuw bestuur. De verandering was rigoreus: op alle functies werden nieuwe bestuursleden actief. Nou ja: nieuw..? Als “terug naar de toekomst” ergens voor gold, dan was het wel voor het “nieuwe” bestuurlijke veteranen-duo Hans & Hans. 1997-08-30 GooidagHans Grader keerde terug als voorzitter en Hans Plat als penningmeester. Verder John Pel (vice-voorzitter), Tineke van Eiken (secretaris) en Frank Steginga (hoofd TC): ook geen onbeschreven bestuurlijke bladen. De bezetting van de meeste functies en commissies buiten het bestuur bleef vooralsnog ongewijzigd.

De opening van het seizoen 1997 – 1998 vond plaats op de Gooidag op 30 augustus. De grote blikvanger was de nieuwe outfit van de selectiespelers, beschikbaar gesteld door Ab’s Fashion: blazer, broek, shirt, stropdas: een complete set waarin de selectiespelers zich buiten het veld gelikt konden vertonen. De foto’s laten een ontspannen lancering van de nieuwe kleding zien en een gezellig feest. Kennelijk viel het wel mee met de stress van “terug naar de toekomst”.

1997-08-30 Gooidag-05

1997-08-30 Gooidag-09

1997-08-30 Gooidag-15

De Utrechtse Poort: geliefd gewelf voor holbewoners

IMG_0365De Utrechtse Poort (1877)

In augustus 1961 hing er belangrijk nieuws in de lucht: een eigen clublokaal, dat omschreven werd als “uniek, waarlijk grandioos en een kasteel”.

1961-1962 Utr Poort wordt clubhuis

1961, Bas HagemanBas Hageman in 1961, bij de ingebruikname van de Utrechtse Poort als RC ’t Gooi clubhuis

Het linkergedeelte van de Utrechtse Poort in de Naardense vesting is ruim 20 jaar het clubhuis van RC ’t Gooi geweest. In 1961 is de club erin getrokken, nadat bestuurslid Bas Hageman er veel tijd en energie in gestopt had om dit voor elkaar te krijgen. Van binnen is het een soort gewelf, waar de leden van de club zich erg op hun gemak voelden. Er zijn heel wat tegenstanders ontvangen en gedenkwaardige feesten gevierd en er werd eindeloos gepraat, moppen getapt, bier gedronken, gerookt, gepokerd en getoept. Gezelligheid troef dus. Echt iets voor holbewoners, wat veel mannen toch zijn. Maar ongeschikt voor het opvangen van jeugd.

29 oktober 1961 Feest in de Poort, Joop SimonsHet eerste feest in de Utrechtse Poort, in oktober 1961. Er was nog geen verwarming en zo te zien ook geen biertap. Bestuurslid Jaap Simons lacht ons toe

Er was nogal wat tegenstand, toen zo rond 1980 de plannen vorm begonnen te krijgen om een clubhuis nabij het rugbyveld te betrekken. Die plannen zijn toch doorgezet, omdat dat gunstig zou zijn voor de groei van de vereniging en met name van de jeugd. In 1982 hebben de leden van RC ’t Gooi hard gewerkt aan het nieuwe clubhuis; er werden zo’n 6.000 uur eigen werk in gestopt. In 1983 werd het clubhuis officieel geopend en werd er met weemoed afscheid genomen van wat ooit het gezelligste rugby-clubhuis van Nederland werd genoemd.

In de zon bij de Utrechtse PoortVoor de Utrechtse Poort in de zon

De Utrechtse Poort ligt aan de oostkant van de vesting Naarden en stamt uit 1877. Het gebouw verving een eerdere poort uit de 17e eeuw, die al van grote afstand zichtbaar was en zo een gemakkelijk doelwit vormde bij een eventuele aanval op de vesting. De poort ligt aan het Adriaan Dortsmanplein en het is een rijksmonument. Het is de enige nog overgebleven stadspoort in Naarden, sinds de Amsterdamse Poort werd afgebroken. De poort is gebouwd in baksteen met als versiering natuurstenen accenten, het stadswapen (dubbele adelaar), sculpturen die verwijzen naar de vestingbouw en een staande leeuw met zwaard en zeven pijlen (verwijzing naar de voormalige Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden). Op de torentjes zijn plaquettes aangebracht van koning Willem III en zijn echtgenote Sophia. De gevel is een ontwerp van Jacobus van Lockhorst, die ook de gevel van de nabijgelegen Promerskazerne ontwierp.

Gooise Moordenaar via de Utrechtse PoortDe Gooise Moordenaar passeert de Utrechtse Poort

Op het bakstenen poortgebouw ligt een laag aarde van zo’n 2,5 m dikte. Daardoor ligt de bovenkant van de wal op de beide vleugels van de poort circa 8,5 m boven NAP, terwijl het middengedeelte van de poort tot zo’n 10 meter boven NAP komt. Links en rechts van de doorgang in het midden zijn ruimtes, die bestemd waren voor de militairen die de poort moesten bewaken. Het waren vooral wachtlokalen, maar in het rechtergedeelte waren ook twee cellen ondergebracht, bestemd voor eenzame opsluiting. De Gooise Stoomtram – alias de Gooise Moordenaar – reed jarenlang onder de Utrechtse Poort door. In het gewelf van de poort is nog steeds het roetspoor van de tram te zien. Op de hoeken van de doorgang zijn oude kanonnen ter bescherming ingegraven.

Utrechtse Poort schoonmakenDe bar in de oude Poort

De inrichting van ons voormalige clubhuis was redelijk sober. In het begin was er zelfs geen verwarming aanwezig en de wc’s waren koud en primitief. Rechts achterin was een kleine bar met barkrukken, naast een voorraadruimte. Links en rechts in de lengterichting van de ruimte waren tafeltjes met stoelen aangebracht, waarboven lampjes hingen. In mijn herinnering heb ik alleen maar aan de bar gezeten of gestaan en nooit aan die tafeltjes. Na RC ’t Gooi trok de Toneel Vereniging Naarden ToVeNaar in ons voormalige clubhuis. Tegenwoordig is de ruimte in gebruik als informatiecentrum over de Hollandse Waterlinie.

1978-11 Ouderavond-03Ouderavond in de Utrechtse Poort

De reden om 30 jaar geleden uit de Utrechtse Poort naar het nieuw gebouwde clubhuis te vertrekken – ledengroei, in het bijzonder bij de jeugd – heeft zich in de praktijk bewaarheid. Toen we vertrokken hadden we  twee seniorenteams en enkele jeugdleden en dertig jaar later barsten we met vier seniorenteams en een groeiende en bloeiende jeugdafdeling bijna uit het ooit zo ruime nieuwe clubhuis. De gezelligheid heeft niet onder de verhuizing geleden, moeten zelfs de grootste tegenstanders van het vertrek uit de Utrechtse Poort toegeven.

1982 Consumptiekaart oude PoortConsumptiekaart

Nieuwe kleedruimtes, verbouwing van het clubhuis en een tweede veld zijn de stappen die in 2013 moeten leiden naar een voorspoedige ontwikkeling van RC ’t Gooi in de komende jaren. En ook nu zijn er weer voor- en tegenstanders.

 

Vlak na de oorlog: 12½ jaar RC ´t Gooi (1945)

1945-10 Jubileumnummer 12,5 jr coverDe cover van de jubileum-uitgave van De Scrum t.g.v. het 12½ jarig bestaan in 1945

Via Peter de Graaf kreeg ik de speciale uitgave van De Scrum in handen, ter gelegenheid van het 12½-jarig bestaan van RC ’t Gooi. We hebben het over 1945. Vlak na de oorlog en Nederland was arm en in opbouw. Je zou verwachten, dat er uitvoerig stilgestaan zou worden bij de net afgelopen 5 jaren van oorlog en bezetting, maar dat is nauwelijks het geval. Wilde men z’n blik richten op de toekomst, in plaats van op het verleden? Wilde men feest vieren in plaats van gedenken? Hoop in plaats van rouw? Het lijkt erop.

1945-10 Jubileumnummer 12,5 jr ledenlijstLedenlijst in de jubileum-uitgave van De Scrum t.g.v. het  12½ jarig bestaan

Tweeënveertig leden had de club toen, Dolf Plat was voorzitter, Dick Bouwman secretaris, J. D. Meeuwis penningmeester en ook Ben Hosman maakte deel uit van het bestuur. In zijn inleidende artikel heeft voorzitter Dolf Plat het onder meer over “oude vrienden die zijn heengegaan voor tijdelijk en voorgoed”. Maar hij heeft het ook over ”trips, kort of lang, die we maakten om ons partijtje te kunnen spelen. Ik hoef slechts te zeggen: Bruxelles, Düsseldorf, Oberhausen, Dieren en zij die het meemaakten, weten wat ik bedoel. Het zijn dagen geweest, die we niet licht zullen vergeten. Daarna kwam de oorlog, die verschrikkelijke oorlog, die onze vrienden wegnam, die alles wat mooi en goed was trachtte te vernietigen en helaas in veel is geslaagd”.

foto008Gooi 1937/38, demonstratiewedstrijd in Dieren. Achter: Bob de Jonge, Dolf Plat (met scrumcap), Jan van Schaik, Bob Zwart (met alpinopet), Ko Munnikhuizen, Bep van Kooten, Witte van Heijningen, Rein Koopmans, Zollner, Jaap van Schaik, ? (met regenjas), voor: Kees Meeuwis, Johan de Kooter, Bob Lamberton, Fred Huyer, Elbert Kortenoever, Walt Jongman

Maar bij het vergeten zit ´m nou precies het probleem. Over de trips naar Brussel en Dieren is er in 2013 nog wel wat archiefmateriaal beschikbaar, maar Düsseldorf en Oberhausen..? Het was in die tijd met 42 leden natuurlijk een klein en overzichtelijk clubje, waarin de kennis over de leuke en minder leuke gebeurtenissen ”vanzelf” gedeeld werd. Daar hoefde je geen verhalen over op te schrijven en foto´s van te maken. En die vind je in 2013 dan ook niet of nauwelijks.

Over de bezettingsjaren hebben we slechts een globaal beeld, namelijk dat het rugbyspelen gaandeweg steeds lastiger werd en in de jaren 1944 en 1945 vrijwel stil lag. Opvallend: twee keer de Joodse achternaam Cohen op een ledenlijst uit juni 1944 en diezelfde achternaam ook, maar nu één keer, op de ledenlijst in de 12½ jaar-uitgave van De Scrum. Daar zit natuurlijk een verhaal achter, maar welk verhaal? De van oorsprong Duitse broers Werner en Dieter Büchner waren voor de oorlog al lid van RC ´t Gooi en bleven dat tijdens en na de bezettingsjaren. Hoe werd er tegen hen – en hun vader, Adolf Büchner – aangekeken in die tijd? Hoe hebben ze die jaren zelf ervaren? Waren er spanningen in de club vanwege pro- en anti-Duitse sympathieën?

1945-10 Jubileumnummer 12,5 jr Opoe RumOpoe Rum

Antwoorden vind je niet in het jubileumnummer. De toonzetting is licht en jolig, zonder ”harde feiten”. Er is een gedicht van ”Opoe Rum”, waarin alle leden goedmoedig aan de beurt komen. NRB-voorzitter E.J. Alofs put zich – in een opvallend slecht geformuleerd verhaal – uit in de optimistische algemeenheden, die je bij een dergelijk jubileum van de bondsvoorzitter mag verwachten. Dick Bouwman doet alsof de club 35 jaar bestaat (en het dus 1968 is), in een verhaal met veel Gooi-teams met eigen vliegtuigen en vliegveld, een Gooi-stadion en -clubgebouw en gesalarieerd personeel in dienst.

Oud AAC-secretaris Wim Verbrugge haalt herinneringen op aan de jaren waarin hij de GRC (Gooische Rugby Club) op het rugbyveld bestreed: ”hoewel het altijd vechten geblazen was en de Gooiers ons een eventueele overwinning tot op de laatste minuut betwistten, de stemming op het veld bleef steeds fijn”. En dan volgt er zowaar nog een stukje feitelijke informatie: ”En hoe vaak trokken wij niet gezamenlijk als Amsterdamsch vijftiental ten strijde tegen Antwerpen of Brussel? Dat deze groote tijden spoedig mogen terugkeeren!”.

1983-04-23 Lustrum reunie-06 Oude Glorie bijeen bij de lustrumviering in 1983: Witte van Heijningen (die in 1933 de eerste try voor RC ’t Gooi scoorde), Bob de Jonge (oud-trainer, oud-voorzitter, erelid, oud-bondsvoorzitter), Ben Hosman (oud-voorzitter, erelid), Dolf Plat (oud-voorzitter)

Simon Scrum, ”den super-vliegende-verslaggever van Rugby Sport”, interviewt ”J.A.Jens (Bob) de Jonge, den verzekeringsmagnaat, die buiten zijn drukke werkzaamheden nog tijd over heeft om aan politiek te doen, schaak te spelen, taal te zuiveren, wedstrijden te leiden en ingezonden stukken te schrijven”. Het is een lollig verhaal, waarin feiten en verzinsels onontwarbaar met elkaar verweven zijn. Een (wellicht feitelijk kloppend) citaat van de oud-ARVC’er, voormalig bondsvoorzitter en oud-RC ´t Gooi voorzitter en erelid: ”Het resultaat hiervan na drie jaar (drie jaar na de oprichting van RC ´t Gooi, dus 1936 – red.) was: nummer 1 in de Van Broekhuizenbeker (en dus landskampioen – red.). Wij versloegen dat jaar niet alleen in een uitwedstrijd Delft, maar Boebie v.d. Berg erbij. Maar ik kan u verzekeren, dat het heel wat gekanker en gevloek mijnerzijds gekost heeft voor het zoover was”.

1945-10 Jubileumnummer 12,5 jr ledenwervingWerft leden en donateurs!

Verder bevat het jubileumnummer nog een verhaal over de ervaringen van een nieuweling in de rugbysport: aardig, maar niet verrassend. Leuker is het afgeluisterde gesprek tussen de rugbyschoenen van een oude vriend, die nu al jaren in de kast staan te beschimmelen. ”Maar hoe lang zijn we nu al bevrijd? ´t Is toch al meer dan een half jaar geleden, dat die gehaten moffenlaarzen door onze straten, ja…, op ons veld paradeerden. Ja… en nog kijkt hij niet naar ons om, hij is vergeten wat hij aan ons verschuldigd is, de prettige wedstrijden die we tezamen tot een goed einde brachten. Hoe hij tegen ons sprak als tegen zijn beste vrienden en ons vertroetelde”. Blijkbaar was het voor sommigen lastig om de rugby-draad na de oorlog weer op te pakken. Zou de oproep tot werving van leden en donateurs daarom geplaatst zijn?

1945-11-17 feest 12,5 jr bestaan RCG Gooische Boer BussumFeest op 17 november 1945 in De Gooische Boer in Bussum, ter gelegenheid van het 12,5 jarig bestaan van RC ’t Gooi

Over de voorbereidingen van het jubileumfeest meldde het clubbulletin het volgende:

1945-11-17 feest 12,5 jr jubileum

Gooische BoerHotel-restaurant De Gooische Boer (foto: Historische Kring Bussum)

Het jubileumfeest vond plaats op zaterdag 17 november 1945. Plaats van handeling was hotel-restaurant De Gooische Boer. Dit bevond zich in Bussum aan de Huizerweg, op de hoek met de Amersfoortse Straatweg. In april 1958 werd het door brand verwoest. Het feest werd een enorm succes, al bleef de feestcommissie na afloop wel met een nadelig saldo van f 2,75 zitten!

Ben Hosman in gesprek met Herman Nijhuis (1977)

Ben Hosman en Wim Munnikhuizen bekijken oude rugbyfoto’s, 26 januari 2005 

Zesendertig jaar geleden stond er in De Scrum van februari 1977 een interview met ons erelid Ben Hosman. Hij sprak met Herman Nijhuis (toen nog geen erelid), destijds de aanvoerder van de Scrumredactie, over zijn herinneringen aan oude Gooi-tijden. Een mooi verhaal, dat we hier graag nog eens vertellen.

RC ’t Gooi 1937. Achter: Kees Meeuwis, Dolf Plat, Fred Huyer, Kees Kennis, Rein Koopmans, midden: André van de Hoek, Louis Diem, Johan de Kooter, Henk Stuurop, Bob Lamberton, Hans Fannois, Walt Jongman, vooraan: Ben Hosman, Jaap Klasema, Piet van Lingen

Praten met Ben Hosman over rugby op een winteravond bij de open haard met een goed glas wijn is een openbaring. Sprankelend komen de rugby-verhalen te voorschijn. Vele namen worden genoemd. Mannen van het eerste uur, die onze club hebben opgericht: Bob de Jonge, Witte van Heijningen, Bob Lamberton, Rein Koopmans, Kees Meeuwis, Jaap Klasema, Elbert Kortenoever, de Kooter, Schrage, Plat, van de Hoek, Zöllner en vele anderen.

1937-38 vertrek van station Bussum naar Den Haag. 1e rij: Walt Jongman, André Talboo, Fred Huyer, Jaap Klasema, Johan de Kooter, 2e rij: Kees Kennis, André van de Hoek, Kees Meeuwis, Ben Hosman, 3e rij: Elbert Kortenoever, Reijn Koopmans, Dolf Plat, 4e rij: Aad Kennis (met hoed), Bob Lamberton

In feite is het allemaal begonnen in december 1932, toen de heren Kruissink en Talboo in het Tuschinsky Theater te Amsterdam een film zagen over rugby en zodanig enthousiast werden, dat besloten werd om, met medewerking van de Nederlandse Rugby Bond, te trachten ook in Bussum een rugbyclub op te richten. En hiermede was in februari 1933 R.C. ’t Gooi geboren.

Het landhuis Drafna in Naarden, waar het Theosofisch Lyceum was gevestigd 

De eerste trainingen en wedstrijden werden gespeeld op de ezelweide met een boom midden in het veld, dat gelegen was naast het Theosofisch Lyceum “Drafna”. Ben Hosman begon in 1936 rugby te spelen op het veld bij de watertoren, zgn. het terrein bij de zandafgraving. Een veld vol zwerfkeien, dat niet geschikt was voor de voetballers. Maar rugby kon er wel op gespeeld worden. Als kleedruimte had men een oude loods ter beschikking en als douche een waterton met een puts. Dat waren barre tijden!

Er bestond echter een hechte vriendenkring (zodanig zelfs, dat de meisjes soms gedeeld werden). Er was ook geen clubhuis, waardoor het veld het enige trefpunt was, waar men elkaar met vrienden, vriendinnen en familieleden ontmoette. Na afloop ging men met de dames achterop de fiets weer huiswaarts, met uitzondering van een enkele gelukkige, die de beschikking had over een auto of een motorfiets.

Door die hechte vriendenkring werden wedstrijden gewonnen, niet door een grote techniek, doch door een verbeten inzet om elkaar niet teleur te stellen. Doordat er maar zeven clubs waren, kende iedereen iedereen en de onderlinge band tussen die clubs was reuze goed. In oorlogstijd werd het wat minder met het clubgebeuren en er zijn toen een paar leden gefusilleerd.

Nassaulaan Bussum, in oorlogstijd, te zien aan de verduisteringsschotten voor de winkelramen. Kees Meeuwis, Aga Klasema (de vrouw van Jaap), Jaap Klasema, Ben Hosman, Rie Hosman

Ben Hosman is eigenlijk door zijn buurjongens Jaap Klasema en Kees Meeuwis in de rugbysport terecht gekomen en hij heeft er nooit spijt van gehad. Werd hierin ook sterk gesteund door zijn vrouw. Toen er kinderen kwamen vergezelde zij hem altijd nog naar het rugbyveld. Ook toen er vier kinderen waren werd er trouw naar het veld gekomen. Pa Hosman had dan een kind voor- en achterop de fiets, ma Hosman kwam dan later met de kinderwagen naar het veld met een kind erin en een kind erop of ernaast.

De feesten die in die tijd werden gehouden werden ook per fiets bereikt. Zo staat nog in aller herinnering het carnavalsfeest in “De Zeven Linden” te Laren; men moest er wel tot 4 uur in de nacht binnen blijven vanwege de spertijd in de oorlog. De kinderen werden ter plekke in de bedstee gedeponeerd.

Er werden in die tijd ook demonstratiewedstrijden gehouden, zelfs rugby was een onderdeel van de Olympische spelen in Amsterdam. RC ’t Gooi leverde reeds in 1936 spelers voor het nationale XV-tal, o.a. Walt Jongman, die maar eventjes vanuit Egmond aan Zee naar Bussum fietste om daar eventjes de interland tegen Frankrijk te spelen en toen maar weer eventjes terugfietste naar Egmond. Ook de heren Stuurop en Schut kwamen iedere week getrouw uit Eerbeek om te trainen en te spelen. Dat was ouderwetse inzet en men was in die tijd niet veel luxe gewend.

Scrum in de sneeuwwedstrijd tegen Anderlecht in 1946

In 1939 speelden Jaap Klasema en Walter Jongman mee tegen Roemenië. Ook de wedstrijd tegen Anderlecht zal Ben nog vele jaren heugen. Na een tocht van ruim 5½ uur met de bus was er zoveel sneeuw gevallen, dat toen men bij Anderlecht aankwam  er inmiddels 30 cm lag. De Belgen hadden er toen geen zin meer in om een partij te spelen, maar ja, die Hollanders hadden niet voor niets zo lang in die rotbus gezeten, zodat er, onder daverende lach-salvo’s, toch nog een wedstrijd gespeeld werd.

Ook de bustocht naar Düsseldorf ligt nog vers in de herinnering. Men ging vanuit Bussum met een bus van Bussums Bloei. Daar aangekomen werden zij ontvangen door heren met bruine hemden aan en in wagens naar het sportveld vervoerd, waar later de Joden naar de gaskamers werden getransporteerd. Op de terugweg was halverwege de bus van Bussums Bloei uitgebloeid, midden in de bossen in de buurt van Arnhem kregen zij panne (gelukkig voor hen die een vriendinnetje bij zich hadden).

Gooi 1937/38, demonstratiewedstrijd in Dieren. Achter: Bob de Jonge, Dolf Plat (met scrumcap), Jan van Schaik, Bob Zwart (met alpinopet), Ko Munnikhuizen, Bep van Kooten, Witte van Heijningen, Reijn Koopmans, Zollner, Jaap van Schaik, ? (met regenjas), voor: Kees Meeuwis, Johan de Kooter, Bob Lamberton, Fred Huyer, Elbert Kortenoever, Walt Jongman

De sterkste van de zeven clubs uit die tijd waren ongetwijfeld de Delftse Studenten, maar onze voorwaartsen hadden er tijdens die wedstrijden wel danig de pest in, daar ze meestal in een wolk van jenever stonden te pushen. Het sportpark aan de Meerweg werd intussen het rugbyveld. Ook daar werden reeds in 1946 en 1947 veel demonstratie- en internationale wedstrijden gespeeld voor een in die tijd toch wel talrijk publiek. Meestal betraden wij het veld met de vlag van R.C. ’t Gooi voorop (waar is eigenlijk die vlag gebleven?).

Knipsel uit De Bussumsche Courant van 24 februari 1939

Voor reklame werden er door de leden met de hand gemaakte affiches gemaakt (ingekleurd met zwarte en rode inkt). Die werden dan bij de winkeliers voor de ramen gehangen of aan bomen genageld. De enige ernstige blessure die Ben Hosman ooit heeft opgelopen is een hersenschudding in de wedstrijd tegen België. Vanuit België werd hij toen met rugbykleren en al in de auto gezet en bij zijn vrouw afgeleverd, die toen wel wist dat er iets fout was.

Rechts Ben Hosman als scheidsrechter op Sportpark Bussum Zuid bij een onbekend sevens-team

Zonder meer stelt Ben, dat hij door de rugbysport een veel groter doorzettings- en incasseringsvermogen heeft gekregen. Maar, gelooft hij, je had in die tijd meer over voor je club en de sport dan nu het geval is. In 1936 begonnen met spelen tot 1956. Daarna nog diverse bestuurstaken vervuld. Ook is Ben nog scheidsrechter geweest. Hij kan terugzien op een bijzonder fijne sporttijd.

Het eerste lustrum in 1938

In 1938 bestond RC ’t Gooi 5 jaar. Dit eerste lustrum werd gevierd samen met Jan Hagoort. Die werd gehuldigd, omdat hij 12,5 jaar als goochelaar op de planken stond. De gecombineerde feestelijkheden vonden plaats op zaterdag 23 april 1938 in gebouw ‘Concordia’ aan de Graaf Wichmanlaan in Bussum. Dit gebouw zou later als televisiestudio Concordia omroepgeschiedenis schrijven.

Een slimme formule, om twee feestelijke aanleidingen te combineren: meer kans op een goedgevulde zaal en dus minder risico en minder organisatorisch gedoe voor de rugbyclub. Jan Hagoort deed zoiets wel vaker, met een vereniging die iets te vieren had. Hij was ‘wereldberoemd’ in het Gooi en omstreken. Met een aantal andere artiesten stelde hij een cabaretprogramma samen, met feestbal na. Het programma op die 23ste april was meer dan avondvullend: van 8.15 tot 4.00 uur.

Hens Clinge Doorenbos was een van die artiesten met wie hij vaak samenwerkte. Onder zijn achternaam Clinge Doorenbos trad hij ruim zestig jaar op als zanger en cabaretier. Hij was tevens liedjesschrijver, dichter, journalist en schrijver van kinderboeken. Ook met Mr. Max, de sneltekenaar, stond Jan Hagoort vaker in één programma.

De geslaagde avond begon met een vrijwel volle zaal en tegen middernacht, toen het feestbal begon, was deze volledig volgelopen. Onder meer RC ’t Gooi-voorzitter H.L. van Zalinge sprak waarderende woorden voor Jan Hagoort. Aan RC ’t Gooi werd op de feestavond de zilveren Mastwijk-wisselbeker uitgereikt, die ze kort daarvoor – op eerste Paasdag – hadden gewonnen op hun eigen seven a side rugbytoernooi, op het terrein aan de zandafgraving bij de Bussumse watertoren.