Een club van verzamelaars? Door Ton Steenwinkel.

1978-11 Ouderavond-03Ook de oude Utrechtse Poort was goed voorzien van her en der verzamelde snuisterijen

Kijk maar eens even rond in het mooie RC ’t Gooi clubhuis en aan de muur vind je allerlei spannende dingen, die in de loop van de tijd verzameld of gevonden zijn. Hierbij een paar herinneringen aan deze verzamelwoede, die wellicht interessant zijn. Maar niet alle ooit  verzamelde objecten zijn nu nog in het clubhuis te bewonderen. Welke niet leest je hier.

Adelborsten vaandel sabel

Soms was er een lange reis naar Den Helder noodzakelijk om een potje rugby te kunnen spelen, maar de gebruikelijke winst op de Adelborsten maakte veel goed. Niet alles natuurlijk. De officieren in spé kregen na verloop van tijd een prachtige sabel, waar ze reuze trots op waren. Maar die sabel moest ook altijd gedragen worden. Een stevige pot rugby, gepaard aan een stevig biertje – peren in het marinejargon – en een zeer behendige en snelle Gooispeler leidden ertoe, dat de sabel van eigenaar verwisselde en dat ’t Gooi in het bezit kwam van een zeer fraaie sabel. Iets dat we eigenlijk altijd al hadden willen hebben!

adelborsten schip4

De commandant van het KIM – geen familie van de Koreaanse Kims – dreigde de vloot over het IJsselmeer naar Naarden te sturen. Maar gelukkig stond er geen wind en kon de Marine niet naar Naarden zeilen. De belofte, dat de Adelborsten de sabel bij de wedstrijd in Naarden op zouden kunnen halen tegen een kleine compensatie van een vat bier, viel niet in goede aarde. Marinevolk heeft toch al niet zoveel met aarde. Enfin, de sabel is maar teruggegeven.

Wat bij een volgende wedstrijd in Den Helder de bijzondere aandacht van de verzamelaars trok was de appèlklok of -bel, waarmee de Adelborsten ’s morgens op het appèl werden geroepen. adelborsten klokMet vereende krachten werd de zware klok in de auto gesjouwd en naar Naarden vervoerd. Pas bij het eerstvolgende appèl werd, toen men de klok wilde luiden, vastgesteld dat deze verdwenen was! Het Ministerie van Defensie meende persoonlijk te moeten ingrijpen in deze zaak van het ontvreemden van rijkseigendommen, waarbij weer niet begrepen werd dat we de klok alleen maar een paar jaar in bruikleen wilden! Enfin, om een lang verhaal kort de maken, de klok moest terug en onze conclusie was, dat het Ministerie van Defensie, in het bijzonder het KIM, blijkbaar niet in staat was zijn eigen spullen te verdedigen! Zoiets geeft je te denken!

kasteel NijenrodeOm de nieuwe eerstejaars in te wijden in de mooie rugbysport werd er voor de start van elk seizoen een wedstrijd op Nijenrode tegen ’t Gooi gespeeld. Er waren daarbij altijd 3 hoogtepunten. Het eerste was, met hoeveel we dit jaar weer zouden winnen. Het tweede, of de eerstejaars in de rust en na de wedstrijd wel mooi de gaten in het veld weer plat zouden trappen. En het derde en meest belangrijke was: het meenemen van de pindabak, die op de bar in de kelder stond.

Nijenrode kelderbar2Zo ziet de Nijenrode-kelderbar er tegenwoordig uit: geen pindabak te bekennen…

Na wederom een forse zege en een weer plat veld gingen we snel naar de bar in de kelder. Daar werden wij geconfronteerd met het feit, dat de pindabak nu aan een ketting lag en dat naast de pindabak een grote en sterk uitziende Nijenrodiaan stond. Met deze persoon was niet te praten en hij wilde ook geen bier van ons aannemen! Ongehoord! Rijp beraad volgde, het plan werd besproken en vervolgens tot uitvoer gebracht. Plotseling ging het licht in de kelderbar uit. De kin van de bewakende jongeling kwam in contact met een vuist van een Gooier, hetgeen duidelijk te horen was door de klap op de kaak en de kreet van de persoon wiens kaak het was. De pindabak werd bevrijd van zijn ketting en de bak werd in een vliegende sprint in het donker de trap op gedragen en vervolgens in een met ronkende motor klaarstaande auto geplaatst met bestemming Naarden. Uiteraard moesten wij de pindabak bij de wedstrijd tegen Nijenrode in Naarden teruggeven, hetgeen gebeurd is.

poort NijenrodeOns was ook opgevallen, dat er voor de brug van het poortgebouw van kasteel Nijenrode een tweetal fraaie leeuwen de wacht hield. Laat de leeuw nu toevallig ook het symbool van Rugbyclub ’t Gooi zijn! Een beetje eerste rij speler is ook voor een leeuw niet bang en het bleek na enig wroeten en draaien, dat een van de leeuwen best naar Naarden wilde komen, hetgeen dan ook geschiede. Ook dit aandenken moesten wij weer teruggeven!

gebouw universiteit utrecht2De Utrechtse universiteit werd ongeveer in 1636 opgericht en ruim 340 jaar later speelden we regelmatig tegen USRC. De derde helft vond niet plaats in de sociëteit, maar in de gebouwen van de Universiteit, omdat vrouwen niet toegelaten werden in de sociëteit, zijnde de normale drinklocatie. Er was bier voor de heren en sherry voor de dames en er bleek een fraaie expositie van zeer oude vaandels te zijn, die men van achter glas kon bewonderen. De Oude Poort was nogal kaal en we vonden opeens, dat De Poort best met een mooi vaandel opgefleurd kon worden.

vaandel uni utrecht.bmpVitrine ongemerkt geopend, vaandel opgerold, was per slot van rekening minstens 200 jaar oud en de stof was nog lang niet vergaan! Mee naar ’t Gooi. Op maandagmorgen 9.04 uur kreeg ik en telefoontje van het bondsbureau van de Nederlandse Rugby Bond. Of ik iets wist van “het vaandel”? Als ervaren eerste rij speler, die heel onschuldig kon kijken als de scheids hem net niet op heterdaad heeft kunnen betrappen bij het uitdelen van een corrigerend tikje, zei ik dat ik niets van deze zaak wist, maar wel eens even zou navragen. Je voelt het al aankomen: het vaandel was van onschatbare historische waarde en ging weer terug naar Utrecht!

Pet Britse stationschef

Een andere keer zal ik jullie informeren hoe het kwam, dat de pet van de stationschef op het treinstation van Bromley South in handen kwam van een Gooispeler en dat wij ook dit kleinood terug moesten geven! Ofschoon al deze gebeurtenissen strafrechtelijk al verjaard zijn, meen ik toch de namen van de betrokkenen niet bekend te moeten maken. Overigens: die namen zijn vastgelegd in een document, dat in een verzegelde envelop zit, in de kluis bij de notaris.

1368377525_8600_jpgWellicht is het verzamelen van landskampioenschappen en zilveren legpenningen van gemeentes een betere zaak, maar een beetje nostalgie over de vroegere verzamelwoede kan geen kwaad!

Zie ook:

De Nijenrode connectie

RAF Brüggen (1965)

Rugby in de oudheid, door Bob de Jonge

 

?, Bob de Jonge, ?, ?, Fred Huyer, ?RC ’t Gooispelers uit de oudheid (jaren ’30): ?, Bob de Jonge, ?, ?, Fred Huyer, ?

In 1978, bij het 9e lustrum, schreef ons erelid, oud-voorzitter J.A.J. (Bob) de Jonge in De Scrum over de rugby-oudheid in Nederland. Hij maakt daar zelf deel van uit. Als de allereerste secretaris van de op 1 oktober 1932 opgerichte Nederlandse Rugby Bond stond de latere bondsvoorzitter aan de wieg van RC ‘t Gooi. Hij was in die tijd nog lid van ARVC, de Amsterdamsche Rugby Voetbal Club. En dan nu Bob de Jonge zelf aan het woord.

Wanneer je in De Scrum een vraaggesprek met pionier Frankfort hebt gelezen, gaan je gedachten onwillekeurig terug naar het verre verleden. De rugbywereld van heden ten dage is wel heel wat anders dan het rugbywereldje van toen. Je vraagt je af hoe het allemaal is begonnen en hoe het zich heeft gehandhaafd. Het antwoord op dat handhaven is niet zo moeilijk te geven: door pionierswerk van mensen als Frankfort.

DSR-C in actie tegen AAC in Amsterdam in 1934DSR-C in actie tegen AAC in Amsterdam (tijdschrift Sport in Beeld, 1934)

Maar de geboorte van de rugbysport in Nederland is wat duister. De oudste en veruit de oudste club is de DSR-C, die ik in de eerste wereldoorlog in mijn zeer prille jaren weleens zag spelen tegen gestrande Zuid-Afrikaanse studenten en Britse krijgsgevangenen (1). Dat vond dan plaats onder andere in het oude stadion in Amsterdam (2) en als kind werd ik zo geestdriftig dat ik, toen ik de kans kreeg, zelf ben gaan spelen. En die kans kwam in 1930, er stond toen in de Amsterdamse bladen een oproep van een aantal Zuid-Afrikaanse en Engelse studenten ter oprichting van een rugbyclub en daaruit ontstond ARVC, dat gezien het aantal voortreffelijke buitenlanders, een zeer goed partijtje vertolkte.AAC tegen ARVC in maart 1933

AAC tegen ARVC (tijdschrift Revue der Sporten, 13 maart 1933)

1933-01-17 DBC oprichtingARVC, kort daarna gevolgd door AAC, was de derde rugbyclub van Nederland; RCE was inmiddels door oud-Delftenaren van de grond gekomen. Voordien had Delft zich eenzaam en alleen staande moeten houden door enkele wedstrijden per jaar te spelen tegen de Antwerp British, de British Bruxelles en met Pasen enkele ontmoetingen met Engelse XV-tallen. Geen geringe prestatie. Voor de oorlog werden nog opgericht de HRC, de RRC, RC ’35 en de Gooische Rugby Club, dus niet de Rugby Club ’t Gooi. Ik kom daar straks op terug. Door een leraar Engels, Henk Kruising (als ik het goed spel) (3), waren enkele middelbare scholieren geestdriftig gemaakt voor onze sport. Een oprichtingsvergadering vond plaats in een café over de spoorbomen in Bussum. Namens de bond was ik daarbij aanwezig, vandaar mijn band met RC ’t Gooi, waar ik later nog jaren voor heb gespeeld.Scan.BMP

Hoe zat dat nu met die naam? De GRC werd toentertijd (nog voor de oorlog) benaderd door de Atletiek Unie. Indien wij ons aansloten, zouden wij bij de training worden geholpen en ook zou ons materiaal ter beschikking worden gesteld. Daar hebben we nooit iets van gemerkt en dus weigerden wij onze contributie te voldoen. Er werd gedreigd met royement en dat zou hebben betekend, dat de NRB ons ook zou hebben moeten royeren als lid. Eenvoudige oplossing: GRC hief zichzelf op en op datzelfde historische ogenblik kwam de RC ’t Gooi ter wereld!

Onze clubkleuren waren ook niet geheel hetzelfde als nu. De middenbaan van het shirt was lichtblauw. Toen in 1945 weer met frisse moed werd begonnen, werd aan alle oud-spelers verzocht hun shirts ter beschikking te stellen. Toen eindelijk nieuwe shirts konden worden aangeschaft, waren de oude kleuren niet meer te krijgen.

stoomtreinHoe was het (rugby)leven in de oudheid? Wel wat anders dan in de welvaartsstaat! Het reizen geschiedde vrijwel uitsluitend per trein op een zogenaamd gezelschapsbiljet. Aangezien ieder XV-tal zo’n drie of vier werklozen telde, moesten de andere spelers het gezelschapsbiljet voor hun rekening nemen. Wij speelden in het algemeen op bijvelden van kleine voetbalclubs, kleedgelegenheid een oud bouwkeetje, wassen in blikken bakken met water uit de sloot. Voor gezelligheidsavonden was er geen geld ter beschikking, trainen alleen op zaterdagmiddag mogelijk. Maar we hadden er allemaal veel voor over en we bleven overeind!

Kleedhokje van ARVC aan de Schagerlaan, ca. 1930Kleedhokje van ARVC aan de Schagerlaan, ca. 1930 (uit “In de lijn gespeeld”, Leo van Herwijnen, 1982)

De eerste jaren van ’t Gooi kenmerkten zich door grote geestdrift en wat het spel betreft door grote inzet en snelheid. Aan techniek en tactiek ontbrak nog alles. Ons terrein was in de toenmalige “zandafgraving” in de buurt van de watertoren (4). Maar nog voor de oorlog uitbrak in 1940 had ’t Gooi de bekercompetitie gewonnen! De grote namen van die tijd waren: Meeuwis, Jongman, Klasema, Van Heijningen, Van Kooten, Hosman, Plat, Koopmans en nog zovele anderen.

watertoren Bussum02Het terrein bij de watertoren moet links van de weg gelegen hebben, waar nu de begraafplaats is, ter hoogte van het huidige P+R-terrein bij station Bussum Zuid

Ik noemde zo even de bekercompetitie; een gewone competitie kenden wij niet. De bekerwedstrijden werden in een halve competitie gespeeld en verder hadden we net als in Engeland een vrije fixture list. Het kostte de clubbesturen heel wat moeite een goed wedstrijdprogramma in elkaar te zetten. Maar het had ook een voordeel: het ging er bij elke ontmoeting niet om de punten en zo kregen jongere en minder goede spelers volop kans mee te doen.

Henri_van_boovenWaarom er geen competitie was? Dat zat ’m in de NRB. De bond was opgericht op initiatief van de schrijver en journalist Henri van Booven, zelf een zeer verdienstelijk cricketer. DSR-C voelde wel de noodzaak van de oprichting van een overkoepelend orgaan, maar had ook bezwaren. Zoals: wij zijn studenten en wij willen ook onze contacten met Engeland niet verliezen. En dit was vroeger een brandende kwestie. De Britse landen in de wereld hadden hun eigen RFU en ook Frankrijk was daarbij aangesloten. Door de professionele aanpak in Frankrijk (ze waren er daar al vroeg bij), spelverruwing, betaling onder-de-tafel, werd Frankrijk uit de RFU gezet. En begonnen dus de Fransen aan de oprichting van de FIRA. Nu mochten Engelse clubs wel spelen tegen FIRA-leden, maar dan mocht er in het desbetreffende land geen competitie worden gespeeld en we moesten daarvoor buigen. In zekere zin ontdoken wij dat beding, door de beker te laten verspelen in de vorm van een halve competitie. Wij hadden dus wel een bekerhouder, maar geen (echte) kampioen!

En zo kwam het allemaal langzaam en moeizaam op gang totdat er midden in de Tweede Wereldoorlog een zeer plotseling einde aan de zaak kwam en er in 1945 weer opnieuw werd begonnen. En het verdere verloop zal de meesten wel bekend zijn.

Voetnoten:

(1) Dat is maar net mogelijk, want DSR-C werd opgericht op 8 oktober 1918 en de eerste wereldoorlog eindigde op 11 november 1918.

(2) Bedoeld wordt vermoedelijk Het Stadion aan de Amstelveenseweg in Amsterdam,  tot de sloop in 1929 de voorganger van het Olympisch Stadion

(3) Henk Kruissink is de correcte spelling. Hij en André Talboo waren de initiatiefnemers voor de oprichting van de Drafna Sport Club op 14 januari 1933, die ruim een jaar later, op 31 januari 1934, fuseerde met de Hilversumsche Rugby Club tot de Gooische Rugby Club en die weer later Rugby Club ’t Gooi zou gaan heten.

(4) Dit speelveld moet gelegen hebben ter hoogte van het huidige P+R parkeerterrein bij station Bussum Zuid, waar nu de begraafplaats ligt.

Zie ook:

Interview met Bob de Jonge (filmpje uit 1988)

De oprichters van RC ’t Gooi

Het Drafna-lyceum

De oertijd van RC ‘t Gooi: het échte verhaal!

 

Hommage aan Frits Frankfort (1977)

1368377528_2510_jpgRC ’t Gooi landskampioen 2013

11 Mei 2013 moet wel een topdag zijn geweest voor de 85-jarige Frits Frankfort: hij mocht de kampioenschapsbeker uitreiken aan de nieuwe landskampioen. En dat zou óf RC Hilversum óf RC ‘t Gooi worden, allebei clubs waaraan Frits vele jaren met hart en ziel zijn niet geringe rugbykennis beschikbaar stelde. Met het ene puntje verschil in de laatste minuut in het voordeel van RC ‘t Gooi was hij vast net zo blij als hij met de omgekeerde uitslag geweest zou zijn… Eind 1977 schreef een anonieme redacteur van De Scrum het nu volgende waarderende verhaal over Frits onder de titel “Hommage aan een 50 jarige oud-Gooi rugbyer”; de redactie is hier en daar enigszins aangepast.

Frits Frankfort-01Deze keer willen wij Frits Frankfort eens in de schijnwerpers zetten, omdat hij onlangs 50 jaar is geworden en omdat hij een enorme hoeveelheid werk voor de rugbysport heeft verzet. Frits werd op 9 november A. ("Pa") Büchner, trainer en coach 1944-19621927 te Deurne in België uit Nederlandse ouders geboren. Hij is beslist geen Belg, moesten we van hem speciaal vermelden. Frits is zijn rugby-loopbaan in de zomer van 1945 bij RC ’t Gooi begonnen. Door Piet van Lingen (ook een oud-Gooier) werd hij meegenomen naar een demonstratie-rugbywedstrijd, Noord-Holland tegen Zuid-Holland, op het sportpark te Hilversum, tegenwoordig het Nationale Rugby Centrum. Samen met Cor de Rie kwam hij toen in handen van Pa Büchner.

Voormalig Gooi-trainer Adolf “Pa” Büchner

Door hem werd Frits wat hij noemt “aangepakt”, dat wil zeggen 2x per week een uur lang een bal tegen een paaltje gooien en weer opvangen. Frits noemde dit “paaltje pissen”. Pa Büchner had het echter juist gezien: Frits kon na verloop van tijd blindelings passen en goed ook.

foto014RC ’t Gooi-team van ca. 1953. Achter: Bert de Boer, Leo Toff, ?, Ferry de By, ?, ?, Piet Dijkman, Dolf Plat, Cor de Rie. Voor: ?, ?, ?, Frits Frankfort, ?, ?.

De toenmalige driekwartlijn met Frits als scrum half, Werner Büchner fly half, Ad Nordeman 1e center, Cor de Rie 2e center en Peter Maas en Frans Buys als wings liep dan ook als een trein. Toentertijd speelden meer 2004 Zes pioniers RC HilversumHilversummers bij ‘t Gooi, zoals Joop Gorel, Wim Ouwerkerk, Pim Ooms, Dave van de Giessen, Henk Giel en Cor de Rie. Samen met deze vrienden heeft Frits op 23 september 1954 Rugby Club Hilversum opgericht. Belangrijke factor was hierbij de kleur van het shirt. De keus is toen gevallen op blauw/wit, want die waren per 1.000 stuks goedkoper.

De Gooiers die in 1954 RC Hilversum oprichtten

Zijn laatste interland speelde hij op 37-jarige leeftijd, hij had toen zo’n 39 maal voor het nationale team gespeeld. Met de Impala’s mee komt hij tot ongeveer 80 wedstrijden voor Nederland: voorwaar een prestatie. Wedstrijden met ontzettende pakken slaag, maar ook met enorm veel plezierige herinneringen. Zoals de wedstrijd tegen de Belgen. Verzamelen westzijde Centraal Station in Amsterdam. Eén van de spelers mocht niet van zijn vrouw. Goede raad was duur. Nog een Gooi-speler, namelijk Leo Toff,werd om 7 uur van zijn bed gelicht, maar was er pas om 6 uur ingegaan, na een feest. Zulke dingen gebeurden toen.

1974-02-05 Hilversum-Gooi-22Frits Frankfort in actie als oude meester in een wedstrijd RC Hilversum – RC ’t Gooi op 5 februari 1974

Frits was zo’n 40, 41 jaar, toen hij trainer werd van de A-selectie van de NRB. Dat heeft hij 2 jaar gedaan en toen werd het overgenomen door Gert van Rheenen. De 16-18 selectie werd toen de zorg van Frits. Na veel trainen werd de eerste buitenlandse trip naar Heidelberg (zeer sterk) winnend afgesloten. In 1970 werd hij weer trainer van het A-team en begon tevens de samenwerking met Denis Power. Om zich verder te bekwamen in de rugbysport volgde Frits diverse training/coaching cursussen in Engeland, Schotland en Wales, wat hem nu in de praktijk van zeer veel nut is. Momenteel is Frits Senior Coach (deze wordt door de NRB benoemd), docent trainerscursussen, examinator en lid van de selectiecommissie, samen met Denis Power en Theo Snijders. Tevens is hij nog commissielid opleidingen. Via Pim Ooms heeft hij 1 maal zwangere huismussen beziggehouden, maar dat nooit meer.

Frits Frankfort SingersLogo van de Frits Frankfort Singers

De trip met de Hilversumse Rugbyclub naar Hull weet Frits zich nog maar al te goed te herinneren. Vandaar dat de laatste trip georganiseerd moest worden onder de naam “Frits Frankfort Singers”, een geniale vondst van Aart Baartwijk, zodat men Engeland kon binnenkomen. Zelfs de ontbijttickets waren gesteld op naam van de “Frits Frankfort Singers” en het hotel was dan ook in de stellige overtuiging dat men met een zangkoor, maar dan wel een raar zangkoor, te maken had.

foto186De aanstormende jeugd in 1977, 16-18 sevens-team. Staand: Marcel Jacobs, Henk Rohaan, Jeroen Snijders Blok, Jan Rohaan. Geknield: Michiel Veldkamp, Mark Dekker, Ted Anema.

Op de vraag hoe Frits nu ‘t Gooi ziet moet hij eerlijk bekennen, dat wij momenteel een groep hebben waar in de toekomst veel mee te bereiken valt. Duidelijk is dat de jeugd een veel grotere inbreng heeft dan voorheen het geval was. Hij heeft ook vernomen, dat wij een zeer goed sociaal verzorgd jeugdwerkbeleid voeren. Het rendement komt echter pas over enige jaren goed tot zijn recht met spelers als Vincent Snijders Blok en Ton Jacobs. Ook selectiespelers als de gebroeders Rohaan, Jeroen Snijders Blok en Louk Slabbers zullen hun stempel op ’t Gooi gaan drukken.

Maar Rugby-Nederland is in feite nog te klein. Wij zullen moeten groeien naar 150 tot 200 clubs. Speltechnisch/tactisch en conditioneel liggen wij al een stuk hoger dan vroeger. Er is een duidelijke groei qua spelsterkte waarneembaar en dat is een gezonde zaak. Kijk maar naar de ereklasse met zijn verrassende uitslagen. Het zijn echt niet meer de drie clubs die de toon aangeven. Ook de promotieklasse komt steeds dichter bij de ereklasse te liggen. Er zal echter een reserveklasse aan toegevoegd moeten worden, waarin de tweede teams van de ereklasse zullen moeten gaan spelen. Je voorkomt hiermee, dat een tweede team de promotie kan tegengaan van een vereniging welke in deze promotieklasse speelt naar de ereklasse.

Rozenboom BussumVoormalig hotel café-restaurant De Rozenboom, Bussum

Frits heeft de beste herinneringen aan zijn Gooi-jaren, vooral de feesten in de Rozenboom en de Promers liggen bij hem nog vers in het geheugen. “Ach“, zegt hij, “er is in feite geen enkele club in Nederland die zulke grandioze feesten kon organiseren als ’t Gooi“. Frits is nu trainer van de jeugdteams 14-16 en 16-18 van Hilversum en begint een leuke ploeg op te bouwen. Over een jaar kan hij een zeer sterk team op de been brengen. En daar zal het van moeten komen. Erg belangrijk. Hij heeft ons eerste team aan het begin van het seizoen zien spelen en is tot de conclusie gekomen, dat er nu een team staat met spirit en veel goed, jong materiaal. Je moet ze echter wel hard maken.

1948-04 Geselecteerd schoolteamApril 1948, geselecteerd schoolteam; Frits Frankfort (20 jaar oud) 4e van links op de eerste rij.

“Rugby“, zegt Frits, “is een sport die mij van nature aantrok. Ik was vroeger dan ook een enorme gifkikker en had 12 bazen in een jaar, soms meer. Maar door het rugby ben ik enorm veranderd. Ik heb mij leren beheersen, wat me duidelijk van pas komt“. De spelverruwing neemt toe in de rugbysport. “Maar“, zegt Frits, “rugby is een harde sport, een lichamelijke contactsport, die op een faire manier kan worden gespeeld“. Aan schoppen en slaan heeft Frits een vreselijke hekel. Toch is hij ervan overtuigd, dat de Internationale Rugby Bond de zaken beter aanpakt dan de Internationale Voetbal Bond, door alleen al de spelregels te veranderen.

Om tot betere sportprestaties in het algemeen te komen zou Frits graag zien dat de gymleraren onderling elkaar attenderen op jonge talenten, in welke tak van sport dan ook, om dan deze verder te kunnen begeleiden op de manier zoals de Oostbloklanden dat doen, maar dan wel met alle vrijheden zoals wij ze hebben. De talenten signaleren en stimuleren zou een zeer goede zaak voor geheel sportbeoefenend Nederland zijn.

Bondscoach Frits Frankfort met zijn jongensBondscoach Frits Frankfort met “zijn jongens”, begin jaren ’80

Voor Frits ligt er echter nog een zeer grote taak te wachten bij de jeugd van Rugby Club Hilversum. Wij kunnen en willen niets anders zeggen dan: “Frits zeer veel succes en wij hopen nog vele malen tegen jouw jeugdteams te kunnen spelen. Hartelijk dank voor je komst naar de Poort“.

Zie ook:

Frits Frankfort als NRB-wedstrijdsecretaris (1956 e.v.)

De afsplitsing van RC Hilversum (1954)

 

“Een leuk stel mannen”, door Tom Visser

 

1937 teamfoto met oa Bep van Kooten

 Gooi-team uit 1937-38, demonstratiewedstrijd in Dieren. Geknield: Kees Meeuwis, Johan de Kooter, Bob Lamberton, Fred Huyer, Elbert Kortenoever, Walt Jongman. Staand: Bob de Jonge, Dolf Plat (met scrum-cap), Jan van Schaik, Bob Swart (met alpinopet), Ko Munnikhuizen, Bep van Kooten, Witte van Heijningen, Rein Koopmans, Zöllner, Jaap van Schaik, onbekende heer in regenjas.

Walter Koopmans en Marie Sophie Wesel reageerden op het verhaal “Ben Hosman in gesprek met Herman Nijhuis (1977)” op deze lustrumwebsite. Zij bleken de zoon en de kleindochter te zijn van ons oer-lid Rein Koopmans, die in de jaren ‘30 en ‘40 rugby speelde bij het toen nog piepjonge RC ‘t Gooi. Rein speelde onder meer mee in de heroïsche sneeuwwedstrijd tegen Anderlecht in 1946. Aat & Walter KoopmansHij overleed in 1992 op 76-jarige leeftijd. Via Walter Koopmans – vernoemd naar een ander oer-lid van RC ’t Gooi, Walt Jongman – kwam ik in contact met zijn 92-jarige moeder, mevrouw Aat Koopmans-de Vries.  

Aat Koopmans-de Vries met zoon Walter Koopmans

Het plan werd bedacht om een verhaal voor de lustrumwebsite te maken over Rein Koopmans en de beginjaren van RC ‘t Gooi en vragen, zoals “wat voor club was het toen?” en “hoe gingen ze met elkaar om?” te beantwoorden. Er vond een gesprek plaats, waarbij vergeelde documenten en oude foto’s op tafel kwamen. En natuurlijk de verhalen van lang geleden.

Feest 12 1/2 jr RC 't Gooi in 1945Vergeeld krantenartikel over het 12,5 jarig jubileumfeest in 1945

Reinold Koopmans werd geboren in 1915 in Blaricum. Hij ging naar de tekenschool (ambachtschool) in Hilversum, net als zijn vriend Henk de Vries, de broer van zijn latere vrouw Aat. Rein dook vanwege de razzia’s door de Duitsers in 1943 of 1944 onder bij de familie De Vries om aan tewerkstelling in Duitsland te ontkomen. Daar leerden Aat de Vries en Rein Koopmans elkaar kennen. Zo raakte Aat betrokken bij RC ’t Gooi.

“’t Was een leuk stel mannen” zegt ze over die tijd, “je voelde je er thuis, ook met de vrouwen van de spelers. Er werd nooit gescholden of lelijke dingen gezegd. De meeste spelers waren ook geen grote, stoere jongens. Ze speelden niet op kracht, maar volgens de spelregels. Dieter Büchner en Walt Jongman – de neef van Rein – waren wel grote kerels. Rein Koopmans was niet groot, zo’n 1.75 m lang, hij was rustig, trad niet op de voorgrond, maar was als speler gedreven, soms fanatiek. Ook buiten het rugbyveld gingen ze met elkaar om, het was een echte vriendenclub. Zo werd er bijvoorbeeld gezamenlijk gekampeerd op het strand van Egmond aan Zee, dat mocht toen nog“.

ReinK-35Kamperen op het strand van Egmond aan Zee in 1934/35: RC ’t Gooi-oprichter Henk Kruissink, Johan de Kooter, Bob Lamberton, Witte van Heijningen, Walt Jongman

Toen Rein en Aat in 1946 trouwden vond haar schoonvader, dat het nu tijd was om maar eens op te houden met dat rugby-spelen en alle energie in werk en carrière te steken. Maar dat was niet naar de zin van Aat en dat gebeurde dus ook niet. Rein is nadat hij met spelen stopte nog vele jaren lid van de rugbyclub gebleven. De vriendenkring uit die tijd is heel lang blijven bestaan, vaak tot het overlijden toe. Rein en Aat Koopmans waren in het bijzonder bevriend met neef Walt Jongman, Ben Hosman, Frans Buys, Dick Bouwman, Gé Meerman, Bob Zwart, Kees Meeuwis, Bob Lamberton en Witte van Heijningen en hun partners. Dat bleef niet beperkt tot wederzijdse bezoeken en verjaardagskaartjes, maar omvatte ook gemeenschappelijke hobbies. Zo waren Rein Koopmans, Dick Bouwman en Ben Hosman alle drie enthousiaste amateur-kunstschilders.

ReinK-15Tekening van Dick Bouwman voor de 75ste verjaardag van Rein Koopmans

Zoon Walter Koopmans ging wel met z’n vader mee naar de feestjes in de Utrechtse Poort. Hij heeft zich zelfs laten verleiden om bij ’t Gooi te gaan rugbyen, maar dat bleek toch niet z’n roeping te zijn. Rein Koopmans bleef altijd belangstellend naar het wel en wee van RC ’t Gooi. Zo nam hij deel aan de reünies van oud-spelers in 1978 en 1983, in het toen hagelnieuwe clubhuis.

1978 Lustrum-06Rein en Aat Koopmans bij de lustrum-reünie in 1978, rechts vooraan op de tribune van het sportpark in Hilversum, tussen de andere RC ‘t Gooi-reünisten

1983-04-23 Lustrum reunie-02Oud-spelers bij de lustrum-reünie in 1983. Achter: Cor de Rie, Dieter Büchner, Dick Bouwman. Midden: Witte van Heijningen, Kees Meeuwis, Dolf Plat, Henk van Zalinge, Wim Klink, Paul Engelblik. Vooraan: Rein Koopmans, Henk Ulrici, Jaap Klasema, Ben Hosman, Louis Hosman, Bob Lenderink.

Zie ook:

Ben Hosman in gesprek met Herman Nijhuis (1977)

De heroïsche sneeuwwedstrijd tegen Anderlecht (1946) 

Vlak na de oorlog: 12 1/2 jaar RC ’t Gooi (1945)

Rugbypromotie in de jaren ’70

Herman-KuiphofHerman Kuiphof

Op Geschiedenis 24 een filmpje-uit-de-oude-doos gevonden, dat niet rechtstreeks met RC ‘t Gooi te maken heeft, maar wel met de Nederlandse rugbygeschiedenis. Het filmpje – onder de noemer: onbekende sporten – duurt ruim 16 minuten, waarvan de eerste 3 minuten zonder beeld: die kun je dus overslaan. Het filmpje biedt een paar bekende namen. Herman Kuiphof is de presentator en interviewer. Hans Brian – tegenwoordig sportverslaggever – geeft rugbytraining. En die divepassende scrumhalf: is dat niet Frits Frankfort..?  Jus van Doorn – later voorzitter van de Nederlandse Rugby Bond – wordt geïnterviewd als voorzitter van de Haagsche RC.

Jus vertelt onder meer over de toestand en de groei van het Nederlandse rugby, waarin in die tijd slechts zo’n 700 á 800 rugbyers actief waren. Te zien zijn beelden van de interland Nederland – België, gespeeld in Zeist, waarin o.a. Jus van Doorn zelf meespeelde. Uitslag: 8 – 3. En ook beelden van een wedstrijd van Zuid-Afrika tegen een Engels testteam, gespeeld in Bloemfontein. Het filmpje is uitgezonden door de VPRO op 30 mei 1964. Het tempo is voor hedendaagse ogen belachelijk laag, maar ook dat is geschiedenis. En waarom moet ik toch zo aan Jacobse en Van Es denken..? Kijk zelf maar!

Jus van Doorn reikt Van Broekhuizenbeker uit aan RCHNRB-voorzitter Jus van Doorn reikt de Van Broekhuizen beker uit aan RC Hilversum

RC ’t Gooi-speler Ton Steenwinkel was jarenlang met Jus van Doorn lid van het NRB-bestuur. Ton herinnert zich: “… dat de NRB in 1970 zo’n 18 clubs had en het bestuur in 1973 geld van het Ministerie van Cultuur Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM) kreeg. Ongeveer 18.000 gulden, losgepeuterd door Jus van Doorn, om de rugbysport in het Noorden en Oosten van het land te promoten. Ik trok met een filmprojector door het land, hield presentaties en vertoonde mijn films. Ook speelden we verscheidene “demonstratie wedstrijden” waarbij de gewenste spelers niet altijd kwamen opdraven. Ik herinner me minstens één wedstrijd waarin het Nederlands XV niet compleet was en de aanwezige rugbyspelers, zoals Tom Visser en ik, het oranje shirt aantrokken om vervolgens onze eerste wedstrijd voor het Nederlands team te spelen.

Belangrijker was, dat met de hulp van vele oud-studenten en natuurlijk Koos Kuiper – de befaamde kroegbaas uit Groningen – er vele nieuwe clubs werden opgericht, niet alleen in het noorden en oosten, maar ook in het zuiden van Nederland. Toen Jus van Doorn en ik in 1981 stopten als bestuurlid, was de NRB wel gegroeid van 18 naar ongeveer 105 clubs! Helaas hebben niet alle clubs het overleefd. Nu we het over overleven hebben; de “derde helft” van de wedstrijden Haagsche Rugby Club en Rugby Club ’t Gooi duurde altijd minstens tweemaal zo lang als de wedstrijd zelf. Je mocht blij zijn als je zondagavond weer om 11.00 uur thuis was. Van alcoholvrije drankjes hadden wij nog niet gehoord!

Foto_van_Doorn,_van_Dalen,_Steenwinkel-1981_Golden_Oldies_ToenooiWalter van Dalen (AAC), Ton Steenwinkel (RC ’t Gooi) en Jus van Doorn (HRC) als Witte Raven in Californië in 1981

Natuurlijk speelden de NRB-bestuurleden toen nog elke week en in juni 1981 namen Walter van Dalen, Jus van Doorn en ik met de Witte Raven deel aan het tweede Golden Oldies Rugby Festival in Long Beach, California, USA. We hebben daar op waardige wijze met 17 spelers het Nederlandse rugby vertegenwoordigd. Ofschoon wij het veelvuldig geprobeerd hebben, waren we toch niet echt enthousiast over het Amerikaanse bier, als je het bier kunt noemen! Dan gelukkig maar weer een mooi Nederlands biertje in ons Naardense clubhuis.

De schuld van dit alles heeft Hans Plat. Die meende zo nodig een rugbywedstrijd tussen de Scholengemeenschap Godelinde en het Vitus College te moeten organiseren. Daardoor heeft hij mensen zoals ik weten te ronselen! 46 Jaar later ben ik nog steeds verknocht aan de rugbysport en aan Rugby Club ’t Gooi… Bedankt hoor Hans!!”.

Ga ook naar:

Een “geheime” buitenlandse competitiewedstrijd (ca. 1972), door Ton Steenwinkel

De oostelijkste club van Nederland (1963)

Een “geheime” buitenlandse competitiewedstrijd (ca. 1972), door Ton Steenwinkel

Mannen met jasje-dasje, een serieus gezicht, een mooie, officiële titel en alom erkende verdiensten  hebben vaak ook een heel andere kant. Zo ook oud-bondsvoorzitter en Gooi-speler Ton Steenwinkel. Hij deed de volgende bekentenis.

Diner Nederland-MarokkoToenmalig bondsvoorzitter Ton Steenwinkel bij een toespraak bij het diner na de interland Nederland – Marokko. Richard Majoor – later trainer van RC ’t Gooi – kijkt ons aan.

Nu de legpenning van de Gemeente Naarden binnen is, kan één van de best gekoesterde geheimen in het Nederlandse Rugby gelucht worden. Nadat Louis van Keller mij in een moment van absolute nuchterheid de taak van wedstrijdsecretaris had aangepraat – het geheel speelt zich zo’n 41 jaar geleden af denk ik – werd ik op de maandagavond benaderd door het Bussumse reisbureau PRIMAIR. Zij hadden teveel plaatsen geboekt in een vliegtuig voor een weekendje Dublin, Ierland. Of wij geen zin hadden in een vliegreis met 2 overnachtingen voor Hfl. 100, in Dublin. Kleine bijkomstigheid voor ons was, dat er voor de zondag een competitiewedstrijd tegen Te Werve (Shell) gepland stond.

Lansdowne-Road-Stadium-DublinLansdowne Road stadion

Een vloedgolf aan telefoontjes – niks email, mobiele telefoons of social media – had tot gevolg, dat we met twee complete teams naar Dublin vertrokken. In het vliegtuig zaten verder vissers en jagers die ook een weekendje naar Ierland gingen. Te Werve had via Shell geregeld, dat we op het tweede veld van het Nationale Rugby Stadion van Ierland, Lansdowne Road, mochten spelen onder leiding van een Ierse scheidsrechter. Geen spelerskaarten of dopingcontrole, maar wel een spannende, zenuwslopende wedstrijd, waarbij niet alle krachten gegeven werden, want er was natuurlijk ook een lange derde helft gepland!

De wedstrijd eindigde zeer verdiend in een gelijk spel; de formulieren werden ingevuld, waarbij we niet vermeld hebben dat we in Dublin gespeeld hebben en de Rugby Bond wist dus niet beter, dan dat de wedstrijd op vaderlandse bodem gespeeld was. Het formulier heb ik natuurlijk pas in Nederland op de bus gedaan! Op zondag heeft een mix van ’t Gooi en Te Werve tegen het zoveelste team van Lansdowne, top club dus wel, gespeeld. Naar ik me meen te herinneren, zo’n 5-10 minuten op het veld in het nationale stadion. De wedstrijd ging helaas nipt verloren ondanks zoveel Nederlands talent!

Gooi-NFCDerderijer Ton Steenwinkel met ’t Gooi in actie tegen NFC

Terug naar de derde helft, die zich voornamelijk afspeelde in het clubhuis van Lansdowne, een “grote villa” in de hoek van het stadion, waar er ’s avonds muziek was en wij een culturele uitwisseling met de vrouwelijk aanwezigen georganiseerd hebben, die vergeefs op hun Ierse vriendjes stonden te wachten. De vriendjes waren toen nog, alleen, aan het “indrinken”. Wij hebben hun vriendinnetjes alles wat ze over Nederland wilden weten verteld!

De terugvlucht liep een kwartiertje vertraging op, omdat de ruime aanschaf van de taxfree drankjes, zoals Jameson en Paddy’s, meer tijd nodig had, dan de piloot eigenlijk wilde. Geduld is, ook voor een piloot, een schone zaak. In het vliegtuig stelden we vast, dat de vissers gevist, de jagers gejaagd en de rugbyers gerugbyd hadden. Niet alle gekochte flessen drank hebben overigens Schiphol gehaald. Wij wel!

Dublin-Bombing-1974Schade na een IRA-bomaanslag in Dublin in 1974

Een week later keek ik TV en zag hoe de IRA in Dublin een bom in een hotel had laten ontploffen; gelukkig geen doden of gewonden, maar het hotel moest wel afgebroken worden! Ik kon nog net zien dat het dat hotel was waar wij een week tevoren (wel zeer kort hoor!) overnacht hadden. Ik ben blij dat ik weer goed kan slapen nu dit goed bewaarde geheim – de enige Nederlandse competitiewedstrijd die ooit in het buitenland gespeeld is – eindelijk, na ongeveer 41 jaar, in de openbaarheid is gekomen.

Stadion Lansdowne Road werd in 2007 afgebroken en in 2010 vervangen door het Aviva stadion.

De paden op (2013)

IMG_6669

“Of-ie gek geworden was?” en of ‘t echt geen grap was? Dat waren reacties die Jack Heer te horen kreeg op zijn idee om met een aantal oud-rugbyers met enige regelmaat een uurtje of zo te gaan wandelen. Nou had hij het er wel een beetje naar gemaakt, hij schreef namelijk: met ingang van 1 april ga ik mijn leven omgooien (of zoiets), en dat is natuurlijk wél een verdachte datum.

IMG_6667

“Het schijnt goed voor je conditie te zijn“ was z’n argument “en nog gezellig ook”. Dat gaf de doorslag. Bij de eerste expeditie, begin april, vertrokken er zeven helden vanaf het clubhuis voor een rondje om de vesting. In vroeger jaren een rondje, dat als de toestand van het veld trainen niet toeliet, hollend in het donker als trainingsrondje werd afgelegd. Nu bij daglicht en in een iets bedaagder tempo dan voorheen.

IMG_6673

‘t Ging langs voormalig clubhuis de Utrechtse Poort, de Promerskazerne en de kinderboerderij en vervolgens om de vesting heen weer terug naar het clubhuis. Daar werd nagepraat met koffie en gebak. Dat ’t naar meer smaakte blijkt, want inmiddels is de wandelclub er al weer enkele malen op uit geweest in de omgeving van Naarden. Binnenkort staat de eerste wandeling in “vreemde” omgeving op het programma: in Hilversum.

IMG_6696

Wat dit met ’t lustrum van RC ’t Gooi te maken heeft? Ga maar na: de zeven wandelaars dragen met elkaar zo’n 250 á 300 jaar betrokkenheid bij de club met zich mee….

Zie ook de foto’s en het filmpje over dit zelfde onderwerp!

 

Pa Büchner, een “vergeten” erelid? (jaren ’40/’50)

A. ("Pa") Büchner, trainer en coach 1944-1962Aquarel van Pa Büchner

In 1988 ondernam oud-Gooispeler Jaap van den Berge een actie voor erkenning van de verdiensten van de heer Adolf Büchner, de vader van de oud-Gooiers Werner en Dieter Büchner. BApril 1998, Ge Meerman, Jaap vd Berge, Louis Kehrer, Rien Termeulenij zijn bezoeken aan de lustrum-reünies in het nieuwe clubhuis in 1983 en 1988 was het Jaap opgevallen, dat er geen aandacht aan deze opmerkelijke figuur uit de Gooi-historie besteed werd. Zijn actie leidde er onder meer toe, dat Adolf Büchner in 1989 postuum tot erelid van RC ’t Gooi benoemd werd. Wie was eigenlijk deze heer Büchner, die niet alleen door zijn zoons “pa” werd genoemd?

Jaap van den Berge (rechts) met Gé Meerman bij de lustrumviering 1998

Zo’n 25 jaar eerder stond er in de De Scrum van 28 augustus 1963 een in memoriam voor Adolf Büchner met als titel “Terugblik”, dat een aardig inzicht biedt in de persoon Pa Büchner. De datum van zijn overlijden wordt niet genoemd. Schrijver: die zelfde Jaap van den Berge.

IM Pa Buchner-01

00 teamfoto-01

RC ’t Gooi-teamfoto uit ca. 1952 met o.a. Dieter Büchner (staand, 3e van links) en Werner Büchner (vooraan, met bal)

IM Pa Buchner-02

1943 kaartje leggen bij fam BuchnerKaartje leggen bij de fam. Büchner, ca. 1943, Theo Terlingen, Joop Dooyer (beiden geen rugbyer), Bob Lenderink, Dieter Büchner, Tonny de Lange (geen rugbyer)

IM Pa Buchner-03

1948-04 Geselecteerd schoolteamTeam van Bussumse middelbare scholieren, dat in april 1948 tegen een schoolteam uit Liverpool speelde. Geknield: ?, Werner Buchner, Bob Lenderink, Frits Frankfort, ?, ?

IM Pa Buchner-04

1945-12-23 Ned-Belgie teamsDe eerste naoorlogse Nederland – België op 23 december 1945 op Sportpark Zuid in Bussum. Links met bloemen bondsbestuurder (en Gooier) Kees Meeuwis, rechts met alpinopet scheidsrechter Paul Béchet. De Belgen dragen vesten.

IM Pa Buchner-05

1948-02-07 bal masque midden pa BuchnerBal masqué, 7 februari 1948, ?, hr. Von Stein (schilder), Dieter Büchner, pa Büchner, mw. Büchner, Werner Büchner, ?

IM Pa Buchner-06

1962-12-16 Hannover Victoria-01Bezoek van Victoria Hannover met Gooi-bestuur aan stadhuis Naarden eind 1962

IM Pa Buchner-07

Bob Lenderink met Pien-03 en pa BuchnerPa Büchner met pijp bij het bal masqué 7 februari 1948 

Ook buiten RC ’t Gooi bleef Pa Büchner niet onopgemerkt; zo zei Toon Bogers, oud-speler van AAC en erelid van de NRB, in de lustrum-Scrum van 2003 over de jaren kort na de oorlog: “In die tijd was pa Büchner, de vader van Werner en Dieter, coach en wel een zeer bijzondere. Vooral ten aanzien van zijn terminologie, hij was van Duitse komaf en hij hanteerde langs de lijn de Duitse termen, zo brulde hij “unter die Billen”, wanneer hij vond dat de scrum niet laag genoeg inkwam, de line-out was “die Gasse” en de scrum “Gedrängel”, opmerkelijk was, dat niemand daar aanstoot aan nam en dat vlak na de oorlog”.

Een markante man dus, die het verdiende om erelid te zijn. Wel opmerkelijk, dat hij in 1989 postuum tot erelid werd benoemd, terwijl hij dat blijkens het in memoriam van Jaap van den Berge uit 1963 al was. Blijkbaar dus een “vergeten” erelid, niet alleen door de club, maar ook door Jaap van den Berge.

Zie ook ‘De eerste interland na de oorlog’.

Café-restaurant Prinses Margriet (jaren ’50)

 

1963 advertentie Prinses Margriet in ScrumAdvertentie van café-restaurant Prinses Margriet in De Scrum in de jaren ’60

In Bussums Nieuws van 2 maart 2011 stond een berichtje over lezer Jan Schippers, die  45 jaar geleden rijexamen deed vanuit café-restaurant Prinses Margriet op de hoek Brediusweg / Vossiuslaan: “Het CBR nam destijds in een rokerig bovenzaaltje van Prinses Margriet de theorie-examens af. En bij dit ietwat morsige café-restaurant vertrokken ook de examenkandidaten met hun lesauto’s, om er blij of in-verdrietig weer terug te keren“.

R-28Het voormalige Bussumse café-restaurant Prinses Margriet op de hoek van de Brediusweg en de Vossiuslaan

Maar Prinses Margriet was ook jarenlang de plaats van samenkomst van RC ‘t Gooi vóór de uitwedstrijden en na de thuiswedstrijden. We hebben het dan vooral over de periode tot eind 1961, toen de Utrechtse Poort in de Naardense vesting ons clubhuis werd. Maar ook daarna werd wel bij Prinses Margriet verzameld. We vroegen enkele oud-spelers naar hun herinneren aan het voormalige café-restaurant. Joop Meijer weet nog, dat de familie Plat een eindje verder aan de Brediusweg woonde en met vier rugbyende zonen wilde het nog wel eens druk worden in huize Plat. Prinses Margriet diende dan als het verlengstuk van de huiskamer van de familie Plat. Hans van den Bovenkamp mocht in het begin nog niet met z’n vader Joop mee naar Prinses Margriet vanwege z’n jeugdige leeftijd, het bier en de rugbysongs. Maar dat is later allemaal goed gekomen… Sicco Scheltema herinnert zich, dat het prima ging, als je er met een klein groepje kwam, maar als we met de tegenstanders kwamen konden ze het eigenlijk niet aan en al helemaal niet als het om een groep dorstige Engelsen ging. We gingen dan naar het bovenkamertje en als je dan met je zes biertjes boven kwam waren ze onderweg “verdampt”.

CA-31AHet interieur van het bovenzaaltje van Prinses Margriet

In het bovenzaaltje hadden de rijexaminatoren elk een eigen tafeltje. Op de bordjes zijn de namen te onderscheiden van Lette en Krayenbrink. Het winterlandschap op de achterwand werd in 1945 geschilderd door de bekende Bussumse kunstenaar Jan Verhoeven. Café-restaurant Prinses Margriet stond op de plaats waar nu de ABN Amro Bank staat. Het was niet alleen de oproepplaats voor rijexamens, maar ook een bekend biljartcafé, met drie Wilhelmina-biljarts, waarvan één officieel wedstrijdbiljart. Na een lange tijd van leegstand brandde het op 4 juli 1979 geheel af, vermoedelijk door spelende kinderen.

CA-33AOok voor biljarters

 1963-12-02 Scrum Feest in Prinses MargrietAankondiging van rugbyfeest in Prinses Margriet in De Scrum van 2 december 1963

 CA-34AHet interieur van Prinses Margriet

De foto’s bij dit artikel zijn afkomstig uit de Collectie M.J.M. Heyne Bussum (www.beeldvanbussum.nl), waarvoor hartelijk dank!

 

Felicitaties en herinneringen, door Tibor Snelders

Handig, internet. Ik kreeg het e-mailadres van Tibor Snelders te pakken en  vroeg hem om me vanuit het buitenland een felicitatiefilmpje voor op de lustrumwebsite te sturen. “Ben niet goed met computers etc., weet dus ook niet hoe je een filmpje moet maken. Concentreer me dus maar op het geschreven woord“, schreef hij terug. Hier volgt zijn verhaal.

foto029Gooi 13-14 maart 1978, bij AAC Heineken Sevens, achter: Marco Cupedo, Peter Jacobs, Jeroen Snijders Blok, Ton Jacobs, Rene van Latum, voor: Mark Dekker, Tibor Snelders, Vincent Snijders Blok, Guus Lakeman

Ik, Tibor Snelders, wil hierbij het gehele Gooi feliciteren met het 80-jarige jubileum. Wie had dat ooit gedacht, ik zeker niet, dat ‘t Gooi nog steeds zou bestaan. En wat voor een bestaan! Sinds mijn emigratie naar Nieuw-Zeeland in september 1980 is ‘t Gooi gegroeid naar een “force”, waar heel rugby-Nederland rekening mee heeft te houden. Niet alleen op clubniveau maar gelukkig ook op rugbyniveau: de laatste jaren een topclub met topresultaten. Ik had dat zeker niet verwacht. In mijn tijd was het net een jojo: het ene jaar in de ereklasse, het andere jaar er weer uit.

Tibor Parijs-03In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders rechts, Eddy Willems links

Hoe ben ik met rugby in contact gekomen? Na een succesvolle atletiekcarrière op de midden- en lange afstanden en een gebroken been zocht ik naar iets anders. Je kent dat wel, na serieuze sport iets luchtigers met veel feestjes, lachen en met je kameraden er op uit. Ook een beetje sport natuurlijk. Dacht dat ik via Jack Heer, hoe weet ik niet meer (weet jij dat nog Jack?), in aanraking kwam met rugby. Zo rond de jaren 1963/1964. Niet speciaal er voor “gebouwd”, maar mijn snelheid had ik mee en dat was mijn pluspunt. Na niet al te lange tijd werd ik al in het eerste team opgenomen.

Tibor Parijs-04

In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders rechts, naast de scrum

Herinner me nog als de dag van gisteren een van mijn eerste wedstrijden voor het eerste team. Tegen wie? Natuurlijk tegen onze lokale rivaal Hilversum. Positie: wing (vanwege snelheid). Zoals dat gaat, op een bepaald moment had Jan Rosman (toen internationaal spelende voor Biarritz, dacht ik) de bal en zou een try drukken. Mooi niet dacht ik weer, zal Jan even pakken. Nou die tackle ging goed, de try werd voorkomen, maar ik had wel gelijk een gekneusd sleutelbeen. Deed dus even pijn. De volgende wedstrijden speelde ik met “bescherming” (van schuimrubber) in mijn shirt. Zag er ineens een stuk gevaarlijker en indrukwekkender uit (goed voor de tegenstanders). Was ik toen een trendsetter voor dergelijke shirts? Zo’n tien jaar geleden zag je ineens ook internationals met beschermende padding spelen. Nu is dat niet meer zo, geloof ik. Al spelende “klom” ik op in de opstelling en uiteindelijk kwam ik dan op mijn plek: scrumhalf. En dat heb ik gespeeld totdat ik stopte.

Tibor Parijs-01In Parijs, april 1970, tegen St. Denis. Tibor Snelders kijkt ons aan. 

Nog een gebeurtenis die ik niet snel vergeet, was een wedstrijd in Parijs. Mijn vriendin Maud ging ook mee, kon ik mooi eens “indruk” op haar maken met mijn “internationale” carrière. Het was een modderbad en we verloren natuurlijk.Tibor Parijs-02 Maar de Fransen waren zo onder de indruk, dat ze nog wel een tweede wedstrijd tegen ons wilden spelen, tegen hun tweede of zo. Lekker Frans weet je wel, als ze maar kunnen winnen is alles goed. Ook die verloren we, maar ik werd toen “en passant” tijdens het spel even flink met mijn gezicht in de modder gedrukt. Resultaat: kon niets meer zien. Liep naar de kant en vroeg mijn “lieve” vriendin me even schoon te maken… Mooi niet, “veel te vies en jij wil toch zo graag spelen..? Je zoekt het zelf maar uit”.

Tibor met gezicht onder de modder

Desondanks is zij toch met me getrouwd en nog gelukkig na 43 jaar. Er was ook een “gefluister”, dat de Nederlandse bondscoach wel wat zag in “die kleine”..: voor het jeugdteam. Helaas, door wie weet ik niet, werd er terug gefluisterd, dat ik wel een paar jaartjes boven de “onder-21-team” grens was. Jammer, dat was dus gelijk het begin en het einde van mijn internationale rugbycarrière. Herinner me ook, dat er een nieuw bestuur kwam, Hans Plat, financiën, Hans Grader, voorzitter, en ik zou dan de jeugd voor mijn verantwoording nemen. Toen werd het concept van een team van leiders rond de jeugdteams gevormd. We realiseerden ons, dat de club het van de jeugd moest hebben om te groeien en de kwaliteit van rugby te verhogen. Per jeugdteam werden een manager (organiseren), een trainer (alleen training) en een coach (wedstrijd coaching) aangesteld. Na veel praten hadden we dat voor elkaar en ik denk dat dit het begin is geweest van de opkomst en groei van onze jeugdleden.

Tibor Jack SpanjeTibor en Jack in Spanje aan het werk

Wat nog meer? Je ontdekt kameraadschap en vriendschap. Jack en ik hebben samen een halfjaar in Spanje in een nachtclub gewerkt; de verhalen blijven alleen “tussen ons”… In september 1980 zijn we naar Nieuw-Zeeland afgevaren, of eigenlijk gevlogen. Daar heb ik ook nog een paar jaar gespeeld. Maar ja, het verschil in kwaliteit tussen Nederland en Nieuw-Zeeland was zo groot..: iedereen liep links en rechts over en langs me heen. Speelde in het “presidentsteam”, voor over 35 jarigen. Als scrumhalf, maar als er gewonnen moest worden tegen sterke tegenstanders, dan kwamen er ineens veel jongere spelers te voorschijn en stond ik er dus naast. Enfin, werd ook een dagje ouder, liep tegen de 40 en ben er toen mee gestopt.

Tibor 77870002Paul en Annet Würster op bezoek bij de familie Snelders

Contact is er toch altijd wel gebleven met de club. Pim van Doesburg was in Australië voor zaken en kwam even langs wippen. Peter en Tineke Jacobs wipten ook even binnen, Guus Lakeman kwam ook met de backpack. En in de laatste jaren Paul en Annet Würster (met vrienden). Rond 2004 “wipte” ik even langs om wat oude makkers te zien, was een leuke reünie en in 2008 was ik weer van de partij voor het 75-jarig jubileum. Was even overgevlogen.., je kent dat wel.., dat doe je dan even.

Tibor CCF21032013_00000Weerzien in 2004

We hebben een geweldige tijd gehad in Nieuw-Zeeland, het land is erg goed voor ons geweest. Heb er dingen gedaan en bereikt (o.a. ijs en yoghurt gemaakt), die ik in Nederland nooit zou hebben gedaan. Helaas.., Bjorn (onze zoon) was na zijn studie naar Europa gegaan om wat “ervaring” op te doen. Wel, dat duurde zo’n 10 jaar en hij kwam niet meer terug, trouwde met een “lovely” British girl. Kreeg een dochter en toen een tweede dochter. Dat deed ons besluiten om terug te komen naar Europa, om van onze zoon en zijn familie te kunnen genieten. Wie had dat ooit gedacht, dat we op onze oude dag nog eens zouden emigreren. Na 31 jaar in Nieuw-Zeeland gewoond te hebben, vertrokken we in mei 2011 naar Engeland en hebben ons in Surrey gevestigd.

Tibor en Jack 2008Tibor Snelders en Jack Heer bij het lustrum in 2008

Heeft het ons leven veranderd? Zeker weten, we genieten van onze 2 kleindochters, eerst woonden we een wereld van elkaar en nu (letterlijk) om de hoek. Wel even wennen.. Van 5 hectare “tuin” in Nieuw-Zeeland naar een typisch UK “huisje-met-klein-tuintje“. Maar we genieten..; niet van het weer, helaas. RC ‘t Gooi: nogmaals gefeliciteerd en op naar de volgende 80 jaar! Zal zeker proberen dit lustrumjaar nog even langs te wippen, maar dan moeten jullie wel van Hilversum winnen…

Zie ook het fotoalbum Parijs 1970, met foto’s van de modderwedstrijd tegen St. Denis.